De kosten van de enquêteprocedure
Einde inhoudsopgave
De kosten van de enquêteprocedure (VDHI nr. 177) 2022/2.6.4.4:2.6.4.4 Toezeggingen de kosten van het onderzoek te beperken
De kosten van de enquêteprocedure (VDHI nr. 177) 2022/2.6.4.4
2.6.4.4 Toezeggingen de kosten van het onderzoek te beperken
Documentgegevens:
mr. P.H.M. Broere, datum 12-05-2022
- Datum
12-05-2022
- Auteur
mr. P.H.M. Broere
- JCDI
JCDI:ADS652175:1
- Vakgebied(en)
Ondernemingsrecht (V)
Ondernemingsrecht / Rechtspersonenrecht
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
OK 26 maart 2018 (r.o. 3.1), ARO 2018/107 (MKA-Chirurgen Noordrand Rotterdam).
OK 26 juli 2018 (r.o. 1.9), ARO 2018/169 (MKA-Chirurgen Noordrand Rotterdam).
OK 26 juli 2018 (r.o. 3.11), ARO 2018/169 (MKA-Chirurgen Noordrand Rotterdam); OK 11 september 2018, ARO 2018/200 (MKA-Chirurgen Noordrand Rotterdam).
Vgl. ook par. 6.4.5.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Het komt wel voor dat de onderzoeker bij een verhoging van het onderzoeksbudget toezegt geen nadere verhoging van het onderzoeksbudget te verzoeken. De Ondernemingskamer betrekt die omstandigheid ook bij de beoordeling van een verhogingsverzoek, zie par. 2.6.4.3.
In MKA-Chirurgen Noordrand Rotterdam zegde de onderzoeker bij toewijzing van een eerder verzoek tot verhoging van het onderzoeksbudget toe in totaal niet meer dan € 70.000 aan de rechtspersoon in rekening te brengen, ook al zou de totaal door hem te besteden tijd corresponderen met een hoger bedrag.1 Na de toewijzing van dit verzoek tot verhoging van het onderzoeksbudget richtten bij de enquêteprocedure betrokken partijen enige verzoeken aan de Ondernemingskamer. De onderzoeker maakte in verband met deze verzoeken enige proceskosten (ongeveer € 5.000) en verzocht hierop het onderzoeksbudget met dit bedrag te verhogen.2 De Ondernemingskamer oordeelde vervolgens dat de tijd die de onderzoeker heeft moeten besteden aan het door de procespartijen tot de Ondernemingskamer gerichte verzoek redelijkerwijs buiten het bereik van zijn eerdere toezegging viel en wees het verhogingsverzoek vervolgens toe.3
Ik ben kritisch op de in MKA-Chirurgen Noordrand Rotterdam gevolgde gang van zaken. Tot de kosten van het onderzoek behoren ook door de onderzoeker te maken proceskosten (par. 2.4.2.4), alsmede bijvoorbeeld mogelijke redelijke en in redelijkheid gemaakte kosten van verweer. Helemaal zeker van het verloop van de kosten van het onderzoek kan de onderzoeker niet zijn. Het is hierom onverstandig toe te zeggen niet meer kosten van het onderzoek dan het (verhoogde) onderzoeksbudget in rekening te brengen, althans geen voorbehoud voor dergelijke onvoorziene kosten op te nemen.
Met een dergelijke verklaring doet de onderzoeker afstand van zijn recht verhoging van het onderzoeksbudget te verzoeken. De toezegging bindt de onderzoeker.4 De Ondernemingskamer zou mijns inziens in een dergelijk geval een verhogingsverzoek van de onderzoeker moeten afwijzen, anders dan zij oordeelde in MKA-Chirurgen Noordrand Rotterdam. Maakt de onderzoeker meer kosten van het onderzoek dan zijn toezegging omvat, dan financiert hij op oneigenlijke wijze mede de kosten van het onderzoek (par. 6.9).