RvdW 2026/452:Witwassen van geldbedrag (€ 87.000) in zak van badjas in woning van verdachte, art. 420bis lid 1 onder b Sr. Beroep op niet ontvankelijkheid OM in vervolging, nu deel van de onder verdachte inbeslaggenomen administratie in het ongerede is geraakt, art. 359a Sv en art. 6 EVRM. HR: Om redenen vermeld in CAG leidt middel niet tot cassatie. CAG: Hof heeft verweer verworpen, omdat geen sprake is van  ongelijk speelveld’ en recht van verdachte op eerlijk proces niet is tekortgedaan. Hiermee heeft hof tot uitdrukking gebracht dat door het vermoedelijk in het ongerede geraakt zijn van deel van administratie die onder verdachte in beslag is genomen, niet zodanig ernstige inbreuk op recht van verdachte op eerlijke behandeling van haar zaak is gemaakt dat (‘the proceedings as a whole’ genomen) geen sprake meer kan zijn van eerlijk proces a.b.i. art. 6 EVRM. Dat oordeel is niet onbegrijpelijk en toereikend gemotiveerd. Gelet hierop kon hof het verweer strekkende tot niet-ontvankelijkverklaring OM verwerpen op de grond dat recht van verdachte op eerlijk proces niet is tekortgedaan. Verwerping van verweer getuigt dan ook niet van onjuiste rechtsopvatting en is toereikend gemotiveerd. Volgt verwerping.