Einde inhoudsopgave
Privaatrechtelijke handhaving van mededingingsrecht (R&P nr. 174) 2009/3.8.2
3.8.2 Rechtmatig belang in het Europees recht
mr.dr. E.J. Zippro, datum 29-09-2009
- Datum
29-09-2009
- Auteur
mr.dr. E.J. Zippro
- JCDI
JCDI:ADS579966:1
- Vakgebied(en)
Mededingingsrecht / Toezicht en handhaving
Verbintenissenrecht / Schadevergoeding
Voetnoten
Voetnoten
Van den Tweel 2001, p. 172-179.
Zie ook Slot e.a. 2002, p. 71.
Vgl. Van den Tweel 2001, p. 172-179. In het Eindrapport Evaluatie Mededingingswet wordt geconcludeerd dat de meningen over de vraag of het Europees begrip 'rechtmatig belang' enger wordt uitgelegd dan het begrip 'belanghebbende' in het Nederlands bestuursrecht verdeeld zijn. Zie Slot e.a. 2002, p. 71.
Van den Tweel 2001, p. 174, 179.
GvEA EG 24 januari 1995, zaak T-114/92 (BEMIM), Jur. 1995, p. IE-147, r.o. 28. Zie hierover ook Slot e.a. 2002, p. 70; Van den Tweel 2001, p. 174. Zie ook het SER-advies nr. 03/06: Evaluatie en aanpassing Mededingingswet, p. 90.
GvEA EG 7 juni 2006, gevoegde zaken T-213/01 en T-214/01 (Osterreichische Postsparkasse), Jur. 2006, p. II-1601.
Mededeling behandeling van klachten door de Commissie op grond van de artikelen 81 en 82 EG, PbEU 2004, C 101/65. De Commissie is gebonden aan haar eigen Mededeling.
De vraag is nu wat moet worden verstaan onder het begrip 'rechtmatig belang' in de zin van artikel 7 lid 2 Verordening 1/2003 en artikel 5 lid 1 Verordening 773/2004. De jurisprudentie over deze vraag is beperkt.1 Het moet gaan om een belang dat individueel en rechtstreeks is. Verschilt het Europese begrip 'rechtmatig belang' van het Nederlandse begrip 'belanghebbende' zoals neergelegd in artikel 1:2 lid 1 Awb? De meningen zijn hier over verdeeld.2 In ieder geval kan niet gezegd worden dat de Commissie per definitie een ruimer begrip hanteert dan het Nederlandse begrip 'belanghebbende'.3
Indien wordt gekeken vanuit het perspectief van consumentenorganisaties (§ 3.9.3 en § 3.9.4) heeft de consument bij de Commissie zelfs minder kans op een inhoudelijke beoordeling dan bij de Nma.4 De mogelijkheden voor consumentenorganisaties zijn bij de Commissie namelijk beperkter dan bij de NMa. Belangenorganisatie zijn in het Europese recht niet ontvankelijk als de leden van die vereniging niet individueel worden geraakt en het gewraakte gedrag de belangen van die leden niet kan schaden (het feit dat de belangenorganisatie wel gerechtigd is de belangen van haar leden te vertegenwoordigen verandert hier uiteraard niets aan).5
Individuele consumenten wier economische belangen rechtstreeks worden geschaad omdat zij de kopers zijn van goederen of diensten die het voorwerp zijn van een inbreuk, kunnen mogelijk wel een rechtmatig belang aantonen. Zie het arrest Österreichische Postsparkasse.6 De Commissie beschouwt evenwel het belang van personen of organisaties die redenen van algemeen belang aanvoeren zonder aan te tonen dat zij of hun leden rechtstreeks door de inbreuk dreigen te worden benadeeld, niet als een rechtmatig belang in de zin van artikel 7 lid 2 Verordening 1/2003.
Zie voor de opvattingen van de Commissie over het begrip belanghebbende de paragrafen 33 tot en met 40 van de 'Mededeling behandeling van Machten door de Commissie op grond van de artikelen 81 en 82 EG'.7