Einde inhoudsopgave
Milieuaansprakelijkheid van leidinggevenden 2021/II.3.2
II.3.2 Over de selectie en samenstelling van jurisprudentie van deze paragraaf
mr. T.R. Bleeker LLM, datum 01-11-2021
- Datum
01-11-2021
- Auteur
mr. T.R. Bleeker LLM
- JCDI
JCDI:ADS460330:1
- Vakgebied(en)
Bestuursrecht algemeen (V)
Voetnoten
Voetnoten
Zie bijvoorbeeld: Rb. Gelderland 31 maart 2017, ECLI:NL:RBGEL:2017:2442; Hof Arnhem-Leeuwarden, 21 november 2018, ECLI:NL:GHARL:2018:10122; Rb. Oost-Brabant 28 mei 2018, ECLI:NL:RBOBR:2018:2548, M&R 2018/89, m.nt. Velthuis; Rb. Zutphen 26 maart 2012, ECLI:NL:RBZUT:2012:BV9954; Hof ’s-Hertogenbosch 24 januari 2012, ECLI:NL:GHSHE:2012:BV2504; Rb. Arnhem 12 juli 2012, ECLI:NL:RBARN:2012:BX7093; Rb. Oost-Brabant 30 oktober 2019, ECLI:NL:RBOBR:2019:6263. Andersom (primair feitelijk leidinggeven secundair plegen) gebeurde in Rb. Overijssel 14 november 2019, ECLI:NL:RBOVE:2019:4227.
Zie bijvoorbeeld Hof Arnhem-Leeuwarden 21 november 2018, ECLI:NL:GHARL:2018:10122; Rb. 31 maart 2017, ECLI:NL:RBGEL:2017:2442. Behalve in Rb. Oost-Brabant 28 mei 2018, ECLI:NL:RBOBR:2018:2548, M&R 2018/89, m.nt. Velthuis, waar de rechter wel ging voor de weg van plegen.
Wanneer wordt uitgegaan van een ‘vergeestelijkte interpretatie van het delict’ spelen de IJzerdraadcriteria geen rol bij het achterhalen van de functionele pleger. Zie hieromtrent par. II.3.4.3.
Voor deze paragraaf heb ik getracht alle zaken te vinden waarin een natuurlijk persoon met een leidinggevende functie wordt aangesproken als pleger van een milieudelict van de afgelopen twee decennia. Ik heb gezocht naar uitspraken van zowel de Hoge Raad als van de feitelijke instanties. Deze zoekopdracht heeft echter niet veel jurisprudentie opgeleverd; in totaal kwam ik in het milieustrafrecht slechts vijftien zaken tegen waarin een leidinggevende in de tenlastelegging werd aangesproken als pleger.
In een aantal zaken is de leidinggevende niet slechts aangeklaagd voor het plegen van een milieudelict, maar is er subsidiair deelneming (vaak feitelijk leidinggeven) aan dit delict tenlastegelegd.1 In dergelijke gevallen heb ik de uitspraak alleen geselecteerd voor dit overzicht, als de zaak overwegingen bevat met betrekking tot het plegerschap van de aangesproken leidinggevende. In veel zaken met deelneming in het subsidiair tenlastegelegde, kiest de rechter ervoor om het plegerschap van de leidinggevende in het midden te laten en te kiezen voor feitelijk leidinggeven. Dergelijke zaken hebben het dan ook niet tot de selectie voor deze paragraaf geschopt.2
Er zijn verschillende verklaringen denkbaar voor deze toch wel schamele opbrengst. Ten eerste zijn de zaken waarin de eidinggevende wordt aangesproken als pleger lastiger vindbaar dan zaken waarin een leidinggevende wordt aangesproken als deelnemer. Bij deelneming wordt in het dictum en in de tenlastelegging expliciet gesteld dat de verdachte het delict heeft ‘medegepleegd’ of ‘opdracht / feitelijk leiding heeft gegeven’ aan de verboden gedraging. Bij plegerschap wordt slechts de delictsgedraging herhaald, daardoor is er – anders dan bij de deelnemingsvormen – geen delictsonafhankelijke zoekterm om het gevalstype van plegerschap te achterhalen; je moet zaken waarin gepleegd wordt in zekere zin tegenkomen.
Functionele plegers lijken op het eerste gezicht makkelijker te vinden, omdat kan worden gezocht op een verwijzingen naar of criteria van het IJzerdraad-arrest of het Drijfmest-arrest. Het functionele plegerschap wordt echter niet altijd vastgesteld aan de hand van de toerekeningsformule.3 Bovendien spelen de IJzerdraad-criteria ook een rol bij andere daderschapsvormen, bijvoorbeeld bij het daderschap van de rechtspersoon in het kader van het specifieke accessoriteitsvereiste voor feitelijk leidinggeven. Desondanks heb ik denk ik de meeste, of naar mijn idee in ieder geval de belangrijkste zaken gevonden. De verschillende combinaties van zoektermen leverden op een gegeven moment geen nieuwe uitspraken op, wat doet vermoeden dat de zoekopdracht een punt van verzadiging bereikt heeft.
Een andere verklaring voor het beperkte aantal zoekresultaten, is dat de aansprakelijkheidsfiguur plegen (nog) weinig benut wordt door OM en rechters voor het aanspreken van leidinggevenden. In de context van het milieustrafrecht is dit opmerkelijk, want gelet op de criteria die voor de aansprakelijkheidsfiguren gelden, is deelneming aan een milieudelict lastiger te bewijzen dan het plegen van een milieudelict. Ik kom in paragraaf II.6 van dit hoofdstuk nog terug op deze verklaring.