Fiscale Europeesrechtelijke aspecten van grensoverschrijdend pensioenverkeer
Einde inhoudsopgave
Fiscale Europeesrechtelijke aspecten van grensoverschrijdend pensioenverkeer (FM nr. 174) 2022/A.2.5:A.2.5 Aberdeen
Fiscale Europeesrechtelijke aspecten van grensoverschrijdend pensioenverkeer (FM nr. 174) 2022/A.2.5
A.2.5 Aberdeen
Documentgegevens:
Dr. E.A.P. Schouten, datum 01-01-2022
- Datum
01-01-2022
- Auteur
Dr. E.A.P. Schouten
- JCDI
JCDI:ADS634676:1
- Vakgebied(en)
Pensioenen (V)
Belastingrecht algemeen (V)
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
HvJ EG 18 juni 2009, zaak C-303/07, ECLI:EU:C:2009:377, Jur. 2009, p. I-5145, r.o.51 (Aberdeen).
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
In het arrest Aberdeen ging het om een Finse dochtermaatschappij die dividend uitkeerde aan haar moedervennootschap, een in Luxemburg gevestigde SICAV (een beleggingsfonds). Bij een uitkering aan een Finse moedermaatschappij (al dan niet een beleggingsfonds) zou geen Finse dividendbelasting verschuldigd zijn, terwijl de verplichting tot betaling van dividendbelasting wel bestond bij de uitkering aan het Luxemburgse beleggingsfonds. Finland verwees, ter verdediging van dit verschil in behandeling, onder andere naar het feit dat een Luxemburgse SICAV niet aan een winstbelasting is onderworpen in haar woonland. Het HvJ achtte dat echter niet relevant.1
Het HvJ was het dus oneens met de verweren van de Finse regering dat Finland een rechtsvorm als die van de Luxemburgse belanghebbende niet kende, en dat de belanghebbende in zijn land van vestiging, Luxemburg, niet aan belasting zou zijn onderworpen. De rechtsvorm en de fiscale behandeling in de andere staat doen niet ter zake. Het gaat om de fiscale behandeling, louter bezien vanuit de (potentieel) belemmerende lidstaat, van binnenlandse en grensoverschrijdende situaties.