Einde inhoudsopgave
De agenda en het agenderingsrecht bij kapitaalvennootschappen (VDHI nr. 176) 2022/5.5.4.4.f
5.5.4.4.f Gemachtigden gebonden aan agenda in machtiging
mr. E.J. Breukink, datum 15-04-2022
- Datum
15-04-2022
- Auteur
mr. E.J. Breukink
- JCDI
JCDI:ADS649619:1
- Vakgebied(en)
Ondernemingsrecht (V)
Ondernemingsrecht / Corporate governance
Voetnoten
Voetnoten
En, in het geval van een BV, zich geen zwaarwichtig belang tegen het houden van een vergadering verzet. Waarover verder par. 5.5.4.3.
Daarmee bedoel ik dat van een besluitpunt een beslis- of een bespreekpunt wordt gemaakt, of van een beslispunt een bespreekpunt.
Dat past ook goed bij de gedachte dat niet snel moet worden aangenomen dat een redelijk belang zich tegen het houden van de vergadering verzet, zie par. 5.5.4.2.
In gelijke zin Dumoulin 1999, p. 141.
Tenzij de voorzieningenrechter bij het verlenen van de machtiging expliciet anders bepaalt.
In gelijke zin Oostwouder & Schrooten 2018, p. 36. Kennelijk anders Garcia Nelen 2020, p. 295 onder verwijzing naar Kamerstukken II 2001/02, 28 179, nr. 5 (Nota n.a.v. het verslag), p. 49.
Kamerstukken II 2001/02, 28 179, nr. 5 (Nota n.a.v. het verslag), p. 49.
In art. 2:111/221 lid 1 BW is bepaald dat de voorzieningenrechter de verzochte machtiging verleent, indien de verzoekers summierlijk hebben doen blijken dat de in art. 2:110/220 BW gestelde voorwaarden zijn vervuld, en dat zij een redelijk belang hebben bij het houden van de vergadering.1 Zijn de in art. 2:110/220 BW gestelde voorwaarden niet vervuld en/of ontbreekt een redelijk belang bij het houden van de vergadering dan wordt de verzochte machtiging niet verleend. Met ‘de verzochte machtiging’ wordt bedoeld de machtiging tot bijeenroeping van een algemene vergadering met op de agenda de door de verzoekers voorgestelde agendapunten. In par. 5.5.3.2 schreef ik reeds dat de agendapunten zoals voorgesteld in het machtigingsverzoek overeen dienen te komen met de in het convocatieverzoek voorgestelde agendapunten.
Op het eerste gezicht lijkt de wet de voorzieningenrechter in art. 2:111/221 lid 1 BW een binaire optie te bieden: of hij verleent de verzochte machtiging, of hij weigert deze. Bij die lezing zou de voorzieningenrechter niet de ruimte hebben om in de voorgestelde agenda wijzigingen door te voeren. Mijns inziens moet de wet zo niet worden begrepen. Als gezegd is een voorwaarde voor het verlenen van de verzochte machtiging dat de verzoekers een redelijk belang hebben bij het houden van de vergadering. Het gaat dan dus om een redelijk belang als bedoeld in par. 5.5.4.2 bij het houden van een vergadering met op de agenda de punten zoals deze door de verzoekers worden voorgesteld. Het kan zo zijn dat naar het oordeel van de voorzieningenrechter een redelijk belang bij het houden van de voorgestelde vergadering ontbreekt, omdat één bepaald punt misbruik van recht oplevert. Als dat ene punt wordt geschrapt, geherformuleerd of gedegradeerd,2 blijft het redelijk belang bij het houden van de vergadering (voor het overige) intact. Mijns inziens kan de voorzieningenrechter er daarom in een dergelijke situatie voor kiezen om in plaats van de machtiging in het geheel af te wijzen, de ‘problematische’ agendapunten aan te passen of te schrappen.3 Hij zal dan in de beschikking moeten uitleggen waarom een redelijk belang bij de behandeling van het agendapunt zoals dat door de verzoekers werd voorgesteld, ontbreekt. Het staat de gemachtigden vrij om de machtiging niet te gebruiken als de vergadering die ze ermee kunnen convoceren niet aan hun wensen voldoet. Een verleende machtiging creëert immers geen bijeenroepingsplicht.
De voorzieningenrechter kan naar mijn mening punten van de voorgestelde agenda verwijderen, herformuleren en degraderen omdat hij ook de meeromvattende bevoegdheid heeft om de machtiging tot bijeenroeping te weigeren. Andersom kan de voorzieningenrechter aan de voorgestelde agenda in beginsel geen nieuwe punten toevoegen.4 Het bestuur en de rvc zijn ten aanzien van die punten immers niet eerst in de gelegenheid gesteld om zelf tot bijeenroeping van een algemene vergadering over te gaan. Nieuwe punten kunnen daarom door de voorzieningenrechter slechts met instemming van het bestuur en de rvc worden toegevoegd.
De gemachtigden zijn gebonden aan de agenda zoals die door de voorzieningenrechter in de machtiging is vastgesteld.5 Dit wil zeggen dat zij slechts een algemene vergadering kunnen bijeenroepen met een agenda zoals die in de machtiging is vermeld.6 Door de gemachtigden eigenhandig toegevoegde onderwerpen worden door de voorzitter van de algemene vergadering niet aan de orde gesteld. Over deze onderwerpen kunnen alleen onaantastbare besluiten worden genomen als aan de tenzij-clausule van art. 2:114 lid 2/224 lid 2 BW is voldaan.
In de Nota n.a.v. het verslag bij de wijziging van boek 2 BW in verband met aanpassing van de structuurregeling werd van ministerszijde opgemerkt dat als de machtiging is verleend, de gemachtigden de agenda bepalen.7 Dat is onjuist.
In art. 2:111/221 lid 1 BW is bepaald dat de vennootschap in de machtigingsprocedure wordt gehoord. Het bestuur en de rvc kunnen tijdens het verhoor de voorzieningenrechter vragen om in geval van toewijzing van het verzoek een door hun gewenst onderwerp aan de agenda toe te voegen. Voorts moet worden aangenomen dat het bestuur en de rvc ook als de machtiging eenmaal is verleend nog zelfstandig aan de door de voorzieningenrechter vastgestelde agenda onderwerpen kunnen toevoegen. Het bestuur en de rvc zouden immers zelf kunnen overgaan tot de bijeenroeping van een algemene vergadering om de door hun gewenste onderwerpen te behandelen. Het is dan efficiënter om de onderwerpen mee te nemen in de agenda van de geautoriseerde vergadering. Als het bestuur en de rvc een onderwerp willen toevoegen, communiceren zij dat tijdig naar de gemachtigden. De gemachtigden dienen het onderwerp in de bij de oproeping verstrekte agenda te vermelden. Als variant of als aanvulling hierop kunnen het bestuur en de rvc zelf op de door de wet voorgeschreven wijze en met inachtneming van de door de voorzieningenrechter vastgestelde oproepingstermijn aankondigen dat het onderwerp in de geautoriseerde vergadering behandeld zal worden.