Einde inhoudsopgave
Achtergestelde vorderingen (O&R nr. 114) 2019/2.2.4
2.2.4 Terugstortplicht en doorstortplicht
mr. drs. N.B. Pannevis, datum 01-04-2019
- Datum
01-04-2019
- Auteur
mr. drs. N.B. Pannevis
- JCDI
JCDI:ADS186873:1
- Vakgebied(en)
Insolventierecht / Algemeen
Ondernemingsrecht / Algemeen
Vermogensrecht / Rechtsvorderingen
Verbintenissenrecht / Algemeen
Verbintenissenrecht / Overeenkomst
Voetnoten
Voetnoten
NW 6, Parl. Gesch. BW Inv. Boek 4, p. 2012.
NW 6, Parl. Gesch. BW Inv. Boek 4, p. 2012.
Art. 4:216 jo. art. 4:128 BW en Asser/Perrick 4 2017/624 en 640.
NW 6, Parl. Gesch. BW Inv. Boek 4, p. 2012.
Art. 4:216 BW.
Art. 4:220 lid 2 en 3 BW.
Artt. 4:128 en 4:211 lid 4 BW.
Art. 4:220 lid 3 BW beperkt de doorstortplicht tot schuldeisers als bedoeld in art. 4:7 lid 1 sub a-g BW.
Kolkman 2006, p. 327 en Asser/Perrick 4 2017/640. Anders: Pitlo/Van der Burght/Ebben 2004, p. 413.
38. Als de vermindering pas geschiedt na uitkering van het legaat blijft de rechtsgrond voor de uitkering in stand.1 Er ontstaat dus geen vordering uit onverschuldigde betaling.2 De reden daarvoor is dat de wetgever de verjaringstermijn daarvan te lang vond.3 De betaling kan echter wel worden teruggevorderd voor zover dat nodig is om de schulden van de nalatenschap te voldoen die niet uit legaten, quasilegaten of lasten bestaan.4 De wetgever heeft aansluiting gezocht bij de regeling voor ontbonden wederkerige overeenkomsten.5 De legataris die achteraf gezien teveel heeft ontvangen heeft dus een ‘terugstortplicht’. De terugbetaalde bedragen worden vervolgens alsnog betaald op de schuld waaraan het legaat ondergeschikt is.
De terugvordering van legaten, quasilegaten en lasten kan alleen plaatsvinden ten behoeve van andere schuldeisers dan legatarissen, quasilegatarissen of ontvangers van lasten. De terugvordering handhaaft de ondergeschiktheid van legatarissen, quasilegatarissen of ontvangers van lasten ten opzichte van de andere schuldeisers, maar niet de mogelijke ondergeschiktheid tussen legaten, quasilegaten en lasten onderling.6
39. Naast deze terugstortplicht geldt voor legatarissen bovendien een geclausuleerde doorstortplicht. Het kan voorkomen dat na betaling van legatarissen er nog onbetaalde schuldeisers van de nalatenschap opkomen. Die moeten ten eerste verhaal nemen op de resterende goederen van de nalatenschap.7 Als die er niet meer zijn en het gaat om schuldeisers waaraan de legatarissen ondergeschikt zijn, dan kunnen de nagekomen schuldeisers zich verhalen op het vermogen van de legatarissen voor zover die een uitkering hebben ontvangen.8 De legatarissen kunnen dus verplicht worden het ontvangene door te storten. Hetzelfde geldt voor ontvangers van lasten en quasilegatarissen.9 Ook deze doorstortplicht kan echter niet worden gebruikt om de onderlinge rang tussen legaten, quasilegaten of lasten te handhaven.10
De oplegregeling geldt ook voor de terug- en doorstortplicht. Daaraan kan de legataris voldoen door betaling van een geldbedrag.11