Einde inhoudsopgave
Het besluit van de rechtspersoon (VDHI nr. 162) 2020/V.2
V.2 Non-existente huwelijken
mr. K.A.M. van Vught, datum 20-11-2019
- Datum
20-11-2019
- Auteur
mr. K.A.M. van Vught
- JCDI
JCDI:ADS178756:1
- Vakgebied(en)
Ondernemingsrecht / Rechtspersonenrecht
Voetnoten
Voetnoten
Zie o.m. HR 17 november 1966, NJ 1968/1, m.nt. Veegens, HR 16 november 1990, NJ 1991/74, rov. 4.2 en HR 21 maart 1997, NJ 1997/381, rov. 3.3.
Van der Burght/Doek 2002/178, Asser/De Boer, Kolkman & Salomons 1-II 2016/163 en GS Personen- en familierecht/Vlaardingerbroek 2018, afd. 5 Boek 1 BW, aant. 2.
Hof Amsterdam 7 november 1972, NJ 1973/66 en HR 16 november 1990, NJ 1991/74, rov. 4.2. Zie ook Parl. Gesch. Boek 1 BW, p. 223 (TM).
HR 17 november 1966, NJ 1968/1, m.nt. Veegens, Rb. Haarlem 12 januari 1971 en Rb. Amsterdam 13 april 1971, beide te kennen uit WPNR 1974/5247, p. 57, Hof Amsterdam 8 februari 1974, NJ 1974/363 en Rb. Limburg 7 augustus 2014, ECLI:NL:RBLIM:2014:7123, rov. 4.2. Zie ook Parl. Gesch. Boek 1 BW, p. 223 (TM) en 214- 215 (MvA II), alsmede Asser/De Boer, Kolkman & Salomons 1-II 2016/108 en 111, en GS Personen- en familierecht/Vlaardingerbroek 2018, afd. 5 Boek 1 BW, aant. 2.
Zie voor meer gevallen § 7.3 hierna.
Ogenschijnlijk bevat de wet een betrekkelijk eenvoudige regeling van het onvolkomen huwelijk. Art. 1:69 BW bepaalt dat een beperkte kring van personen de rechter kan verzoeken een huwelijk te vernietigen, en wel op de algemene grond dat niet is voldaan aan de eisen die de wet voor het aangaan van een huwelijk stelt. Zo verbiedt de wet een polygaam, incestueus of gedwongen trouwen (art. 1:33, 41 resp. 71 BW).1 Vervolgens regelt art. 1:76 BW dat de rechter een huwelijk slechts vernietigt indien een van die wettelijke vernietigingsgronden opgaat. Daarnaast kan de rechter een gestuit (maar toch voltrokken) huwelijk vernietigen, bijvoorbeeld wanneer sprake is van een schijnhuwelijk. Art. 1:50 BW geeft een limitatieve opsomming van de stuitingsgronden.2 Een huwelijk is kortom nimmer nietig. Het is louter vernietigbaar door de rechter op de gronden die de wet noemt. Pas de nullité sans texte.
Het wordt minder eenvoudig voor wie de parlementaire geschiedenis erbij betrekt. Meijers heeft de beperkte nulliteitenregeling namelijk bedacht voor ‘dat, wat aan de vormelijke vereisten door het wetboek aan een huwelijksvoltrekking gesteld, voldoet.’ Het moet gaan om ‘een uitwisseling van verklaringen tussen man en vrouw ten overstaan van een ambtenaar van de burgerlijke stand, inhoudende, dat zij elkaar over en weer tot vrouw en tot man aannemen.’ Is daarvan geen sprake, dan is geen huwelijk voltrokken.3 De rechter hoeft, aldus nog steeds Meijers, dat non- huwelijk niet te vernietigen. Het bestaat niet.
Meijers’ non-existentieleer heeft in de parlementaire geschiedenis,4 de rechtspraak5 en de literatuur6 alom navolging gevonden. Tot grote praktische problemen leidt zij niet: maar hoogstzelden is een ‘huwelijk’ zo gebrekkig dat het (mogelijk) non-existent is. Nog het minst obscuur zijn het geval waarin huwelijkse verklaringen ontbreken7 of waarin het huwelijk is voltrokken door een ander dan een ambtenaar van de burgerlijke stand.8,9