Grensoverschrijdende overgang van onderneming
Einde inhoudsopgave
Grensoverschrijdende overgang van onderneming (MSR nr. 69) 2015/3.9.1:3.9.1 Opzegverbod wegens overgang van onderneming
Grensoverschrijdende overgang van onderneming (MSR nr. 69) 2015/3.9.1
3.9.1 Opzegverbod wegens overgang van onderneming
Documentgegevens:
Mr. I.A. Haanappel-van der Burg, datum 01-03-2015
- Datum
01-03-2015
- Auteur
Mr. I.A. Haanappel-van der Burg
- JCDI
JCDI:ADS433360:1
- Vakgebied(en)
Arbeidsrecht / Europees arbeidsrecht
Arbeidsrecht / Collectief arbeidsrecht
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Hof Arnhem 30 september 2008, JAR 2009/107 (Parkeer Combinatie Holland) en Vzngr. Ktr. Apeldoorn 28 mei 2013, JAR 2013/164 (Stokhof/Waterman Advies).
Ktr. Amsterdam 7 april 2014, JAR 2014/129 m.nt. M.W. Koole (Delaware), Ktr. Middelburg 13 januari 2011, JAR 2011/49 (DGA Financieel Adviseurs Zeeland/Kraf) en Ktr. Amsterdam 28 oktober 2009, JAR 2009/275 m.nt. E. Knipschild (Ereon/Hebbes).
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Artikel 7:670 lid 8 BW bepaalt dat de werkgever de arbeidsovereenkomst met de in zijn onderneming werkzame werknemer niet kan opzeggen wegens de overgang van die onderneming. Artikel 7:670 lid 8 BW richt zich zowel op de vervreemder als op de verkrijger. Een opzegging door de vervreemder of de verkrijger in strijd met het opzegverbod van artikel 7:670 lid 8 BW is vernietigbaar. Krachtens artikel 7:677 lid 5 BW kan de werknemer gedurende twee maanden na de opzegging een beroep doen op de vernietigingsgrond.
Krachtens artikel 4 lid 1 tweede zin van de richtlijn overgang van onderneming is een ontslag wegens economische, technische of organisatorische redenen (hierna: eto-redenen) die wijziging voor de werkgelegenheid meebrengen volgens de normale nationale ontslagbepalingen mogelijk, maar dat is niet in de Nederlandse implementatiewetgeving van de richtlijn overgang van onderneming vastgelegd. Nederlandse rechters verschillen van mening over de vraagwanneer bij overgang van onderneming ontslag wegens eto-redenen is toegestaan. Sommige rechters zijn van mening dat voor een geslaagd beroep op het opzegverbod wegens overgang van onderneming vast moet staan dat het ontslag uitsluitend vanwege de overgang van onderneming is gegeven.1 De voorzieningenrechter te Apeldoorn oordeelde:
‘Voor een geslaagd beroep op artikel 7:670 lid 8 BW is nodig dat komt vast te staan dat de opzegging van een arbeidsovereenkomst door een werkgever die vanwege de werking van artikel 7:663 BW deze status heeft verkregen, uitsluitend wegens de overgang is gedaan. Het hiervoor vermelde ontslagverbod beoogt anders gezegd niet te verhinderen dat de nieuwe werkgever in de situatie na overgang – en mede in verband daarmee – om economische, technische of organisatorische redenen (verder: etoredenen) besluit tot inkrimping (mede) van het overgenomen personeelsbestand. Zo absoluut werkt het ontslagverbod niet en de EG-richtlijn waarop de Wet Overgang van Onderneming is terug te voeren, biedt grond noch rechtvaardiging voor het in een dergelijke gunstige uitzonderingspositie plaatsen van overgenomen werknemers binnen het gehele personeelsbestand van een onderneming, nog daargelaten dat het ook praktisch vrijwel onoverzichtelijk wordt hoe ver dit zo te begrijpen verbod zich dan in de tijd uitstrekt.’
Maar er zijn ook rechters die het opzegverbod wegens overgang van onderneming eveneens van toepassing achten als het verband tussen het ontslag en de overgang van onderneming minder nauw is.2 In hoofdstuk 6 (Rechtsvergelijking materiële recht overgang van onderneming) zal ik door middel van een rechtsvergelijking onderzoeken hoe hiermee in de andere landenwordt omgegaan en of naar aanleiding daarvan aanbevelingen zijn te formuleren.