Achtergestelde vorderingen (O&R)
Einde inhoudsopgave
Achtergestelde vorderingen (O&R nr. 114) 2019/5.5.4.3:5.5.4.3 Beslag en executie
Achtergestelde vorderingen (O&R nr. 114) 2019/5.5.4.3
5.5.4.3 Beslag en executie
Documentgegevens:
mr. drs. N.B. Pannevis, datum 01-04-2019
- Datum
01-04-2019
- Auteur
mr. drs. N.B. Pannevis
- JCDI
JCDI:ADS186545:1
- Vakgebied(en)
Insolventierecht / Algemeen
Ondernemingsrecht / Algemeen
Vermogensrecht / Rechtsvorderingen
Verbintenissenrecht / Algemeen
Verbintenissenrecht / Overeenkomst
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
257. Een eigenlijke achterstelling wijzigt het verhaalsrecht van de juniorschuldeiser, maar de achterstelling wijzigt alleen de wijze waarop het verhaalsrecht zich gedraagt in een conflict met andere verhaalsgerechtigden. Een eigenlijke achterstelling raakt daarom niet aan de wijze waarop de schuldeiser zijn verhaalsrecht jegens de schuldenaar kan uitoefenen.1 Een eigenlijk achtergestelde schuldeiser kan daarom beslag leggen als elke andere schuldeiser. De eigenlijke achterstelling kan wel ertoe leiden dat de juniorschuldeiser geen uitkering kan verwachten bij de verdeling van de executie-opbrengst. Dan is het beslag van de junior een leeg beslag. Zie daarover paragraaf 5.5.4.4.
258. Een eigenlijk achtergestelde schuldeiser kan net als andere beslagleggers tot executie overgaan zodra hij over een executoriale titel beschikt. De eigenlijke achterstelling staat daaraan niet in de weg, omdat die het verhaalsrecht niet raakt voor zover dat jegens de schuldenaar of diens vermogen wordt uitgeoefend.
Als op een goed meerdere beslagen rusten wordt het goed verkocht door de beslaglegger met het oudste executoriale beslag.2 De rangorde van de verhaalsrechten van de beslagleggers is daarbij niet relevant. Anders gezegd: de executiebevoegdheid hangt niet af van de rang van de verhaalsrechten bij de verdeling van de executie-opbrengst, maar van de volgorde van beslaglegging. Als het oudste executoriale beslag is gelegd door een achtergestelde schuldeiser kan hij daarom gewoon tot verkoop overgaan.
De eigenlijke achterstelling speelt pas een rol bij de verdeling van de executie-opbrengst en alleen als ook andere verhaalsgerechtigden dan de juniorschuldeiser daarop aanspraak maken.3 Maken er wel andere verhaalsgerechtigden aanspraak op de executie-opbrengst, in het bijzonder andere beslagleggers of de beperkt gerechtigden wiens recht door de executie is vervallen, dan moet de executie-opbrengst tussen de verhaalsgerechtigden worden verdeeld conform de tussen hen geldende rangorde.4 Daarbij komt de eigenlijke achterstelling tot uiting als de senior behoort tot de partijen die aanspraak maken op de executie-opbrengst.5