De agenda en het agenderingsrecht bij kapitaalvennootschappen
Einde inhoudsopgave
De agenda en het agenderingsrecht bij kapitaalvennootschappen (VDHI nr. 176) 2022/2.3.2:2.3.2 Wanneer
De agenda en het agenderingsrecht bij kapitaalvennootschappen (VDHI nr. 176) 2022/2.3.2
2.3.2 Wanneer
Documentgegevens:
mr. E.J. Breukink, datum 15-04-2022
- Datum
15-04-2022
- Auteur
mr. E.J. Breukink
- JCDI
JCDI:ADS649937:1
- Vakgebied(en)
Ondernemingsrecht (V)
Ondernemingsrecht / Corporate governance
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Zie over de voorbereiding van documentatie rondom de oproeping bij de jaarlijkse algemene vergadering van de Nederlandse beursvennootschap verder Spuijbroek 2017.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Bij de BV moet de oproeping niet later dan op de achtste dag voor die van de vergadering geschieden (art. 2:225 BW). Als de BV echter een notering aan een gereglementeerde markt heeft, geldt op grond van art. 2:187 jo art. 2:115 lid 2 BW en art. 5:25ka lid 1 Wft een oproepingstermijn van tweeënveertig dagen. Voor de BV met enkel een notering aan een ander systeem dan een gereglementeerde markt, geldt de oproepingstermijn van acht dagen uit art. 2:225 BW. Op dergelijke BV’s zijn art. 2:115 lid 2 BW en art. 5:25ka Wft namelijk niet van toepassing. Bij de NV met een notering aan een gereglementeerde markt geschiedt de oproeping op grond van art. 2:115 lid 2 BW en art. 5:25ka lid 1 Wft niet later dan op de tweeënveertigste dag voor die van de vergadering. Bij de NV zonder notering aan een gereglementeerde markt, daaronder begrepen de NV met slechts een notering aan een ander systeem dan een gereglementeerde markt, bedraagt de oproepingstermijn vijftien dagen (art. 2:115 lid 1 en lid 2 BW).1 De voorzieningenrechter kan bij het verlenen van een machtiging tot bijeenroeping van de algemene vergadering afwijken van door de wet en de statuten gestelde oproepingstermijnen, tenzij het een NV of BV met een notering aan een gereglementeerde markt betreft (art. 2:111 lid 1 jo 2:115 lid 1 en lid 2/2:221 lid 1 jo 2:225 BW). Zie hierover verder par. 5.5.4.4.a.
Was de oproepingstermijn te kort of heeft geen oproeping plaatsgehad, dan zijn de ter vergadering genomen besluiten in beginsel vernietigbaar (art. 2:115 lid 1/225 BW). Hieruit moet mijns inziens niet worden afgeleid dat de oproeping (en daarmee het verstrekken van de agenda) voor een algemene vergadering zonder besluitpunten kan geschieden zonder inachtneming van de geldende wettelijke oproepingstermijn. De wet bepaalt expliciet dat de oproeping (en daarmee het verstrekken van de agenda) niet later gebeurt dan op de respectievelijk achtste, vijftiende of tweeënveertigste dag voor die van de vergadering. Dat geldt onverkort als ter vergadering nergens over besloten hoeft te worden.