Einde inhoudsopgave
Milieuaansprakelijkheid van leidinggevenden 2021/II.3.3
II.3.3 Fysiek plegen
mr. T.R. Bleeker LLM, datum 01-11-2021
- Datum
01-11-2021
- Auteur
mr. T.R. Bleeker LLM
- JCDI
JCDI:ADS460329:1
- Vakgebied(en)
Bestuursrecht algemeen (V)
Voetnoten
Voetnoten
De Hullu 2018, p. 179.
De daderschapsvormen vertonen overlap, dus soms zal in een dergelijke gevalstype ook een andere daderschapsvorm van toepassing zijn, bijvoorbeeld feitelijk leidinggeven.
Rb. Oost-Brabant 23 juli 2014, ECLI:NL:RBOBR:2014:4153, M&R 2014/140, m.nt. Van Ham, de leidinggevende heeft het ten laste gelegde onder twee deels zelf verricht.
HR 11 februari 2020, ECLI:NL:HR:2020:233, M&R 2020/34, m.nt. Velthuis. In cassatie liep de aansprakelijkheid van deze leidinggevende erop vast omdat artikel 173a Sr slechts het in de ‘buitenlucht’ brengen van gevaarlijke stoffen verboden stelt.
Zie bijvoorbeeld Rb. Den Haag 25 april 2012, ECLI:NL:RBSGR:2012:BW5675 ten aanzien van feit 3, waarin de opdrachtgever werd veroordeeld voor het slopen van een schuur met asbest zonder het daarvoor vereiste asbestinventarisatierapport.
‘Meestal heeft de dader het gewoon gedaan’, merkt De Hullu op in zijn slotopmerkingen over strafrechtelijk daderschap. Hij wijst er vervolgens op dat in de meeste strafzaken de natuurlijke persoon met fysieke handelingen, gewilde spierbewegingen voorop staat.1 Bij dit gevalstype past de aansprakelijkheidsfiguur fysiek plegen het beste.2 De fysieke pleger is degene die zelf alle bestanddelen van het delict vervult, waarbij hij de delictsgedraging eigenhandig (‘fysiek’) verricht. Bij de fysieke pleger is er geen tussenkomst van een andere betrokkene nodig om een strafbaar feit te plegen. Er hoeft niets te worden toegerekend, en daarom gelden voor het daderschap van de fysieke pleger geen aanvullende voorwaarden op de delictsbestanddelen.
In een aantal gevallen van de bestudeerde jurisprudentie heeft de aangesproken natuurlijke persoon (ook) eigenhandig een aantal van de verboden gedragingen verricht. Zo heeft de leidinggevende in de zaak van de Rechtbank Oost-Brabant van 23 juli 2014 zelf met asbest gewerkt zonder de benodigde certificering en asbest geëxporteerd naar België in strijd met de Verordening betreffende de overbrenging van afvalstoffen.3 En de eigenaar van het afhaalrestaurant die aansprakelijk werd gesteld voor het in de lucht brengen van koolmonoxide in de zin van artikel 173a Sr, is zelf (met zijn broer) naar de Bo-Rent gegaan om een aggregaat te huren en heeft deze zelf geplaatst bij de ingang van het restaurant, met een gevaarlijke koolmonoxidegasconcentratie in zijn restaurant en de bovengelegen woningen tot gevolg.4 Wanneer de leidinggevende zelf zijn handen heeft bevuild en daarmee eigenhandig alle bestanddelen van het delict vervult, kan hij vanzelfsprekend worden aangesproken als fysieke pleger.
Hoe ‘fysiek’ het fysieke plegen is, hangt af van de aard van het delict. Voor lang niet elk delict is namelijk een fysieke beweging nodig; sommige delicten verbieden niet een bepaalde gedraging, maar een bepaalde toestand of een bepaald type nalaten.5 Het vervullen van de objectieve zijde van dergelijke delicten kan zonder fysieke handeling. Het economische strafrecht, en zeker het milieustrafrecht, kent veel van dergelijke delicten. In een vergunning staan bijvoorbeeld vaak bepalingen over voorzieningen die op de inrichting aanwezig moeten zijn. Of denk bijvoorbeeld aan het gebod met betrekking tot ‘ongewone voorvallen in een inrichting’ van artikel 17.1 lid 1 Wm:
“Indien zich in een inrichting een ongewoon voorval voordoet of heeft voorgedaan, waardoor nadelige gevolgen voor het milieu zijn ontstaan of dreigen te ontstaan, treft degene die de inrichting drijft, onmiddellijk de maatregelen die redelijkerwijs van hem kunnen worden verlangd, om herhaling of de gevolgen van dat voorval te voorkomen of, voor zover die gevolgen niet kunnen worden voorkomen, zoveel mogelijk te beperken en ongedaan te maken.”
Artikel 17.1 Wm is ruim geformuleerd; het gebiedt om in een bepaalde situatie op een bepaalde manier te handelen, waardoor zelfs zuiver nalaten verboden kan zijn. Dit voorbeeld illustreert dat de term ‘fysiek plegen’ eigenlijk te beperkt is. Maar ik gebruik hem hier als tegenhanger van functioneel plegerschap; dus wanneer de pleger eigenhandig (zonder tussenkomst van een ander) de delictsgedraging verricht.