Einde inhoudsopgave
RvdW 2017/859
Politiële en justitiële samenwerking in strafzaken. Europees aanhoudingsbevel en procedures van overlevering tussen de lidstaten. Gronden tot facultatieve weigering van de tenuitvoerlegging. Art. 4 punt 6 Kaderbesluit 2002/584/JBZ. Verbintenis van de uitvoerende lidstaat om de straf overeenkomstig zijn nationale recht ten uitvoer te leggen. Toepassing. Verplichting tot conforme uitlegging.
HvJ EU 29-06-2017, ECLI:EU:C:2017:503 (Daniel Adam Popławski)
- Instantie
Hof van Justitie van de Europese Unie
- Datum
29 juni 2017
- Magistraten
J.L. da Cruz Vilaça, A. Tizzano, M. Berger, A. Borg Barthet, F. Biltgen
- Zaaknummer
C-579/15
- Conclusie
A-G Y. Bot
- Roepnaam
Daniel Adam Popławski
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- Vakgebied(en)
Internationaal strafrecht / Justitiële en politionele samenwerking
- Brondocumenten
ECLI:EU:C:2017:503, Uitspraak, Hof van Justitie van de Europese Unie, 29‑06‑2017
ECLI:EU:C:2017:116, Conclusie, Hof van Justitie van de Europese Unie (Advocaat-Generaal), 15‑02‑2017
- Wetingang
Art. 4 punt 6 Kaderbesluit 2002/584/JBZ
Essentie
Daniel Adam Popławski.
Verzoek om een prejudiciële beslissing, ingediend door de Rechtbank Amsterdam (Nederland) bij beslissing van 30 oktober 2015.
Politiële en justitiële samenwerking in strafzaken. Europees aanhoudingsbevel en procedures van overlevering tussen de lidstaten. Gronden tot facultatieve weigering van de tenuitvoerlegging. Art. 4 punt 6 Kaderbesluit 2002/584/JBZ. Verbintenis van de uitvoerende lidstaat om de straf overeenkomstig zijn nationale recht ten uitvoer te leggen. Toepassing. Verplichting tot conforme uitlegging.
Art. 4 punt 6 van Kaderbesluit 2002/584/JBZ van de Raad van 13 juni 2002 betreffende het Europees aanhoudingsbevel en de ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.