Einde inhoudsopgave
De grenzen voorbij (NJV 2019-1) 2019/4.3.2
4.3.2 Grensbarrières
mr. dr. M.H.A. Strik, prof. mr. A.B. Terlouw, datum 01-05-2019
- Datum
01-05-2019
- Auteur
mr. dr. M.H.A. Strik, prof. mr. A.B. Terlouw
- JCDI
JCDI:ADS381187:1
- Vakgebied(en)
EU-recht / Algemeen
Staatsrecht / Algemeen
Internationaal publiekrecht / Algemeen
Voetnoten
Voetnoten
Vallet 2014.
Wittenberg 2015, p. 185.
Zie ook Wittenberg 2015, p. 188 en Jones 2016.
Scheffer 2016, p. 60 verwijst naar Sanders die zegt dat asielzoekers niet in de eerste plaats menselijk kapitaal vertegenwoordigen maar aller eerst veel menselijke ellende. Scheffer wijst op p. 61 ook op de kosten van inburgering en schrijft dat het wel duidelijk is ‘dat een grenzeloos welkom bij asielzoekers niet zal leiden tot een grenzeloze bereidheid tot aanpassing. Uit de migratiegeschiedenis van de afgelopen decennia kunnen we leren dat het veel moeite kost om zulke mentale afstanden te overbruggen’.
Jones 2016.
Vgl. Spijkerboer 2019 (verwacht).
Den Heijer 2019 (verwacht), laat zien hoe de visumplicht een sterke correlatie heeft met ras (met als uitzonderingen de visavrijstelling voor burgers van de Verenigde Arabische Emiraten en Taiwan, en een vrijwel volledige correlatie met klasse en vraagt zich af of er een objectieve rechtvaardiging voor dit onderscheid tussen mensen uit visum vrije en visumplichtige landen bestaat. Zie ook Van Houtum 2010, p. 957-976, die het EU-visaregime kwalificeerde als ‘Global apartheid politics’. Ook Guild heeft al in 2001 op het discriminatoire karakter van het Europese visaregime gewezen: Guild 2001, p. 38.
Australië kent weliswaar de mogelijkheid om een humanitair visum aan te vragen, maar dit visum wordt slechts in enkele uitzonderlijke gevallen verstrekt.
Zie onder andere de EHRM jurisprudentie zoals beschreven in paragraaf 4.1 en 4.2.
Het bouwen van grensmuren beleeft hernieuwde populariteit. Het hoofddoel ervan is tegenwoordig het tegengaan van ongewenste migratie uit voornamelijk armere landen. De afgelopen dertig jaar is het aantal grensmuren wereldwijd gestegen van ongeveer vijftien naar bijna zeventig.1 Wittenberg wijst erop dat het nog maar een kwart eeuw geleden is dat de mensheid fantaseerde over een wereld zonder grenzen en dat prikkeldraadversperringen symbool stonden voor de totalitaire staat die zijn burgers opsluit.2 De val van de Berlijnse muur in 1989 werd als een overwinning van de vrijheid gevierd. In 1993 werden de binnengrenzen van de EU geslecht. Ook tussen Canada, de VS en Mexico werd het vrij verkeer van personen vereenvoudigd met de Nafta vrijhandelsovereenkomst van 1994. De ommekeer begon in de jaren negentig van de vorige eeuw en was overal zichtbaar na 11 september 2001. Na de aanslag op de Twin Towers werd de grensmuur steeds meer ingezet als een krachtig symbool in de strijd tegen terrorisme en ongewenste migratie.3 In 2019 riep president Trump zelfs de noodtoestand uit om de door hem gewenste muur tussen de VS en Mexico te kunnen bekostigen, nadat het conflict met de democraten hierover eerst tot de langste shut down in de Amerikaanse geschiedenis had geleid.
De rechtvaardiging voor de grensbarrières is dat ze nodig zijn voor de nationale veiligheid in ruime zin: terrorismebestrijding, bescherming van de arbeidsmarkt en sociale zekerheidsstelsel en de sociaal culturele verhoudingen in een land.4 De effectiviteit van grensmuren om vluchtelingen en andere migranten tegen te houden, moet echter ernstig worden betwijfeld. Jones wijst er bijvoorbeeld op dat het afsluiten van grenzen er met name toe leidt dat migranten andere – gevaarlijker – wegen zoeken en vinden om de grens te overschrijden, met als gevolg een grote toename van het aantal grensdoden.5 Daarnaast maken veel irreguliere migranten vooral gebruik van legale manieren om de grens te overschrijden, bijvoorbeeld door met een geldig visum binnen te reizen en na afloop van de visumtermijn zonder toestemming te blijven. Het teruggrijpen op muren om ongewenste buitenstaanders tegen te houden, in een tijd waarin over toelating meestal niet aan de fysieke grens wordt beslist, doet vermoeden dat andere motieven leidend zijn. Politieke daadkracht tonen, de bevolking geruststellen, of migranten afschrikken. Daarbij moet worden bedacht dat de grensbarrières slechts voor een deel van de wereldbevolking gelden. Wie in het rijkere geïndustrialiseerde deel van de wereld woont, kan over het algemeen visavrij reizen en heeft geen last van muren en prikkeldraad. Dat maakt de spanning zichtbaar tussen de waardering van de eigen bewegingsvrijheid, die van toeristen en handelspartners en van transnationale contacten, en de wens om diezelfde vrijheid te beperken als het gaat om mensen uit Afrika en Zuid-Azië.6 Wie niet aan een visumvereiste hoeft te voldoen of wie eenvoudig een visum kan verkrijgen, mag ongehinderd een ander land binnen reizen.7 Vluchtelingen mogen doorgaans niet visumvrij reizen, maar ze krijgen ook geen visum om hun heil elders te zoeken.8 Zij worden daarom hard getroffen door grensbarrières.
Welke verplichtingen heeft een staat tegenover een vluchteling die tegen zijn grensbarrière aanloopt? Ze bevinden zich dan nog op het grondgebied van een ander land. Zoals in hoofdstuk 2 al betoogd, kan die staat medeverantwoordelijk worden gehouden als die grensbarrière de vluchteling onbeschermd laat vanwege de omstandigheden in dat buurland.
Het is in elk geval duidelijk dat staten die de fictie hanteren dat vluchtelingen aan de grens zich nog niet binnen hun grondgebied bevinden, terwijl ze in feite die grens al hebben gepasseerd, bijvoorbeeld door een transitzone in te stellen, volledige verantwoordelijkheid dragen. Het internationale recht belet staten om door middel van grensbarrières hun verantwoordelijkheid te ontlopen.9