Het dwangakkoord buiten surseance en faillissement
Einde inhoudsopgave
Het dwangakkoord buiten surseance en faillissement (O&R nr. 118) 2020/4.16:4.16 Conclusie
Het dwangakkoord buiten surseance en faillissement (O&R nr. 118) 2020/4.16
4.16 Conclusie
Documentgegevens:
mr. A.M. Mennens, datum 01-01-2020
- Datum
01-01-2020
- Auteur
mr. A.M. Mennens
- JCDI
JCDI:ADS192803:1
- Vakgebied(en)
Insolventierecht / Faillissement
Ondernemingsrecht / Rechtspersonenrecht
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
183. In dit hoofdstuk formuleerde ik dertien uitgangspunten.
Meerwaarde voor de gezamenlijke vermogensverschaffers
Het pre-insolventieakkoord moet voor de gezamenlijke vermogensverschaffers meerwaarde realiseren ten opzichte van het scenario dat waarschijnlijk zou volgen wanneer het akkoord niet tot stand zou komen.
Individuele vermogensverschaffers mogen niet slechter af zijn dan in het alternatieve scenario
Een individuele vermogensverschaffer mag als gevolg van een gehomologeerd akkoord niet in een slechtere positie geraken dan in het alternatieve scenario, tenzij hij instemde met deze verslechtering.
Verdeling reorganisatiewaarde in beginsel conform rangorde
De rangorde die tussen vermogensverschaffers geldt, moet bij de verdeling van de reorganisatiewaarde in het akkoord worden gerespecteerd. Afwijking van de rangorde kan slechts plaatsvinden indien een klasse die nadeel ondervindt van die afwijking bij meerderheid instemt met het akkoord of er een toereikende rechtvaardiging voor deze afwijking bestaat.
Tijdig ingrijpen, maar slechts in geval van pre-insolventie
Het pre-insolventieakkoord mag tot stand komen vanaf het moment dat de financiële moeilijkheden van dien aard zijn dat een faillissement onvermijdelijk lijkt.
Inhoud akkoord nauw verband met beoogde herstructurering
De inhoud van het akkoord moet nauw verband houden met de beoogde meerwaarde-creërende herstructurering.
Schuldenaar behoudt controle over zijn vermogen en de bedrijfsvoering
De schuldenaar moet gedurende het pre-insolventieakkoordproces in beginsel beheers- en beschikkingsbevoegd blijven, maar er moet op effectieve wijze tegenwicht worden geboden aan deze vrijheid wanneer de belangen van de betrokken vermogensverschaffers in een concreet geval daartoe nopen.
Stemmen in klassen
De besluitvorming over het akkoord dient in klassen plaats te vinden.
Effectieve toegang tot een deskundige rechter
In het akkoordproces betrokken vermogensverschaffers moeten zich op effectieve wijze bij een kundige rechter kunnen verweren tegen de (dreigende) inmenging in hun eigendomsrechten.
Waardebehoud
Gedurende de totstandkoming van het pre-insolventieakkoord moet de going concernwaarde van de onderneming zoveel mogelijk bewaard blijven.
Flexibiliteit
De pre-insolventieakkoordregeling moet voldoende flexibiliteit bieden om zo een effectief instrument voor de oplossing van de concrete financiële problemen te kunnen zijn.
Transactiezekerheid
Het moet voor de betrokkenen bij het akkoord mogelijk zijn in een vroegtijdig stadium van het akkoordtraject duidelijkheid te verkrijgen over de kans dat het akkoord daadwerkelijk tot stand komt.
Snelheid
Het pre-insolventieakkoordtraject moet binnen een beperkt tijdsbestek kunnen worden doorlopen.
Waarborgen tegen misbruik
De regeling moet voldoende waarborgen bevatten om misbruik tegen te gaan.
Met deze uiteenzetting van uitgangspunten voor een wettelijke regeling voor het pre-insolventieakkoord is de eerste onderzoeksvraag beantwoord. In het tweede deel van dit onderzoek komen de diverse elementen van het Nederlandsrechtelijke dwangakkoord buiten insolventie aan de orde.