Fiscaal overgangsbeleid
Einde inhoudsopgave
Fiscaal overgangsbeleid (FM nr. 131) 2009/2.7:2.7 Functie van eerbiedigende werking
Fiscaal overgangsbeleid (FM nr. 131) 2009/2.7
2.7 Functie van eerbiedigende werking
Documentgegevens:
dr. M. Schuver-Bravenboer, datum 01-02-2009
- Datum
01-02-2009
- Auteur
dr. M. Schuver-Bravenboer
- JCDI
JCDI:ADS417437:1
- Vakgebied(en)
Fiscaal bestuursrecht (V)
Fiscaal bestuursrecht / Algemeen
Fiscaal bestuursrecht / Algemene rechtsbeginselen en abbb
Belastingrecht algemeen / Algemeen
Staatsrecht / Wetgeving
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
O.a. Knigge 1984, p. 87-90 (zie ook par. 3.3.1), Polman 1984, p. 149, Lubbers 2004, p. 15.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
In onderdeel 2.6.2.1 heb ik geconcludeerd dat eerbiedigende werking een ander karakter heeft dan uitgestelde werking. Waar uitgestelde werking de werking van een wet regelt, bepaalt eerbiedigende werking of de wet ten aanzien van bepaalde feiten of toestanden mag worden toegepast. Veel auteurs zijn echter een andere mening toegedaan. Zij onderscheiden vier temporele functies, namelijk onmiddellijke werking, uitgestelde werking, terugwerkende kracht en eerbiedigende werking en maken geen onderscheid tussen werkingsregels en overgangsmaatregelen zoals dat door mij is aangebracht. In de literatuur zijn echter ook meningen te vinden waaruit ik afleid dat er naast werkingsregels wel degelijk nog een andere categorie van overgangsrechtelijke regels kan worden onderscheiden.1 Gelet op deze opvattingen – die worden uiteengezet in par. 3.2 – alsmede de wijze waarop in het belastingrecht invulling wordt gegeven aan het begrip ‘eerbiedigende werking’ – namelijk door middel van materiële bepalingen – meen ik dat eerbiedigende werking niet tot de werkingsregels maar tot de overgangsmaatregelen moet worden gerekend. Dit type overgangsmaatregel wordt nader behandeld in par. 3.4.