Uitbesteding van werk en (on)gelijke behandeling
Einde inhoudsopgave
Uitbesteding van werk en (on)gelijke behandeling (MSR nr. 87) 2024/6.5.4.1:6.5.4.1 Uitzendbeding en afwijkende ketenregeling: gerechtvaardigd personeelsbeleid?
Uitbesteding van werk en (on)gelijke behandeling (MSR nr. 87) 2024/6.5.4.1
6.5.4.1 Uitzendbeding en afwijkende ketenregeling: gerechtvaardigd personeelsbeleid?
Documentgegevens:
M.A.C. Keijzer, datum 01-01-2024
- Datum
01-01-2024
- Auteur
M.A.C. Keijzer
- JCDI
JCDI:ADS943631:1
- Vakgebied(en)
Arbeidsrecht (V)
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
De ongelijke behandeling die deze afwijkingen van het reguliere ontslagrecht opleveren, bleek bij uitzenden door uitzendbureaus geen gerechtvaardigd personeelsbeleid van het uitzendbureau. In casu zouden dus alleen specifieke elementen die detacheerders in de praktijk van traditionele uitzendbureaus doen verschillen, die ongelijke behandeling wel doen rechtvaardigen. Detacheerders hebben doorgaans een nauwere, duurzamere band met werknemers dan uitzendbureaus, onder andere doordat meer in scholing en ontwikkeling zou worden geïnvesteerd. De werknemers van detacheerders vormen tezamen ook meer een groep van collega’s dan dat werknemers van een uitzendbureau dat doen. De relatie tussen detacheerder en werknemer lijkt van de verschillende vormen van bedrijfsmatige terbeschikkingstelling dus het meest op de relatie tussen een reguliere, niet-ter beschikking stellende, werkgever en werknemer. De vrijblijvendheid die het uitzendbeding en de uitgestelde en verlengde ketenregeling voor de werkgever veroorzaken, past daar niet bij. Het niet kunnen toepassen van deze regelingen staat ook niet in de weg aan het vervullen van de gerechtvaardigde verwachtingen van inleners van detacheerders. Het afschaffen van het uitzendbeding en het toepassen van de wettelijke ketenregeling bieden geen aanleiding voor het stellen van striktere voorwaarden aan beëindiging van de opdracht. Van detacheerders mag verwacht worden dat zij de arbeidskracht op kunnen vangen als de opdracht wordt beëindigd en dat zij juist vanwege hun focus op scholing en ontwikkeling zich inspannen voor succesvolle herplaatsing. Dat betekent dat beide afwijkende regelingen, gezien de aard en context van de activiteiten van de bedrijfsmatige detacheerder en de gerechtvaardigde verwachtingen van opdrachtgevers, niet noodzakelijk zijn voor het bereiken van legitieme doelstellingen. Van een gerechtvaardigd personeelsbeleid is dus geen sprake.