Einde inhoudsopgave
Het beheerplan voor Natura 2000-gebieden (SteR nr. 17) 2014/9.4.5
9.4.5 Beheerplannen voor Natura 2000-gebieden
mr. drs. S.D.P. Kole, datum 31-01-2014
- Datum
31-01-2014
- Auteur
mr. drs. S.D.P. Kole
- JCDI
JCDI:ADS443722:1
- Vakgebied(en)
Natuurbeschermingsrecht / Algemeen
Natuurbeschermingsrecht / Gebiedsbescherming
Natuurbeschermingsrecht (V)
Voetnoten
Voetnoten
Art. 4.6, lid 1 sub a Wb (Nationale waterplan), art. 4.11, lid 1 sub a Wb (Regionale waterplannen) en art. 4.16, lid 1 sub a Wb (Waterplannen).
Bijlage IV van de Krw.
Ministerie van LNV 2005b, p. 31-32.
Ministerie van LNV 2005b, p. 32 en 39.
Dit is alleen mogelijk voor zover het water in een Natura 2000-gebied onderdeel uit-maakt van een stroomgebied. Op ‘overige wateren’ is de Krw met de bijbehorende verplichtingen niet van toepassing.
Een uitgebreide analyse van de beschikbare (ontwerp) beheerplannen is te vinden in hoofdstuk 5. Genoemd hoofdstuk bevat een analyse van alle (ontwerp) beheerplannen die vóór of uiterlijk op 1 juli 2013 zijn vastgesteld.
In de beheerplannen voor de Natura 2000-gebieden Abdij Lilbosch & voormalig klooster Mariahoop en de Voordelta is geen waterparagraaf opgenomen.
Deze vraag is niet relevant voor het Natura 2000-gebied Westduinpark & Wapendal. In dit gebied liggen geen waterlichamen die vallen onder de werking van de Krw.
Art. 4, lid 1 sub c jo. Bijlage IV (Beschermde gebieden), art. 1, nummer v).
Ministerie van EL&I 2011, p. 62.
Provincie Zuid-Holland 2010, p. 11.
Rijkswaterstaat 2008b, p. 86-87.
Provincie Zuid-Holland 2012b, p. 21.
Provincie Zuid-Holland 2012, p. 30.
Het betreft maatregel 7 en 12. Zie Provincie Friesland 2010, p. 163-164. De aanleg van natuurvriendelijke oevers expliciet gekoppeld aan andere noodzakelijk geachte instandhoudingsmaatregelen.
Het Wb bevat de verplichting om in alle waterplannen maatregelen in de zin van artikel 11 Krw op te nemen.1 Hieronder wordt verstaan: een maatregelenprogramma waarin milieudoelstellingen voor oppervlaktewateren, grondwater en beschermde gebieden zijn opgenomen. De Natura 2000-gebieden (Vrl- en Hrl-SBZ’s) vallen onder de categorie beschermde gebieden.2 In de meeste waterplannen ontbreekt een concrete uitwerking van de maatregelen die nodig zijn om de Krw-doelstellingen te realiseren. Dit is niet in strijd met het Unierecht aangezien de Krw geen regels bevat met betrekking tot de vorm en de inhoud van het maatregelenprogramma. De richtlijn verplicht ‘enkel’ tot het realiseren van een goede ecologische en chemische kwaliteit van het oppervlakte- en het grondwater.3 Voor het ontbreken van concrete maatregelen in waterbeheerplannen zijn verschillende verklaringen. Soms ontbreken (concrete) maatregelen omdat die niet noodzakelijk worden geacht. In de meeste gevallen is het opstellen van maatregelen uitgesteld tot na het vaststellen van de instandhoudingsdoelstellingen en/ of de beheerplannen voor Natura 2000-gebieden. Dit maakt het mogelijk om de Krw-maatregelen af te stemmen op de Vrl en de Hrl. Het Ministerie van LNV (thans: EZ) gaat echter in de Handreiking beheerplannen uit van de omgekeerde benadering. Stroomgebiedbeheerplannen zijn ‘relevante plannen’ voor het vaststellen van beheerplannen voor Natura 2000-gebieden.4 De inhoud van het beheerplan moet worden afgestemd op die van de stroomgebiedbeheerplannen.5 Deze ‘afstemmingsplicht’ is niet wettelijk verankerd, en er bestaat geen instrument om een overtreding van dit gebod te sanctioneren. Het is de vraag in hoeverre bij het vaststellen van beheerplannen rekening is gehouden met de doelstellingen van de Krw, en of daarbij sprake is van afstemming met de instandhoudingsdoelstellingen van kwalificerende habitats en soorten.6 Een overzicht van de stand van zaken tot 15 juli 2013 is opgenomen in Tabel 8 (zie Tabel 8 aan het einde van dit hoofdstuk).
Op de genoemde peildatum waren voor 12 Natura 2000-gebieden (ontwerp-) beheerplannen vastgesteld.7 In 10 van de 12 beheerplannen is een (aparte) waterparagraaf opgenomen.8 De wijze waarop en de mate waarin rekening is gehouden met de doelstellingen van de Krw verschilt per beheerplan. In 8 van de 12 Natura 2000-gebieden waarvoor een beheerplan is vastgesteld bezit het oppervlakte- en grondwater niet de vereiste ecologische en chemische kwaliteit. Voor twee Natura 2000-gebieden (Abdij Lilbosch & voormalig klooster Mariahoop en Norgerholt) is het onduidelijk of de bestaande situatie voldoet aan de eisen van de Krw. De Lepelaarsplassen zijn het enige Natura 2000-gebied waarin het oppervlakte en het grondwater al voldoet aan de vereisten van de Krw.9 De huidige situatie is problematisch aangezien de waterkwaliteit en kwantiteit uiterlijk in beginsel in 2015 op orde moet zijn.10 In 6 van de 12 onderzochte beheerplannen ontbreken Krw maatregelen. Daarvoor zijn uiteenlopende redenen. Het ontbreken van maatregelen in het beheerplan voor de Lepelaarsplassen is logisch. In dit Natura 2000-gebied voldoet de waterkwaliteit aan de vereisten van de Krw. In de beheerplanen voor de Eilandspolder en polder Zeevang zijn ondanks het feit dat de waterkwaliteit niet voldoet aan de eisen van de Krw geen maatregelen opgenomen. De reden hiervoor is dat in het huidige stroomgebiedbeheerplan dergelijke maatregelen ontbreken. In het beheerplan voor het Natura 2000-gebied Westduinpark & Wapendal ontbreken maatregelen omdat de waterlichamen in dit gebied ‘niet vallen onder werking van de Krw’. De beheerplannen voor Abdij Lilbosch & voormalig klooster Mariahoop en Norgerholt bevatten in het geheel geen informatie over de Krw. In de overige beheerplannen zijn wel Krw-maatregelen opgenomen of worden deze in het vooruitzicht gesteld. Voor 3 Natura 2000-gebieden worden maatregelen in het voorzicht gesteld:
In het Natura 2000-gebied Deelen worden enkele pilots uitgevoerd om het effect van eerdere maatregelen te meten. Voor de periode na 2015 is geld gereserveerd voor maatregelen.11 Het Waterschap Hollandse Delta heeft voor een deel van het Natura 2000-gebied het Oudeland van Strijen ecologische en chemische doelen (inclusief het bijbehorende maatregelenpakket) vastgesteld. Gedeputeerde Staten van Zuid-Holland moeten de definitieve maatregelen nog vaststellen. Dat is afhankelijk van ‘nader onderzoek’ en de vraag of de voorgestelde maatregelen ‘haalbaar en betaalbaar’ zijn.12 Het beheerplan voor het Natura 2000-gebied Voordelta stelt vanwege de slechte chemische toestand van het water maatregelen in het vooruitzicht. Het is onduidelijk om wat voor maatregelen het gaat.13
De bovenstaande informatie is globaal van karakter en verschaft geen duidelijkheid over de vraag wanneer en op welke manier de waterkwaliteit in de betrokken Natura 2000-gebieden voldoet aan de eisen de Krw. Daarnaast ontbreekt een concrete uitwerking van de benodigde maatregelen. In de beheerplannen voor de Natura 2000-gebieden Groote Wielen, Solleveld & Kapittelduinen en Broekvelden zijn Krw-maatregelen opgenomen:
In het Natura 2000-gebied Solleveld & Kapittelduinen is de ecologische toestand van de duinwateren niet op orde. Dit probleem moet worden opgelost met behulp van een natuurlijker peilverloop en door middel van een actief biologisch beheer.14 Het Hoogheemraadschap van Rijnland voert in de periode 2009-2014 in polders rond het Natura 2000-gebied Broekvelden, Vettenbroek & Polder Stein allerlei beheersmaatregelen uit. Deze maatregelen komen vanwege de open verbindingen tussen de polders ‘ook ten goede’ aan het Natura 2000-gebied.15
Net als in andere beheerplannen ontbreekt een concrete uitwerking en/of een toelichting op de voorgestelde maatregelen. Uitgaande van de informatie in het beheerplan is bij het vaststellen van de Krw-maatregelen niet expliciet rekening gehouden met de doelstellingen van de Vrl/Hrl. Een uitzondering op het voorgaande is te vinden in het ontwerp-beheerplan voor het Natura 2000-gebied Groote Wielen. Genoemd plan bevat concrete Krw-maatregelen die zijn afgestemd op de instandhoudingsdoelstellingen voor de kwalificerende habitats en soorten in dit Natura 2000-gebied:
Het ontwerp-beheerplan voor het Natura 2000-gebied Groote Wielen stelt om aan de doelstellingen van de Krw te voldoen een aantal concrete (beheer-) maatregelen in het vooruitzicht. Een aantal van die maatregelen, de aanleg van vispassages en natuurvriendelijke oevers, zijn voorgesteld met het oog op de realisering van een gunstige staat van instandhouding van de Porseleinhoen, de Bittervoorn en de Noordse Woelmuis.16