Privaatrechtelijke handhaving van mededingingsrecht
Einde inhoudsopgave
Privaatrechtelijke handhaving van mededingingsrecht (R&P nr. 174) 2009/9.5.9.3:9.5.9.3 Eurowob en bewijsvergaring
Privaatrechtelijke handhaving van mededingingsrecht (R&P nr. 174) 2009/9.5.9.3
9.5.9.3 Eurowob en bewijsvergaring
Documentgegevens:
mr.dr. E.J. Zippro, datum 29-09-2009
- Datum
29-09-2009
- Auteur
mr.dr. E.J. Zippro
- JCDI
JCDI:ADS582367:1
- Vakgebied(en)
Mededingingsrecht / Toezicht en handhaving
Verbintenissenrecht / Schadevergoeding
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Het arrest Verein für Konsumenteninformation/Commissie is van aanzienlijk belang voor de privaatrechtelijke handhaving van het mededingingsrecht. In de zaak betreffende het Lombardclub-kartel waren door afnemers in de Verenigde Staten schadevergoedingsacties aanhangig gemaakt tegen de betrokken banken die een kartelafspraak hadden gemaakt over onder andere de rentevoet voor een aantal beleggingen en kredieten. Deze afnemers hebben met een beroep op alle mogelijke regelingen in Brussel de dossierstukken in handen willen krijgen, nu ze zeer bruikbaar waren voor de schadevergoedingsacties in de Verenigde Staten. Uiteraard hebben de banken dit met alle hun beschikbare juridische middelen proberen te voorkomen.
Het GvEA EG heeft in twee andere zaken uitspraak gedaan over de toegang tot het lombardclub-dossier. In de door de Costerreichische Postsparkasse en de Bank für Arbeit und Wirtschaft aanhangig gemaakte procedures heeft het GvEA EG bevestigd dat eindafnemers als belanghebbende kunnen worden aangemerkt in de zin van Verordening 1/2003 en procedureverordening 2842/ 98.1 Tevens werd bepaald dat de Commissie afnemers een afschrift kan verstrekken van een niet-vertrouwelijke versie van de Punten van Bezwaar. In de door Bank Austria Creditanstalt aanhangig gemaakte zaak heeft het GvEA EG de argumenten van tafel geveegd op grond waarvan Bank Austria Creditanstalt zich verweerde tegen openbaarmaking van de niet-vertrouwelijke tekst van de boetebeschikking2 Het belang van een beboete onderneming dat details van het inbreukmakend gedrag niet aan het publiek bekend worden gemaakt, verdient volgens het GvEA EG geen bijzondere bescherming. Het GvEA EG komt tot deze conclusie omdat het publiek zo ruim mogelijk kennis moet kunnen nemen van de gronden van elk optreden van de Commissie en omdat de gelaedeerden kennis moeten kunnen nemen van de details van een inbreuk om hun rechten jegens de bestrafte ondernemingen te kunnen uitoefenen.
Wat zijn nu de consequenties van de zojuist besproken arresten voor de Commissie? De Commissie dient bij een verzoek van de gelaedeerde op grond van de Eurowob gedetailleerd de mogelijkheden van openbaarmaking van de dossierstukken te onderzoeken. Bij dit onderzoek zullen — op het moment dat de Commissie zich niet meer kan beroepen op het belang van het onderzoek — de ondernemingen die onderwerp zijn van het dossier een rol spelen, nu de Commissie op grond van de Eurowob verplicht is de van de betrokken ondernemingen afkomstige documenten ter beoordeling aan hen voor te leggen. Het is te voorzien dat de overtreders van de mededingingsregels zich zullen beroepen op het feit dat de uitzonderingsgronden van de Eurowob zoals de bescherming van commerciële belangen in de zin van artikel 4, lid 2, eerste streepje, van verordening nr. 1049/2001 — op van hun afkomstige documenten van toepassing zijn, terwijl de gelaedeerden zullen aanvoeren dat vorderingen tot verkrijging van schadevergoeding een hoger openbaar belang zullen dienen zodat alsnog tot openbaarmaking zou moeten worden overgegaan.3