Einde inhoudsopgave
De uitvoering van Europese subsidieregelingen in Nederland (R&P nr. SB6) 2012/5.3.5
5.3.5 Te laat ingediende subsidieaanvragen, aanvulling, wijziging en intrekking van reeds ingediende (onvolledige) subsidieaanvragen
Mr. J.E. van den Brink, datum 13-12-2012
- Datum
13-12-2012
- Auteur
Mr. J.E. van den Brink
- JCDI
JCDI:ADS399625:1
- Vakgebied(en)
Bestuursrecht algemeen (V)
Voetnoten
Voetnoten
Zie HvJEG 11 november 2004, C-171/03 (Toeters en Verberk), AB 2005, 66, m.nt. R.J.G.M. Widdershoven. Zie hieromtrent ook Widdershoven/Verhoeven e.a. 2007, p. 96.
Een aanvraag om bedrijfstoeslag dient te worden ingediend door middel van een verzamelaanvraag. Zie artikel 10 e.v. van de Commissieverordening nr. 1122/2009.
Zie artikel 23, eerste lid, van de Commissieverordening nr. 1122/2009. Deze regeling is op grond van artikel 7 van de Commissieverordening nr. 1975/2006 ook van toepassing op de ELFPO-subsidies.
Artikel 23, eerste lid, van de Commissieverordening nr. 1122/2009.
Zie artikel 23, eerste lid, van de Commissieverordening nr. 1122/2009.
Zie bijvoorbeeld CBB 27 juni 2001, LJN AB2341 waarin het ging om de Verordening nr. 1164/89 houdende uitvoeringsbepalingen met betrekking tot de steun voor vezelvlas en hennep.
Zie bijvoorbeeld artikel 47 van de Commissieverordening nr. 612/2009 (exportrestituties).
HvJEG 11 november 2004, C-171/03 (Toeters en Verberk), Jur. 2004, p. 1-10945, r.o. 47; HvJEG 22 januari 1986, 266/84 (Denkavit), Jur. 1986, p. 149, r.o. 21.
Zie HvJEG 2 mei 1990, C-358/88 (Wilhelm Hopermann), Jur. 1990, p. 1-1687, r.o. 9-10.
Artikel 23, eerste lid, van de Commissieverordening nr. 1122/2009.
Zie artikel 21 van de Commissieverordening nr. 1122/2009. Deze clausule was ook al in eerdere verordeningen neergelegd. Zie artikel 19 van de Commissieverordening nr. 796/2004 en artikel 12 van de Commissieverordening nr. 2419/2001.
Working document AGR 49533/2002 on the concept of obvious error according to article 12 of Commission Regulation no. 2419/2001.
Zie artikel 14, tweede lid, van de Commissieverordening nr. 1122/2009.
Zie artikel 23, tweede lid, eerste alinea, van de Commissieverordening nr. 1122/2009.
Zie artikel 23, tweede lid, tweede alinea, van de Commissieverordening nr. 1122//2009.
Zie artikel 25, eerste lid, van de Commissieverordening 1122/2009.
Zie artikel 25, tweede lid, van de Commissieverordening 1122/2009.
Zie overweging 28.
Zie overweging 28.
Zie bijvoorbeeld de Call 2011, Pb. 2010, C 290/13.
Zie artikel 5, vierde lid, van het Besluit nr. 1720/2006.
Programmagids Een Leven Lang Leren 2012, deel I, p. 27.
Programmagids Een Leven Lang Leren 2012, deel I, p. 21 en de Gids voor de nationale agentschappen Een Leven Lang Leren, paragraaf 3.5.6. Onder paragraaf 3.5.5 van de Gids voor de nationale agentschappen is opgenomen dat wijzigingen en aanvullingen die voor het verstrijken van de termijn zijn ontvangen wel worden meegenomen.
Zie paragraaf 3.8.4.1. van de Gids voor de nationale agentschappen Een Leven Lang Leren.
Zie paragraaf 3.8.4. van de Gids voor de nationale agentschappen Een Leven Lang Leren.
In veel Europese landbouwsubsidieregelgeving is neergelegd dat het subsidiebedrag wordt gekort, indien subsidieaanvragen buiten de voorgeschreven termijn worden ingediend. Het Hof van Justitie heeft in dat kader uitgemaakt dat aanvragen om landbouwsubsidies pas tijdig zijn ingediend, indien zij uiterlijk de laatste dag van de aanvraagperiode door het nationale uitvoeringsorgaan zijn ontvangen.1 In de Europese subsidieverordening die onder meer ziet op de uitvoering van de bedrijfstoeslag - Commissieverordening nr. 1122/ 2009 - is bepaald dat indien de verzamelaanvraag2 te laat wordt ingediend, het nationale uitvoeringsorgaan het subsidiebedrag waarop de landbouwer recht had gehad wanneer hij de aanvraag tijdig had ingediend met 1% per werkdag moet korten.3 Indien de aanvraag meer dan 25 kalenderdagen te laat wordt ingediend, moet de aanvraag worden afgewezen.4 Het (gedeeltelijke) verval van het recht op Europese subsidie dient ook te worden toegepast indien documenten, contracten of aangiften die op grond van de Europese regels moeten worden ingediend, te laat worden overgelegd, voor zover zij onmisbaar zijn om voor de Europese subsidie in aanmerking te komen.5 De voormelde lagere vaststelling van de Europese subsidie indien de subsidieaanvraag niet tijdig wordt ingediend, komt reeds lang voor in het Europese landbouwsubsidierecht.6 In andere thans geldende Europese landbouwsubsidieverordeningen zijn soortgelijke regels terug te vinden.7 Uit de jurisprudentie van het Hof van Justitie blijkt dat het niet gaat om sancties, maar om een normaal gevolg van de niet-vervulling van de wettelijke voorwaarden.8 Volgens het Hof is de naleving van termijnen in het landbouwsubsidierecht onontbeerlijk om de goede werking van de betrokken steunregeling te verzekeren.9
In de Commissieverordening nr. 1122/2009 is een tweetal uitzonderingen op de voorgaande sancties opgenomen. De landbouwer kan in de eerste plaats een beroep doen op overmacht of uitzonderlijke omstandigheden.10 Hierop wordt in paragraaf 5.7.7 verder ingegaan. De Europese bedrijf stoeslagregeling bevat nog een tweede ontsnappingsclausule om aan de kortingen te ontkomen. De bedrijfstoeslag kan namelijk te allen tijde worden gewijzigd indien sprake is van een kennelijke fout die door de bevoegde autoriteiten wordt erkend.11 Dergelijke bepalingen zijn á sinds jaar en dag in de Europese landbouwsubsidieverordeningen terug te vinden. Over dit begrip bestaat — vreemd genoeg nog geen jurisprudentie van het Hof van Justitie. Er is over deze kwestie wel een werkdocument van de Europese Commissie.12
In het kader van de bedrijfstoeslag is de mogelijkheid om een eenmaal ingediende subsidieaanvraag te wijzigen en in te trekken beperkt. Op grond van de Commissieverordening nr. 1122/2009 heeft de aanvrager tot twee weken na de uiterste indieningstermijn nog de mogelijkheid om de aanvraag te wijzigen.13 Onder een wijziging valt ook het alsnog opvoeren van percelen waarvoor nog geen bedrijfstoeslag is aangevraagd. Indien na de twee-wekentermijn een perceel aan de aanvraag wordt toegevoegd, geldt — behoudens overmacht en uitzonderlijke omstandigheden — een korting van 1% per werkdag.14 Wijzigingen die worden ingediend meer dan 25 kalenderdagen na de uiterste datum voor het indienen van de subsidieaanvraag, worden niet meer aanvaard.15 De bedrijfstoeslag voor de extra opgegeven percelen wordt in dat geval niet uitbetaald.
Het geheel of gedeeltelijk intrekken van de aanvraag wordt niet beperkt tot twee weken na de uiterste indieningsdatum. Indien de landbouwer erachter komt dat bijvoorbeeld bij het opgeven van percelen een fout is gemaakt waardoor hem een korting dreigt te worden opgelegd, kan hij de aanvraag voor het desbetreffende perceel op ieder moment intrekken.16 Voorwaarde is wel dat op dat moment de landbouwer nog niet door het nationale uitvoeringsorgaan op de hoogte is gesteld van die fout dan wel nog geen melding heeft plaatsgevonden dat een controle ter plaatse zal plaatsvinden.17 Onder deze voorwaarden heeft de intrekking van een gedeelte van de aanvraag geen consequenties voor de resterende aanvraag.
Voormelde strenge Europese regels zijn volgens de considerans bij de Commissieverordening nr. 1122/2009 absoluut noodzakelijk om de nationale overheidsdiensten in staat te stellen doeltreffende controles op de juistheid van de steunaanvragen te programmeren en vervolgens uit te voeren.18 Omdat de uitbetaling van de Europese landbouwsubsidies doorgaans geschiedt op basis van één aanvraag, is het van groot belang dat de nationale uitvoeringsorganen ter beoordeling daarvan over alle noodzakelijke gegevens beschikken. Het is niet werkbaar indien nationale uitvoeringsorganen bij het uitvoeren van administratieve controle en controles ter plaatse geconfronteerd worden met allerlei correcties van de aanvraag. Indien landbouwers de voorgeschreven termijnen niet in acht nemen, ontstaat er een administratieve chaos, zo is de gedachte. De kortingen die moeten worden opgelegd, dienen ertoe de landbouwers aan te zetten de uiterste data in acht te nemen.19
Voor de overige Europese subsidieregeling geldt dat alleen voor de Europese subsidieregelingen inzake Jeugd in Actie en Een Leven Lang Leren is geregeld hoe wordt omgegaan met te laat ingediende aanvragen en wijziging van reeds ingediende (onvolledige) aanvragen. Voordat op de inhoud van deze regels wordt ingegaan, dient de vraag te worden beantwoord in hoeverre deze regels direct doorwerken in de nationale subsidieverhouding. De regels zijn immers neergelegd in programmagidsen die zijn vastgesteld door de Europese Commissie. Dat de nationale agentschappen aan deze programmagidsen zijn gebonden volgt uit de gidsen voor nationale agentschappen. Wat betreft de subsidieaanvragers staat in de oproep tot het indienen van voorstellen vermeld dat de aanvragen moeten voldoen aan alle voorwaarden van de programmagids.20 De bevoegdheid om dit in een oproep tot voorstellen neer te leggen is uiteindelijk gebaseerd op artikel 115, tweede lid, van het Financieel Reglement en artikel 167 van de Commissieverordening, behorend bij het Financieel Reglement en de besluiten van de Raad en het Europees Parlement inzake Een Leven Lang Leren en Jeugd in Actie.21 Wat betreft de regels zelf moet een onderscheid worden gemaakt tussen de aanvraag om in aanmerking te komen voor de Europese subsidie en de aanvraag tot vaststelling van het definitieve subsidiebedrag na uitvoering van het project. Aanvragen om voor een Europese subsidie in aanmerking te komen die worden ingediend na de uiterste datum van indiening worden afgewezen.22 Hiermee hangt samen dat aanvragers na het verstrijken van de indieningstermijn geen wijzigingen meer kunnen aanbrengen in hun subsidieaanvraag.23 Op grond van artikel 178, tweede lid, van de Commissieverordening behorend bij het Financieel Reglement kan het evaluatiecomité de aanvrager wel verzoeken om bijkomende inlichtingen te verstrekken of de ingediende bewijsstukken met betrekking tot de aanvraag toe te lichten, met name in het geval van kennelijke schrijffouten. De aanvraag tot het vaststellen van het definitieve subsidiebedrag geschiedt door middel van het indienen van een eindrapport.24 Uit de Gids voor de nationale agentschappen blijkt dat het nationaal agentschap de ontvanger van de Europese subsidie naar aanleiding van dat rapport om extra informatie kan verzoeken en dat indien het eindrapport niet tijdig wordt ingediend een hersteltermijn wordt gegund alvorens de subsidie wordt ingetrokken.25
Voor de overige Europese subsidies wordt de vraag hoe om te gaan met te laat ingediende subsidieaanvragen, aanvullingen, wijzigingen en intrekkingen van reeds ingediende (onvolledige) aanvragen in beginsel beheerst door het nationale recht. In beginsel, omdat — zoals in de volgende paragraaf wordt besproken — op grond van het transparantiebeginsel grenzen worden gesteld aan dit nationale recht. Voor ELFPO-subsidies is voorts nog wel van belang dat in artikel 4, derde lid, van de Commissieverordening nr. 1975/2006 is bepaald dat steun- en betalingsaanvragen te allen tijde na de indiening ervan kunnen worden gecorrigeerd in geval van een kennelijke fout die door de bevoegde autoriteit als zodanig wordt erkend.