Einde inhoudsopgave
Verhandelbare emissierechten in broeikasgassen (SteR nr. 34) 2017/4.4.3
4.4.3 Regels inzake het veilingproces
mr. T.J. Thurlings, datum 01-08-2017
- Datum
01-08-2017
- Auteur
mr. T.J. Thurlings
- JCDI
JCDI:ADS605781:1
- Vakgebied(en)
Energierecht / Algemeen
Voetnoten
Voetnoten
Die volgt uit artikel 27 lid 1 aanhef Verordening (EU) 1031/2010. Informatie over het huidige aanwijzingscontract met de EEX kan worden gevonden op: http://ted.europa.eu/udl?uri=TED: NOTICE: 296616-2016: TEXT: EN: HTML (geraadpleegd op 10 januari 2017). De link naar het contract op http: //ec.europa.eu/clima/tenders/2014/208551_en werkt evenwel niet (geraadpleegd op 6 februari 2017).
De kwalificatie ‘gerechtigd zijn’, in de Engelse taalversie ‘eligible’, duidt er mijns inziens op dat eventuele aanvragen van andere dan deze personen onder geen beding mogen worden gehonoreerd.
Artikel 18 lid 1 onder a Verordening (EU) 1031/2010.
Artikel 18 lid 1 onder b Verordening (EU) 1031/2010. Er wordt in dit artikel weliswaar verwezen naar Richtlijn 2004/39/EG, maar deze Richtlijn is vervangen door Richtlijn 2014/65/EU. Iedere verwijzing naar de oude Richtlijn moet gelezen worden als een verwijzing naar Richtlijn 2014/65/EU, zulks volgt uit artikel 94 van die Verordening.
Artikel 18 lid 1 onder c Verordening (EU) 1031/2010. In deze bepaling wordt nog verwezen naar Richtlijn 2006/48/EU. Die Richtlijn is echter ingetrokken. De betreffende vergunningsregeling is nu terug te vinden in hoofdstuk 1 Richtlijn 2013/36/EU.
Artikel 18 lid 3 jo artikel 59 Verordening (EU) 1031/2010 regelt verder nog de aanvraag tot toelating ten aanzien van beleggingsondernemingen en kredietinstellingen, voor zover betrekking hebbende op veilingsproducten die geen financiële instrumenten zijn. Dit was relevant, omdat onder Richtlijn 2004/39/EG, de voorloper van Richtlijn 2014/ 65/EU, emissierechten niet als financieel instrument werden gekwalificeerd. Nu echter Richtlijn 2014/65/EU emissierechten als financieel instrumenten kwalificeert, zijn alle veilingsproducten die op veilingplatforms worden verhandeld vanaf de inwerkingtreding van deze Richtlijn (3 januari 2017, artikel 93 lid 1 van de Richtlijn) tevens financiële instrumenten. Artikel 18 lid 3 Verordening (EU) 1031/2010 is daarmee vanaf die datum dus overbodig.
Dit zijn die personen die voor eigen rekening handelen, behalve wanneer zij voor eigen rekening voor cliënten handelen, alsook personen die andere beleggingsdiensten dan handel voor eigen rekening verlenen in grondstofderivaten of (derivaten van) emissierechten, aan cliënten of leveranciers van hun hoofdbedrijf. Vereist is daarbij wel dat de activiteiten van deze personen als een nevenactiviteit van hun hoofdbedrijf is te beschouwen en het hoofdbedrijf niet bestaat uit het verlenen van beleggingsdiensten in de zin van Richtlijn 2014/65/EU, of bankactiviteiten in de zin van Richtlijn 2013/36/EU, of bestaat uit het optreden als market maker met betrekking tot grondstofderivaten. Daarnaast mogen de personen geen toepassing geven aan technieken voor hoogfrequentie algoritmische handel. Verder dienen deze personen jaarlijks de betrokken bevoegde autoriteit ervan in kennis stellen dat zij van deze vrijstelling gebruikmaken en dienen zij op verzoek de bevoegde autoriteit mede te delen op welke basis zij van mening zijn dat hun activiteit overeenkomstig de hierboven genoemde punten een neven activiteit is van hun hoofdbedrijf. Uiteraard wordt aan deze uitzondering pas toegekomen, als eerst overeenkomstig artikel 1 Richtlijn 2014/65/EU is vastgesteld dat de persoon in beginsel onder de reikwijdte van de Richtlijn valt.
Dit volgt uit artikel 18 lid 2 en artikel 59 lid 1 onder a Verordening (EU) 1031/2010.
Artikel 18 lid 4 Verordening (EU) 1031/2010.
Artikel 18 lid 5 Verordening (EU) 1031/2010.
Artikel 18 lid 6 Verordening (EU) 1031/2010.Wie de veiler en veilingtoezichthouder zijn, en wat hun respectievelijke taken zijn, wordt verderop nader uitgewerkt.
Artikel 20 lid 1 Verordening (EU) 1031/2010.
Dit is een tegoedrekening als bedoeld in Verordening (EU) 389/2013 (dit volgt uit artikel 3 onder 21 Verordening (EU) 1031/2010 jo artikel 19 lid 3 Richtlijn ETS jo Verordening (EU) 389/2013). Zie over die Verordening nader: hoofdstuk 5.
Dit is een door de bieder of zijn rechtsopvolger aangewezen bankrekening voor het ontvangen van overeenkomstig deze verordening verschuldigde betalingen (artikel 3 onder 22 Verordening (EU) 1031/2010).
Zie voor alle vereisten artikel 19 lid 2 Verordening (EU) 1031/2010.
Artikel 19 lid 2 onder h Verordening (EU) 1031/2010.
Zie over secundaire markten het volgende hoofdstuk.
Artikel 20 lid 1 jo artikel 19 lid 1 Verordening (EU) 1031/2010.
Het veilingplatform dient daarbij tevens te voorzien in toegang op afstand tot zijn veilingen, door middel van een elektronische interface die via het internet veilig en betrouwbaar toegankelijk is. Daarnaast dienen bieders tevens de mogelijkheid te hebben om via een specifieke verbinding met de elektronische interface toegang te hebben tot zijn veilingen (artikel 16 lid 2 Verordening (EU) 1031/2010).
Artikel 8 lid 1 Verordening (EU) 1031/2010.
Artikel 11 lid 1 Verordening (EU) 1031/2010 m.b.t. algemene emissierechten resp. artikel 13 lid 1 Verordening (EU) 1031/2010 voor emissierechten die slechts door vliegtuigexploitanten kunnen worden gebruikt.
Artikel 10 en 11, resp. 12 en 13 Verordening (EU) 1031/2010.
Artikel 14 Verordening (EU) 1031/2010.
Artikel 1 lid 8 Besluit 2015/1814/EU. Zie hierover de werking van de ‘Market Stability Reserve’: hoofdstuk 2, paragraaf 2.3.
Gedefinieerd als: ‘emissierechten die worden geveild en die op een overeengekomen tijdstip ten laatste op de tweede handelsdag na de dag van de veiling moeten worden geleverd, overeenkomstig artikel 38, lid 2, onder a), van Verordening (EG) nr. 1287/ 2006’ (artikel 3 lid 3 Verordening (EU) 1031/2010).
Gedefinieerd als: ‘emissierechten die worden geveild als financiële instrumenten overeenkomstig artikel 38, lid 3, van Verordening (EG) nr. 1287/2006, waarbij de levering op een overeengekomen tijdstip ten laatste op de vijfde handelsdag na de dag van de veiling plaatsvindt’ (artikel 3 lid 4 Verordening (EU) 1031/2010).
Artikel 4 Verordening (EU) 1031/2010.
Emissierechten, verhandeld als tweedaagse spots waren onder Richtlijn 2004/39/EG ingevolge artikel 4 lid 1 onder Richtlijn 2004/39/EG jo artikel 38 lid 2 onder a Verordening 1287/2006 geen financieel instrument (zie tevens overweging 11 Verordening (EU) 1031/2010). Door Richtlijn 2014/65/EU worden emissierechten uitdrukkelijk als financiële instrumenten gekwalificeerd, dit volgt uit artikel 4 lid 1 onder 15 jo bijlage 1 deel C onder 11 (zie tevens: De Bruijne &; Hiemstra 2014, p. 198), waardoor dus ook spotcontracten als financieel instrument zijn te kwalificeren.
Artikel 7 Verordening (EU) 1031/2010.
Artikel 6 lid 1 Verordening (EU) 1031/2010. In geval van een tijdelijk platform als bedoeld in artikel 26 lid 2 Verordening (EU) kan een kavel ook 1000 emissierechten omvatten.
Artikel 19 lid 3 Verordening (EU) 1031/2010. Dit tijdstip dient door het veilingplatform ten minste vijf handelsdagen voor de opening van het biedinginterval te worden vastgesteld en bekendgemaakt.
Artikel 6 lid 3 jo artikel 19 lid 2 onder d Verordening (EU) 1031/2010.
Artikel 6 lid 5 Verordening (EU) 1031/2010. In deze bepaling wordt weliswaar verwezen naar Richtlijn 2004/39/EG, uit artikel 94 Richtlijn 2014/65/EU volgt dat deze verwijzing overeenkomstig de concordantietabellen in bijlage IV van de Richtlijn 2014/65/EU dient te worden gelezen als een verwijzing naar Richtlijn 2014/65/EU. Aangezien hierboven reeds is opgemerkt dat onder Richtlijn 2014/65/EU zowel tweedaagse spots als vijfdaagse futures als financiële instrumenten zijn aan te merken, heeft de kwalificatie ‘als het veilingproduct een financieel instrument is’ in artikel 6 lid 5 Verordening (EU) 1031/2010 geen toegevoegde waarde meer.
Artikel 6 lid 4 Verordening (EU) 1031/2010.
Artikel 7 lid 1 Verordening (EU) 1031/2010.
Artikel 7 lid 2 Verordening (EU) 1031/2010.
Idem.
Artikel 5 jo artikel 7 lid 3 Verordening (EU) 1031/2010.
Artikel 7 lid 4 Verordening (EU) 1031/2010.
Artikel 7 lid 5 Verordening (EU) 1031/2010. De geannuleerde emissierechten worden overeenkomstig artikel 8 Verordening (EU) 1031/2010 gelijkmatig verdeeld over de volgende op het veilingplatform geplande veilingen.
Artikel 7 lid 6 Verordening (EU) 1031/2010. De geannuleerde emissierechten worden overeenkomstig artikel 8 Verordening (EU) 1031/2010 gelijkmatig verdeeld over de volgende op het veilingplatform geplande veilingen.
Artikel 61 lid 1 Verordening (EU) 1031/2010.
Artikel 61 lid 2 Verordening (EU) 1031/2010.
Artikel 61 lid 3 Verordening (EU) 1031/2010. Het veilingplatform stelt tevens het desbetreffende met het platform verbonden clearingsysteem of afwikkelingsysteem in kennis van de aan elke succesvolle bieder medegedeelde informatie als hierboven beschreven.
De aangewezen bankrekening wordt gedefinieerd als: ‘een door een veiler, een bieder of zijn rechtsopvolger aangewezen bankrekening voor het ontvangen van overeenkomstig deze verordening verschuldigde betalingen’ (artikel 3 onder 22 Verordening (EU) 1031/2010).
Artikel 44 lid 1 Verordening (EU) 1031/2010.
Behoudens een bedrag waarvoor het wordt verzocht op te treden als betaalagent ten aanzien van de veilingtoezichthouder (artikel 44 lid 2 Verordening (EU) 1031/2010). Deze bepaling is in het leven geroepen voor de gevallen waarin de veilingmonitor wordt betaald uit de veilingopbrengsten (zie overweging 19 van de considerans van Verordening (EU) 1143/2013, waarmee deze bepaling is ingevoerd).
Artikel 44 lid 3 Verordening (EU) 1031/2010.
Artikel 46 Verordening (EU) 1031/2010 jo artikel 42 Verordening (EU) 389/2013.
https://ec.europa.eu/clima/policies/ets/auctioning_en (geraadpleegd op 11 januari 2017) en artikel 3 onder 31 Verordening (EU) 1031/2010. Zie over de ECC: http://www.ecc.de/ecc-en/ (geraadpleegd op 11 januari 2017).
Artikel 47 lid 1 Verordening (EU) 1031/2010.
Artikel 47 lid 2 jo artikel 11 lid 1 jo artikel 13 lid 2 Verordening (EU) 1031/2010.
Artikel 48 lid 1 jo lid 2 Verordening (EU) 1031/2010.
Overeenkomstig artikel 27 lid 1 Verordening (EU) 1031/2010 dient het veilingplatform zorg te dragen, voor zover het betreft de regelgeving inzake het veilingproces, voor:
de verschaffing van toegang tot de veilingen, overeenkomstig de artikelen 15 tot en met 21, met inbegrip van de terbeschikkingstelling en het onderhoud van de noodzakelijke internetondersteunde elektronische interfaces en website;
de organisatie van de veilingen overeenkomstig de artikelen 4 tot en met 7;
het beheer van de veilingkalender overeenkomstig de artikelen 8 tot en met 14;
de bekendmaking en kennisgeving van de resultaten van veilingen overeenkomstig artikel 61;
de terbeschikkingstelling, of het garanderen van de terbeschikkingstelling, van het clearingsysteem of afwikkelingssysteem dat nodig is voor:
de afhandeling van de betalingen van de succesvolle bieders of hun rechtsopvolgers en de uitkering van de opbrengsten van de veilingen aan de veiler, overeenkomstig de artikelen 44 en 45;
de levering van de geveilde emissierechten aan de succesvolle bieders of hun rechtsopvolgers, overeenkomstig de artikelen 46, 47 en 48;
het beheer van de door de veiler of de bieders gestelde zekerheden, met inbegrip van eventuele margining, overeenkomstig de artikelen 49 en 50;
de verstrekking aan de veilingtoezichthouder van alle informatie over het verloop van de veilingen die noodzakelijk is voor de uitoefening van de taken van de veilingtoezichthouder, overeenkomstig artikel 53;
het monitoren van de veilingen, de melding wanneer er vermoedens van witwassen van geld, financiering van terrorisme, criminele activiteiten of marktmisbruik bestaan en de toepassing van de eventueel vereiste corrigerende maatregelen of sancties, inclusief de voorziening in een buitengerechtelijk geschillenbeslechtingsmechanisme, overeenkomstig de artikelen 54 tot en met 59 en artikel 64, lid 1.’
Deze taken dienen in het aanwijzingscontract van het veilingplatform nader te worden uitgewerkt.1
De toegang tot de veilingen wordt beheerst door de artikelen 15-21 Verordening (EU) 1031/2010. Achtereenvolgens wordt hier uitgewerkt wie het recht hebben biedingen uit te brengen en hoe het biedingproces verloopt.
Wie hebben het recht biedingen uit te brengen?
Artikel 18 Verordening (EU) 1031/2010 regelt wie gerechtigd zijn (in de Engelse taalversie ‘eligible’) een aanvraag in te dienen tot toelating om biedingen uit te brengen.2Artikel 19 bevat de eisen die gelden voor de toelating om te bieden. Gerechtigd voor een aanvraag tot toelating zijn:
De (vliegtuig)exploitant die houder is van een (vliegtuig)exploitantentegoedrekening en die biedingen uitbrengt voor eigen rekening.3 Daaronder vallen tevens moederondernemingen, dochterondernemingen of verbonden ondernemingen die deel uitmaken van dezelfde groep van ondernemingen als de (vliegtuig)exploitant.
Beleggingsondernemingen die over een vergunning overeenkomstig Richtlijn 2014/65/EU beschikken.4
Kredietinstellingen die over een vergunning overeenkomstig Richtlijn 2013/36/EU beschikken.5/6
Bedrijfsgroepen van de onder 1 genoemde personen die voor eigen rekening biedingen uitbrengen en optreden als agent namens hun leden.
Publiekrechtelijke instellingen van de lidstaten of entiteiten die staatseigendom van de lidstaten zijn en zeggenschap hebben over onder 1 genoemde personen.
Van Richtlijn 2014/65/EU uitgezonderde personen, als bedoeld in artikel 2 lid 1 onder j van die Richtlijn,7 mits aan hen vergunning is verleend door de bevoegde nationale autoriteit als bedoeld in artikel 59 lid 4 Verordening (EU) 1031/2010. Daarbij is tevens vereist dat de lidstaat waarin de persoon is gevestigd wetgeving tot stand heeft gebracht die de bevoegde autoriteit van die lidstaat in staat stelt vergunning te verlenen om voor eigen rekening of voor cliënten van hun hoofdbedrijf biedingen uit te brengen.8 Deze vergunning wordt in Nederland verleend door de AFM, waarbij is vereist dat de aanvrager voldoet aan de eisen uit artikel 59 lid 5 Verordening (EU) 1031/2010.9
In het kader van de beleggingsondernemingen en kredietinstellingen bedoeld onder 2 en 3, geldt dat zij slechts biedingen mogen uitbrengen namens cliënten voor zover die cliënten tevens zelf gerechtigd zijn een aanvraag tot toelating voor rechtstreekse biedingen te doen. Indien deze cliënten ook namens hun cliënten biedingen uitbrengen, geldt dezelfde regeling, alsook voor de cliënten van die cliënten enzovoort.10
De veiler, veilingplatform en daarmee verbonden clearingsystemen of afwikkelingsystemen, personen die op het beheer van de veiler of het veilingplatform invloed kunnen uitoefenen en personen die werkzaam zijn voor de veiler of het veilingplatform, zijn niet gerechtigd een aanvraag tot toelating te doen. Zij mogen evenmin via een tussenpersoon biedingen uitbrengen. 11
De veilingtoezichthouder, personen die in een positie verkeren waardoor zij invloed kunnen uitoefenen op het beheer van de veilingtoezichthouder, alsmede personen die werken voor de veilingtoezichthouder in samenhang met de veilingen mogen direct noch indirect deelnemen aan de veilingen.12
Voordat een gerechtigd persoon rechtstreeks biedingen kan uitbrengen, moet hij eerst een aanvraag om toelating om te bieden indienen bij het veilingplatform.13Artikel 19 Verordening (EU) 1031/2010 bevat de inhoudelijke eisen waaraan de gerechtigde persoon dient te voldoen. Onder andere is vereist dat de persoon houder is van een aangewezen tegoedrekening14 en aan gewezen banrekening15 en het veilingplatform genoegzaam informeert over zijn identiteit, identiteit van uiteindelijke begunstigden, integriteit, bedrijfs- en handelsprofiel, het type bieder, de aard van het veilingproduct, de omvang van de voorgenomen biedingen en de wijze van betaling en levering, alsmede financiële draagkracht.16 Van bieders wordt tevens verwacht dat zij zekerheden stellen overeenkomstig artikel 49 Verordening (EU) 1031/2010.17 Indien het veilingplatform tevens een secundaire markt (lees: een handelsmarkt waarop eenmaal verleende en geveilde emissierechten onderling kunnen worden verhandeld) exploiteert,18 en de gerechtigde persoon lid is van die secundaire markt, dan wordt die persoon zonder aanvraag toegelaten, mits hij voldoet aan de voorwaarden genoemd in artikel 19 lid 1 Verordening (EU) 1031/ 2010.19 Voor verdere procedurele en inhoudelijke regelingen met betrekking tot de aanvraag en toelating, alsmede gronden die het veilingplatform verplichten toelating te weigeren, dan wel reeds gegeven toelatingen in te trekken of op te schorten zij verwezen naar artikel 21 jo artikel 20 jo artikel 19 Verordening (EU) 1031/2010.
Eenmaal toegelaten om biedingen uit te brengen, kan een persoon biedingen uitbrengen gedurende biedingintervallen die door het veilingplatform in een veilingkalender worden vastgesteld.20 Het vaststellen van de veilingkalender en de biedingsintervallen dient te geschieden overeenkomstig hoofdstuk III Verordening (EU) 1031/2010, waarvan hieronder de hoofdpunten worden uitgelicht.
De biedingsintervallen dienen door het veilingplatform op dezelfde dag te worden gestart en gesloten.21 De veilingkalender wordt door het veilingplatform uiterlijk vastgesteld in september van het jaar voorafgaand aan het jaar van de veiling.22 Verder gelden er aparte biedingsintervallen en veilingkalenders voor algemene emissierechten (onder hoofdstuk III Richtlijn ETS vallende emissierechten) en emissierechten die slechts bruikbaar zijn voor vliegtuigexploitanten (onder hoofdstuk II vallende emissierechten). 23De veilingkalenders kunnen onder omstandigheden tussentijds worden aangepast.24 Dit moet onder meer plaatsvinden wanneer emissierechten worden opgenomen in, of vrijgegeven uit, de ‘Market Stability Reserve’.25
Op het veilingplatform worden emissierechten geveild in de vorm van tweedaagse spots,26 of vijfdaagse futures,27 door middel van gestandaardiseerde elektronische contracten.28 Beide instrumenten worden vanaf de inwerkintreding van Richtlijn 2014/65/EU (3 januari 2017) als financieel instrument aangemerkt.29
De biedingen worden uitgebracht tijdens een biedingsinterval, zonder dat de afzonderlijke bieders elkaars uitgebrachte biedingen te zien krijgen.30 Biedingen worden uitgebracht op een of meerdere kavels, waarbij een kavel 500 emissierechten omvat.31 Een eenmaal uitgebrachte bieding kan binnen het biedinginterval worden gewijzigd of ingetrokken, tot een vastgesteld tijdstip voor het einde van het biedinginterval.32 Alleen een in de EU gevestigd natuurlijk persoon, die als vertegenwoordiger van een bieder door de bieder is aangewezen en gemachtigd is een bieder te binden voor alle doeleinden in verband met de veilingen, met inbegrip van het uitbrengen van een bieding, is gerechtigd namens de bieder biedingen uit te brengen, te wijzigen, of in te trekken.33 Het in ontvangst nemen, doorgeven en uitbrengen van een bieding door een beleggingsonderneming of kredietinstelling op een veilingplatform, wordt geacht een beleggingsdienst te zijn in de zin van artikel 4 lid 1 punt 2 Richtlijn 2014/65/EU.34 Het toezichtregime uit die Richtlijn is dus ook van toepassing ten aanzien van deze diensten.
Naast het intrekken van biedingen voor het hierboven genoemde tijdstip, kan een bieding na afsluiting van het biedinginterval als ingetrokken worden beschouwd in geval van een kennelijke fout bij het uitbrengen van de bieding. Die mogelijkheid bestaat slechts voor zover de toewijzingsprijs nog niet is vastgesteld, en slechts op verzoek van de vertegenwoordiger van de bieder, voor zover ten genoegen van het veilingplatform is aangetoond dat er sprake is van een kennelijke fout.35
Na het sluiten van het biedinginterval wordt de toewijzingsprijs vastgesteld.36 Alle bieders worden gerangschikt naar biedprijs. Bij gelijke biedingen wordt middels een toevalsproces de rangorde tussen deze bieders bepaald. 37De toewijzingsprijs is gelijk aan de prijs waar het aantal gecumuleerde biedingen, gerekend vanaf de hoogste biedprijs, gelijk is aan, of hoger is dan het aantal geveilde emissierechten.38 Iedere succesvolle bieder (bieders wiens bod valt onder de gecumuleerde biedingen) krijgt de emissierechten toegewezen tegen de toewijzingsprijs.39 Indien de totale hoeveelheid succesvolle biedingen de totale hoeveelheid geveilde emissierechten overstijgt, krijgt de laatste succesvolle bieder in de rangorde het restant van de emissierechten.40 Indien er minder biedingen zijn dan geveilde emissierechten, wordt de veiling door het veilingplatform geannuleerd.41 Ook indien de toewijzingsprijs aanmerkelijk lager is dan de prijs van een emissierecht op de secundaire markt, annuleert het veilingplatform de veiling.42
De resultaten van de veiling worden uiterlijk 15 minuten na het sluiten van een biedinginterval bekendgemaakt.43 Deze bekendmaking omvat de hoeveelheid geveilde emissierechten, de toewijzingsprijs in euro, de totale omvang van de uitgebrachte biedingen, het totale aantal bieders, het aantal succesvolle bieders en de totale opbrengst van de veiling. In het geval van annulering van een veiling wordt aangegeven naar welke veilingen de betrokken hoeveelheid emissierechten wordt overgeheveld.44 Tegelijk met deze bekendmaking wordt elke succesvolle bieder in kennis gesteld van de hoeveelheid toegewezen emissierechten, het verschuldigde bedrag voor de emissierechten, alsook de termijn waarbinnen het verschuldigde bedrag in onbezwaarde middelen moet zijn gestort op de aangewezen bankrekening van de veiler. In het geval dat samenvallende biedingen door middel van een toevalsproces zijn geselecteerd, wordt de betreffende bieder hiervan eveneens in kennis gesteld.45
De succesvolle bieders voldoen het bedrag voor de emissierechten overeenkomstig artikel 44 lid 1 Verordening (EU) 1031/2010, voor of uiterlijk tegelijk met de levering van de emissierechten op de tegoedrekening van de bieder of zijn rechtsopvolger. Betalingen vinden plaats door overmaking naar de aangewezen bankrekening van de veiler, 46via het clearing- of afwikkelingsysteem van het veilingplatform. 47Het veilingplatform, met inbegrip van elk daarmee verbonden clearing- of afwikkelingsysteem, maakt de betalingen van de bieders over aan de veilers die de betrokken emissierechten hebben geveild.48 Het bedrag wordt, in ieder geval wat betreft Nederland, overgemaakt in euro.49Artikel 45 voorziet in een regeling ingeval er niet, of te laat, betaald wordt.
Emissierechten die op een veilingplatform worden geveild, worden voor de opening van een biedinginterval door het register van de Unie overgedragen naar een aangewezen tegoedrekening. Het als bewaarnemer optredende clearing- of afwikkelingssysteem (al dan niet met het veilingplatform verbonden infrastructuren, die zorgen voor de uiteindelijke afwikkeling van de veilingen) bewaart deze emissierechten op deze tegoedrekening totdat de emissierechten overeenkomstig de resultaten van de veiling aan de succesvolle bieder worden geleverd.50 Het EEX dat momenteel optreedt als veilingplatform maakt gebruik van een clearingsysteem, zijnde een infrastructuur die met het veilingplatform is verbonden, dat wordt beheerd door de European Commodity Clearing (ECC).51
Het clearing- of afwikkelingsysteem wijst elk door een lidstaat geveild emissierecht (ook al vinden de veilingen via een veilingplatform plaats, het blijft de lidstaat die de emissierechten ter veiling aanbiedt) toe aan de succesvolle bieder, tot aan de hoeveelheid die hem is medegedeeld.52 De emissierechten worden na betaling van het verschuldigde bedrag door de bieder overgeschreven van de aangewezen tegoedrekening van het als bewaarnemer optredende clearing- of afwikkelingssysteem, binnen de termijn die daarvoor in de veilingkalender is medegedeeld, naar de aangewezen tegoedrekening van de bieder.53 Indien emissierechten te laat worden geleverd, wegens omstandigheden buiten de macht van het clearing- of afwikkelingsysteem, worden de emissierechten zo spoedig mogelijk geleverd en dienen de succesvolle bieders dit latere tijdstip van levering te aanvaarden.54