Niet-betaling in de btw
Einde inhoudsopgave
Niet-betaling in de btw (FM nr. 152) 2018/2.4:2.4 Het rechtskarakter van de btw
Niet-betaling in de btw (FM nr. 152) 2018/2.4
2.4 Het rechtskarakter van de btw
Documentgegevens:
dr. mr. B.G.A. Heijnen, datum 01-03-2018
- Datum
01-03-2018
- Auteur
dr. mr. B.G.A. Heijnen
- JCDI
JCDI:ADS500628:1
- Vakgebied(en)
Invordering / Algemeen
Omzetbelasting / Algemeen
Europees belastingrecht / Belastingen EU
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Om de centrale onderzoeksvraag van dit onderzoek (paragraaf 1.3) te kunnen beantwoorden en conclusies te kunnen trekken over de kwaliteit van het Unierecht en het nationale recht bij niet-betaling is het van belang het recht te toetsen aan het rechtskarakter van de btw. Het rechtskarakter beschrijft – naar zal blijken – (i) wie, (ii) wat en (iii) op welke wijze de btw beoogt te belasten. Bij dit laatste element is een belangrijke rol weggelegd voor het neutraliteitsbeginsel. Als toepassing van art. 90 Btw-richtlijn en/of art. 29 Wet OB 1968 ertoe leidt dat iemand of iets anders wordt belast of er op een andere wijze wordt belast, dan door de (Unie)wetgever beoogd, dan zegt dat iets over het gebrek aan kwaliteit van het recht. Voordat ik op de hiervoor bedoelde elementen van het rechtskarakter en het neutraliteitsbeginsel afzonderlijk inga (paragraaf 2.4.2 – 2.4.5) plaats ik in paragraaf 2.4.1 enkele algemene opmerkingen over het rechtskarakter van de btw. De normatieve waarde van het rechtskarakter bespreek ik vervolgens in paragraaf 2.4.6. Ik rond deze paragraaf af met een tussenconclusie (paragraaf 2.4.7).
2.4.1 Algemene opmerkingen over het rechtskarakter van de btw2.4.2 Subject van heffing2.4.3 Object van heffing2.4.4 Wijze van heffing2.4.5 Intermezzo: de verschijningsvormen van het neutraliteitsbeginsel2.4.6 De normatieve waarde van het rechtskarakter van de btw2.4.7 Tussenconclusie rechtskarakter