Wie heeft de leiding?
Einde inhoudsopgave
Wie heeft de leiding? (R&P nr. VG1) 2010/4.3.4:4.3.4 Rechtspraak
Wie heeft de leiding? (R&P nr. VG1) 2010/4.3.4
4.3.4 Rechtspraak
Documentgegevens:
Dr. mr. B.A.M. Janssen, datum 08-12-2010
- Datum
08-12-2010
- Auteur
Dr. mr. B.A.M. Janssen
- JCDI
JCDI:ADS619754:1
- Vakgebied(en)
Goederenrecht (V)
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
De huisaansluitingen van de leiding liepen in casu van het private perceel direct naar de Tannenweg (publiek eigendom), zonder dat nog eerst een (ander) privaat perceel werd doorkruist. Derhalve werden deze huisaansluitingen als publieke delen aangemerkt zodat de gemeente verantwoordelijk is voor sanering.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Een aardige casus betreffende de eigendom van een leiding in de Zwitserse rechtspraak is de uitspraak van het Verwaltungsgerichts (Kanton St. Gallen) van 19 september 2007.1 In deze zaak ging het om de vraag of de gemeente van private grondeigenaren kan vorderen dat zij voor eigen rekening een deel van een afwateringsleiding zouden saneren en vervangen. De situatie zag er als volgt uit:
Figuur 4.1 — Situatietekening afwateringssysteem Tannenweg
Aan de Tannenweg — dat een verbindingsweg is tussen hoofdstraat W en R — zijn vijf percelen (nrs. 174, 699, 700, 701 en 213) gelegen die een (huis)aansluiting hebben op de afwateringsleiding die volledig onder de Tannenweg loopt, zie voor een situatieschets figuur 4.1. De afwateringsleiding komt uit op de hoofdleiding in straat W. De gemeente is sinds 1997 eigenaar van het perceel (nr. 702) waarop de Tannenweg is gelegen. Daarvoor was het perceel in private handen en in die tijd is de afwateringsleiding, ten behoeve van de aan die weg gelegen percelen, aangelegd. De hoofdleiding (in straat W) diende hoognodig vervangen te worden, evenals de afwateringsleiding die daarop uit komt. De gemeente stelde zich op het standpunt dat de private grondeigenaren aan de Tannenweg verplicht waren om de afwateringsleiding te saneren en te vervangen omdat de eigenaren als enige profijt hadden van de betreffende afwateringsleiding. Tevens moest deze leiding als een privaat gedeelte van het afwateringssysteem worden beschouwd waarvoor de gemeente geen verantwoordelijkheid droeg. Gelet op de hoge kosten die gemoeid waren met sanering, hebben de grondeigenaren bezwaar gemaakt tegen de verplichte sanering van de afwateringsleiding. Het Verwaltungsgericht oordeelde dat op basis van artikel 676 ZGB geen Dienstbarkeit was overeengekomen omdat een schriftelijk stuk waaruit dit zou blijken, ontbrak. De afwateringsleiding onder de Tannenweg kon niet als een hulpzaak worden beschouwd en dus werd deze ook niet door een (private) hoofdzaak nagetrokken. Eveneens kon geen beroep op artikel 691 ZGB gedaan worden omdat ook daarvoor een schriftelijke basis ontbrak. Het Verwaltungsgericht oordeelde op grond van de normale natrekkingsregel dan ook dat de gemeente als grondeigenaar eveneens als eigenaar van de afwateringsleiding moest worden beschouwd. Volgens het Verwaltungsgericht was door beantwoording van de eigendomsvraag nog niet de vraag beantwoord wie verantwoordelijk was voor de sanering van de leiding. Op grond van de wetgeving van het betreffende kanton moest worden onderzocht wat de begrenzing was van de private en publieke (gebruiks)delen van een afwateringssysteem. Een private partij kan namelijk niet verantwoordelijk gehouden worden voor (sanering van) publieke delen van een afwateringssysteem. De uitkomst van de analyse was dat de (kanton)wetgeving voorschrijft dat een aansluiting van een perceel op een openbaar afwateringssysteem in de regel alleen kan plaatsvinden door een aansluiting die géén gebruik maakt van een ander perceel. Ten aanzien van bovenstaande situatie betekent dit dat de afwateringsleiding onder de Tannenweg2 een publiek gedeelte van het afwateringssysteem is en derhalve dat op basis hiervan de gemeente gehouden is tot sanering van dit gedeelte van het afwateringssysteem.