Privaatrechtelijke handhaving van mededingingsrecht
Einde inhoudsopgave
Privaatrechtelijke handhaving van mededingingsrecht (R&P nr. 174) 2009/9.5.8.3:9.5.8.3 Deelconclusie
Privaatrechtelijke handhaving van mededingingsrecht (R&P nr. 174) 2009/9.5.8.3
9.5.8.3 Deelconclusie
Documentgegevens:
mr.dr. E.J. Zippro, datum 29-09-2009
- Datum
29-09-2009
- Auteur
mr.dr. E.J. Zippro
- JCDI
JCDI:ADS582368:1
- Vakgebied(en)
Mededingingsrecht / Toezicht en handhaving
Verbintenissenrecht / Schadevergoeding
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Zie ook Haak & VerLoren van Themaat 2005, p. 47.
Zie ook Haak & VerLoren van Themaat 2005, p. 48.
Asser 1991, p. 17 e.v.; Haak & VerLoren van Themaat 2005, p. 49.
HvJ EG 14 februari 2008, zaak C-450/06 (Varec/Belgische Staat), Jur. 2008, p. 1-581, AB 2008, 341 m.nt. R.J.G.M. Widdershoven, NJ 2008, 271 m.nt. MRM.
Smits 1996, p. 104.
Smits 1996, p. 104.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Voor de privaatrechtelijke handhaving van het mededingingsrecht is van belang dat uit de zojuist in § 9.5.8.2 besproken uitspraak van de Hoge Raad (Lightning Casino/Nederlandse Antillen) kan worden afgeleid dat de rechter alleen kennis kan nemen van de vertrouwelijke informatie indien de vermeende laedens toestemming heeft verleend.1 De vermeende laedens zal moeten kiezen tussen twee opties. Enerzijds het geheimhouden van bepaalde concurrentiegevoelige informatie met het daarbij gepaard gaande risico van het verlies van de procedure. Anderzijds de wetenschap dat het vonnis mede op grond van de geheime informatie zal worden gewezen met het daarmee gepaard gaande gevaar dat concurrentiegevoelige informatie bij de verkeerde personen op tafel belandt.2 Dit laatste zal zich vooral voordoen indien de rechter zijn uitspraak niet naar behoren kan motiveren zonder de inhoud van de concurrentiegevoelige informatie te openbaren. Ingeval de rechter zijn uitspraak niet goed zou kunnen motiveren zonder de inhoud van de concurrentiegevoelige informatie te openbaren, zal hij de concurrentiegevoelige informatie bij zijn oordeel buiten beschouwing moeten laten. Dit komt uiteraard voor risico van de partij die de informatie geheim wil houden.3 De zaak Varec/Belgische Staat en het algemeen geldende vereiste vanfull jurisdiction in de zin van artikel 6 EVRM zullen daar in civiele procedures op grond van een schending van het mededingingsrecht geen verandering in brengen.4 Bij vertrouwelijke gegevens die een partij aan de rechter wil overleggen en die niet bekend mogen worden bij de wederpartij mag de burgerlijke rechter slechts in uitzonderlijke situaties kennis nemen van de gegevens.5 Toestemming van de wederpartij kan een dergelijke uitzonderlijke situatie zijn.6