Einde inhoudsopgave
De integratie van fiscale gegevens in het rijksbrede toezicht (FM nr. 155) 2018/2.4.2.1
2.4.2.1 De wettelijke taak van de toezichthouder
M. Snippe, datum 20-10-2018
- Datum
20-10-2018
- Auteur
M. Snippe
- JCDI
JCDI:ADS376469:1
- Vakgebied(en)
Privacy / Algemeen
Fiscaal bestuursrecht / Algemeen
Belastingrecht algemeen / Algemeen
Voetnoten
Voetnoten
W.J.M. Voermans en S.C. van Bijsterveld, Hoofdstuk 6 - Rechtspraak. In: E.M.H. Hirsch Ballin en G. Leenknegt (red.), Artikelsgewijs commentaar op de Grondwet, webeditie 2014 (www.Nederlandrechtsstaat.nl).
Dit noem ik het beginsel van legaliteit. De Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid onderkent naast dit begrip ook het ‘legitimiteit’. Dat laatste begrip koppelt het handelen van de overheid aan het ruimere begrip ‘recht’. Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid, De toekomst van de nationale rechtsstaat, rapporten aan de regering 63, 2002, p. 156.
J.L.M. Gribnau. De belastingrechter in een veranderende trias politica. In: J.P. Boer (red.), Kwaliteit van belastingrechtspraak belicht, 2013, p. 71-93.
Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid, Rechtshandhaving, Rapport aan de regering, nr. 35, 1988, p. 20.
Voor persoonsgegevens geldt de aanvullende eis dat sprake moet zijn van welbepaalde, uitdrukkelijk omschreven en gerechtvaardigde doeleinden (art. 7 Wbp). Dat kader mag niet dusdanig vaag of ruim zijn dat tijdens het proces van informatiegaring niet de noodzakelijkheid voor dat doel kan worden getoetst, zie Kamerstukken II 1997/98, 25 892, nr. 3, p. 78-79.
Tussen de begrippen ‘toezicht’ en ‘handhaving’ bestaat veel begripsmatige verwarring. De Algemene wet bestuursrecht spreekt (hoofdstuk 5 Awb) over het algemene begrip ‘Handhaving’ waarvan in titel 5.2 ‘toezicht op naleving’ een onderdeel van uitmaakt; andere onderdelen van handhaving zijn opgenomen in de titels 5.3 en 5.4 met de specifieke interventie-instrumenten van bestuursdwang, last onder dwangsom en de bestuurlijke boete. In het algemene spraakgebruik is toezicht het algemene begrip en vormt handhaving een onderdeel daarvan gericht op de interventie, zie bijvoorbeeld de Kaderstellende Visie op toezicht (Kamerstukken II 2000/01, 27 831, nr. 1 en Kamerstukken II 2005/06, 27 831, nr. 15), de diverse rapporten van de Algemene Rekenkamer (onder andere ‘Handhaven en gedogen’, Kamerstukken II 2004/05, 30 050, nr. 2 en Handhaven en gedogen Terugblik 2008’, Kamerstukken II 2007/08, 30 050, nr. 4) en het rapport van de WRR, Toezien op publieke belangen, 2013.
Kamerstukken II 1993/94, 23 700, nr. 3, p. 134. In dit onderzoek sluit ik aan bij het algemene begrip ‘toezicht’ waarvan handhaving een onderdeel vormt, te weten het sluitstuk. Bij het onderzoek naar de bevoegdheden gaat het echter om het verzamelen van informatie in het kader van het uitvoeren van de algemene toezichttaak.
F.C.M.A. Michiels, Houdbaar handhavingsrecht (oratie Tilburg), 2006, p. 5.
Kamerstukken II 2014/15, 34 000 IX, nr. 2, p. 40, De minister bevordert, door inzet van de Belastingdienst, compliance door passende dienstverlening te leveren, massale processen juist en tijdig uit te voeren, adequaat toezicht uit te oefenen en waar nodig naleving bestuurs- of strafrechtelijk af te dwingen. Zie par. 2.3 begripsbepaling.
Bij het proces van aanslagbelastingen (zoals Inkomsten- en Vennootschapsbelasting) stelt de inspecteur daadwerkelijk de aanslag vast: bij aangiftebelasting (zoals Omzet- en Loonbelasting) voldoet belastingplichtige zijn belastingschulden rechtstreeks aan de ontvanger zonder tussenkomst van de inspecteur. Ondanks dat verschil blijft het karakter van uitvoeringstoezicht hetzelfde: het bewaken van de kwaliteit van het proces van heffen en innen van belastingen.
Tot de ‘ondertoezichtgestelden’ reken ik in het kader van dit onderzoek degenen waarop de ‘toezichthouder’ toeziet, (WRR-rapport 89, Toezien op publieke belangen, 2013). Een formeel juistere kwalificatie is ‘normadressaat; de toezichthouder ziet namelijk toe op gedragingen van bepaalde personen en bedrijven volgens wet- en regelgeving (de ‘norm’) waarbij, op voorhand, niemand onder toezicht wordt gezet. column D. Ruimschoten, U wordt onder therapie gesteld, Vide, https://www.videnet.nl/?page=17737073, 2013, geraadpleegd: 1 juli 2017.
In de parlementaire geschiedenis is bij de behandeling van de Awb onderscheid gemaakt in ‘nalevingstoezicht’ en ‘uitvoeringstoezicht’. Het toezicht van de Belastingdienst is gekwalificeerd als ‘uitvoeringstoezicht’, Kamerstukken II 1994/95, 23 700, nr. 5, p. 57.
Een samenleving vereist elke dag een af- en instemming van ieders gedragingen. Dit geldt voor zowel de kleinste vorm waarin twee personen participeren als voor een land met meer dan 17 miljoen inwoners. Vanwege de grote diversiteit aan individuen, en daarmee tevens individuele belangen die afwijkend en zelfs conflicterend kunnen zijn, is een maatschappelijke ordening onontbeerlijk. Voor de Nederlandse samenleving als geheel vindt die plaats in een sociale en democratische rechtsstaat.1 De rechtsregels bepalen in beginsel de rechtvaardiging voor gedragingen en de overheid draagt zorg voor het handhaven daarvan.2
Dezelfde rechtsstaat beoogt de burger ook op een rechtvaardige wijze te beschermen tegen machtsuitoefening door de overheid en andere burgers.3 In Nederland zijn vele vormen van wetgeving die rechten geven aan burgers maar ook die de rechten juist inperken. De belastingwetgeving is daar een voorbeeld van: die maakt een inbreuk op het eigendomsrecht van burgers waarbij dwingend recht de regel is. Het gaat immers om een eenzijdige ingreep in de bestedingsvrijheid van de burger die zonodig kan worden afgedwongen: effectieve (rechts)handhaving is een wezenlijk onderdeel van de rechtsstaat.4 Het is aan de Belastingdienst om uitvoering te geven aan deze wettelijke taak (art. 1 lid 2 AWR juncto art. 1 lid 1 Uitv. reg. Belastingdienst 2003). Met het uitvoeren van die taak vertegenwoordigt de Belastingdienst een collectief belang.5
Iedere rechtsregel die een overheid uitvaardigt, houdt rekening met toezicht (soms ook wel aangeduid als ‘controle’ of ‘inspectie’).De burgers en bedrijven hebben zich te houden aan de wet- en regelgeving en de (wettelijk) aangewezen toezichthouder draagt zorg voor de bestuurlijke handhaving.6 Ook voor de fiscale wetgeving geldt dat het toezicht vanouds een belangrijk bestuurlijk handhavingsinstrument is.7 Het uitoefenen van dit toezicht maakt zelfs integraal onderdeel uit van de wettelijke taak van heffen en innen van rijksbelastingen.8
Hierin onderscheidt de Belastingdienst zich van andere toezichthouders: het handhaven ziet ook op het uitoefenen van de eigen wettelijke taak in tegenstelling tot andere toezichthouders waarbij het toezicht alleen ziet op het naleven van een wet door anderen. De wettelijke taak voor de Belastingdienst is ‘breder’ dan het toezichthouden sec.9 Het proces van informatiegaring maakt deel uit van het heffings- en inningsproces: het hoeft daarbij niet alleen te gaan om informatie die de belastingplichtigen over zichzelf verstrekt maar kan ook betrekking hebben op (de belastingheffing van) derden.
Het verkrijgen van gegevens en inlichtingen ten dienste van de belastingheffing is gericht op het adequaat uit kunnen voeren van het ‘eigen proces’ én het toezicht daarop. Zonder (toezicht op de) juiste informatie is het niet mogelijk te komen tot het heffen en innen van de juiste belastingen.10 Ongeacht het proces van aanslag- of aangiftbelastingen.11
Bij het nalevingstoezicht is het verkrijgen van gegevens en inlichtingen alleen gericht op het vaststellen dat de ondertoezichtgestelde de betreffende wet- en regelgeving naleeft.12 Het is een bewust onderscheid wat ook gehanteerd wordt in de tweede kaderstellende visie op toezicht uit 2005 waarin deze twee vormen van toezicht worden onderscheiden.13 Het betreft een fractioneel verschil maar in de wetshistorie was dit bepalend voor het al dan niet incorporeren van de toezichtsbevoegdheden van de Belastingdienst in het rechtsstelsel van de Awb.14 Dit heeft erin geresulteerd dat de Belastingdienst vandaag de dag nog steeds over een specifiek rechtsstelsel beschikt voor het vergaren van toezichtgegevens: een rechtsstelsel voortvloeiend uit de van oudsher eigen wettelijke taak. Met andere woorden: wettelijke taak en toepassing van het rechtsstelsel gaan hand in hand. Dit brengt mij bij de eerste kaderstellende factor.
De aard van de wettelijke taak van de toezichthouder bepaalt het rechtsstelsel met bevoegdheden.