Einde inhoudsopgave
Aanvullen van subjectieve rechten (O&R nr. 109) 2019/15.1.7
15.1.7 Praktische relevantie
mr. drs. T.E. Booms, datum 01-01-2019
- Datum
01-01-2019
- Auteur
mr. drs. T.E. Booms
- JCDI
JCDI:ADS299275:1
- Vakgebied(en)
Vermogensrecht / Algemeen
Voetnoten
Voetnoten
Zie bijvoorbeeld Raad van Arbitrage voor de Bouw 28 augustus 2017, nr. 35846, waarin het recht om een arbitrageclausule uit aannemingscontract in te roepen als een kwalitatief recht werd aangemerkt, zodat het kon worden ingeroepen door een opvolgend koper van de woning.
Struycken 2007, p. 424 meent dat dat ‘steeds’ het geval zal zijn. Dat lijkt mij, gezien de in dit hoofdstuk besproken voorwaarden voor een recht om als kwalitatief te worden aangemerkt, te sterk geformuleerd.
Indien de rechten onderdeel gaan uitmaken van het goederenrechtelijke recht is art. 6:251 BW niet nodig om te verklaren dat ze toekomen aan de verkrijger van dat recht; zie Asser/Sieburgh 2018, para. 544.
686. De praktische relevantie van kwalitatieve rechten is vooral gelegen in hun automatische verkrijging. Hierdoor kan de verkrijger van een goed automatisch een beroep doen op het kwalitatieve recht, ook al heeft hij ten aanzien daarvan niets met de vervreemder afgesproken. Dezelfde argumenten gelden daarbij als voor afhankelijke rechten (zie randnummer 568). In vergelijking met afhankelijke rechten (en de hierna te bespreken nevenrechten) hebben kwalitatieve rechten een veel breder toepassingsbereik. In tegenstelling tot afhankelijke rechten hoeven kwalitatieve rechten geen in de wet genoemde (beperkte) rechten te zijn, maar kunnen partijen ze zelf vormgeven (zie paragraaf 15.1.6). In tegenstelling tot nevenrechten kunnen kwalitatieve rechten ook behoren bij andere subjec tieve rechten dan vorderingsrechten, zoals het eigendomsrecht op een (on) roerende zaak (zie randnummer 703). Door hun brede toepasbaarheid hebben kwalitatieve rechten het karakter van een ‘lapmiddel’ voor gevallen die niet door andere rechtsfiguren worden bestreken. Zo bieden afhanke lijke rechten en nevenrechten geen mogelijkheid voor het automatisch kunnen verkrijgen van rechten die géén vermogensrechten zijn en die niet verbonden zijn aan een vorderingsrecht.1
687. De inzetbaarheid van kwalitatieve rechten als ‘lapmiddel’ biedt ook een oplossing voor het probleem dat het niet zeker is of rechten die wor den bedongen ten aanzien van een beperkt recht, daar onderdeel van uitmaken (zie hoofdstuk 12). Het is namelijk niet altijd duidelijk of een bedongen recht in voldoende verband staat met de aard van een beperkt recht om er onderdeel van uit te gaan maken. Bedongen rechten die niet aan dit vereiste voldoen, zullen onder omstandigheden als kwalitatief recht zijn aan te merken.2 Indien dat het geval is, worden ze eveneens automa tisch verkregen door een opvolgende verkrijger van het beperkte recht.3