Het budgetrecht van het Nederlandse parlement
Einde inhoudsopgave
Het budgetrecht van het Nederlandse parlement 2017/2.4.1:2.4.1 Invoering van het jaarlijkse budgetrecht
Het budgetrecht van het Nederlandse parlement 2017/2.4.1
2.4.1 Invoering van het jaarlijkse budgetrecht
Documentgegevens:
mr. M. Diamant, datum 01-09-2017
- Datum
01-09-2017
- Auteur
mr. M. Diamant
- Vakgebied(en)
Staatsrecht (V)
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Janse de Jonge 1993, p. 342-343.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
In de periode die volgt, vinden achter elkaar verschillende veranderingen in het staatsbestel plaats. Deze periode heeft aanzienlijke gevolgen gehad voor de ontwikkeling van het budgetrecht: in 1798 wordt het jaarlijkse budgetrecht ingevoerd en er wordt een algemeen belastingstelsel ingevoerd in 1805.
Met de Bataafse revolutie van 1795 – na de komst van de Franse revolutionairen – werd de ontwikkeling naar de eenheidstaat ingezet. Van 1795 tot 1798 gold in de Bataafse Republiek korte tijd een Reglement. In 1798 trad de Staatsregeling in werking waarmee een eind kwam aan de financiële autonomie van de gewesten. De nationale overheid nam taken over van de lokale en provinciale overheden en diende begrotingen aan de volksvertegenwoordiging voor te leggen en diende verantwoording af te leggen over de uitgaven. De weg werd langzaam geopend voor de invoering van algemene belastingen, de vrees om Statelijke privileges te verliezen werd met het overleggen van de begroting minder van belang. In deze Staatsregeling werd vastgelegd dat het Vertegenwoordigend Lichaam, het parlement, over de jaarlijkse begroting besloot en het Uitvoerend Bewind aan het Vertegenwoordigend Lichaam verantwoording aflegde voor de uitgaven. Dit kan gezien worden als een eerste constitutionele verankering van het budgetrecht.1