RvdW 2025/156:Rijden terwijl verdachte wist of redelijkerwijs moest weten dat rijbewijs ongeldig was verklaard, art. 9 lid 2 WVW 1994. Vrijspraak in eerste aanleg. Bewijsklacht. Kan uit omstandigheid dat politieambtenaar aan verdachte heeft medegedeeld dat zijn rijbewijs ongeldig is verklaard, worden afgeleid dat verdachte ‘wist of redelijkerwijs moest weten’ dat zijn rijbewijs ongeldig was verklaard? HR herhaalt relevante overwegingen uit HR 9 juli 2019, NJ 2019/454, m.nt. W.H. Vellinga m.b.t. vereisten om tot bewezenverklaring van een op art. 9 lid 2 WVW 1994 toegesneden tll. te kunnen komen. ’s Hofs oordeel dat verdachte op 3 mei 2021 ‘wist of redelijkerwijs moest weten’ dat zijn rijbewijs ongeldig was verklaard, geeft niet blijk van onjuiste rechtsopvatting en is toereikend gemotiveerd, in aanmerking genomen dat hof heeft vastgesteld dat aan verdachte op 20 januari 2021 in persoon door politieambtenaar is medegedeeld dat zijn rijbewijs ongeldig is verklaard. Volgt verwerping.