Bescherming van beursvennootschappen door uitgifte van preferente aandelen
Einde inhoudsopgave
Bescherming van beursvennootschappen door uitgifte van preferente aandelen (VDHI nr. 147) 2018/6.3.1:6.3.1 RNA-beschikking van toepassing op onbeschermde vennootschap
Bescherming van beursvennootschappen door uitgifte van preferente aandelen (VDHI nr. 147) 2018/6.3.1
6.3.1 RNA-beschikking van toepassing op onbeschermde vennootschap
Documentgegevens:
mr. R.A.F. Timmermans, datum 01-10-2017
- Datum
01-10-2017
- Auteur
mr. R.A.F. Timmermans
- JCDI
JCDI:ADS343400:1
- Vakgebied(en)
Ondernemingsrecht / Rechtspersonenrecht
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Zie paragraaf 4.2.3.
Zie paragraaf 2.4.5 onder f. Dit uitgangspunt sluit aan bij Hof Amsterdam (OK) 11 maart 1999, NJ 1999/351; JOR 1999/89 (Breevast) en bij Hof Amsterdam (OK) 27 mei 1999, NJ 1999/487; JOR 1999/121 (Gucci). Zie over de de betekenis die wordt toegekend aan “open” structuur paragraaf 6.2.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
In deze paragraaf staat centraal de onbeschermde vennootschap die een kenbare statutaire inrichting heeft, waaruit niet blijkt van enige beschermingsmaatregel. Deze vennootschap past art. 2:359b BW niet toe, waardoor zij in ieder geval niet op grond van dat artikel gehouden is om goedkeuring te vragen van de algemene vergadering voor het treffen van een beschermingsmaatregel. Omdat de vennootschap onbeschermd is, kennen de statuten geen beschermingsprefs. Een wijziging van de statuten van de vennootschap zal te veel tijd kosten en zal bovendien op weerstand van de aandeelhouders stuiten.1 Wil de onbeschermde vennootschap zich toch beschermen, dan zal zij het moeten doen met de uitgifte van gewone beschermingsaandelen. Daarbij is het van belang dat zij snel en adequaat kan opereren. Het bestuur zou dan tot uitgifte van aandelen moeten kunnen besluiten, zonder dat daarbij een besluit van de algemene vergadering vereist is.
In de RNA-beschikking heeft de Hoge Raad uitgemaakt dat de uitgifte van aandelen gerechtvaardigd kan zijn indien zulks noodzakelijk is onder meer met het oog op de continuïteit van (het beleid van) de vennootschap en de belangen van de daarbij betrokkenen en dat zulks óók geldt voor vennootschappen met een “open” structuur.2 Hieruit kan worden afgeleid dat ook een vennootschap die zich niet heeft beschermd en zich als zodanig naar buiten toe heeft gepresenteerd, zich mag beschermen. Het treffen van een beschermingsmaatregel door de onbeschermde vennootschap wordt dan getoetst aan de RNA-norm.