Bescherming van beursvennootschappen door uitgifte van preferente aandelen
Einde inhoudsopgave
Bescherming van beursvennootschappen door uitgifte van preferente aandelen (VDHI nr. 147) 2018/11.8.1:11.8.1 Verpanding van beschermingsprefs en biedplicht
Bescherming van beursvennootschappen door uitgifte van preferente aandelen (VDHI nr. 147) 2018/11.8.1
11.8.1 Verpanding van beschermingsprefs en biedplicht
Documentgegevens:
mr. R.A.F. Timmermans, datum 01-10-2017
- Datum
01-10-2017
- Auteur
mr. R.A.F. Timmermans
- JCDI
JCDI:ADS344611:1
- Vakgebied(en)
Ondernemingsrecht / Rechtspersonenrecht
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Nieuwe Weme, De komende verplicht bod-regeling 2006, p. 15, pleitte voor een vrijstelling. Zie in dit verband ook De Brauw, GS Toezicht Financiële Markten 2009, art. 1:1 Wft, aant. 5.6.2.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Zoals ik in paragraaf 7.5 heb uitgewerkt, worden de beschermingsprefs in de regel gefinancierd door een externe bank. Tot zekerheid van de lening die de bank aan de stichting verstrekt, verpandt de stichting de toekomstige beschermingsprefs bij voorbaat aan de bank, waarbij wordt overeengekomen dat het stemrecht op de beschermingsprefs bij de stichting blijft. Los van het feit dat – zowel vanuit het perspectief van de stichting als van de bank – uitoefening van het stemrecht op de beschermingsprefs door de financierende bank niet wenselijk is, zal de overgang van het stemrecht op de bank als pandhouder ertoe leiden dat de biedplicht van toepassing wordt op de bank, uiteraard voor zover er sprake is van overwegende zeggenschap. De pandhouder met stemrecht is op grond van art. 5:71 lid 1 Wft namelijk niet vrijgesteld van de biedplicht.1 De overgang van het stemrecht op de bank ligt aldus evenmin vanuit biedplicht perspectief in de rede.