Wilsdelegatie in het erfrecht
Einde inhoudsopgave
Wilsdelegatie in het erfrecht (Publicaties vanwege het Centrum voor Notarieel Recht) 2014/6.3.1:III.6.3.1 Inleidend
Wilsdelegatie in het erfrecht (Publicaties vanwege het Centrum voor Notarieel Recht) 2014/6.3.1
III.6.3.1 Inleidend
Documentgegevens:
mr. N.V.C.E. Bauduin, datum 09-09-2014
- Datum
09-09-2014
- Auteur
mr. N.V.C.E. Bauduin
- JCDI
JCDI:ADS623685:1
- Vakgebied(en)
Erfrecht (V)
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
HR 17 januari 1996, ECLI:NL:HR:1996:BI5402, BNB 1996/112 en HR 5 november 1997, ECLI:NL:HR:1997:BI5838, BNB 1998/8.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Bij wilsdelegatie ten aanzien van de werking van een uiterste wilsbeschikking laat de erflater het aan een ander over om te bepalen of de beschikking al dan niet werking heeft. Bijvoorbeeld: ‘Mijn vriend X is mijn erfgenaam voor 1/3e deel, indien mijn broer Y dit wil’. Wat er verkregen wordt (‘1/3e deel’) en door wie er verkregen wordt (‘mijn vriend X’), ofwel de inhoud van de beschikking, heeft de erflater in dit voorbeeld volledig bepaald. Door de toevoeging ‘indien mijn broer Y dit wil’ laat de erflater het evenwel aan zijn broer Y over om te beslissen of de erfstelling werking heeft. Zoals ik ook reeds in paragraaf 3.5.2.3 aangaf, hangt de vraag naar de toelaatbaarheid van een dergelijke beschikking samen met het leerstuk van voorwaardelijke beschikkingen.
Door het koppelen van voorwaarden aan de binnen het gesloten stelsel passende uiterste wilsbeschikkingen kan wilsdelegatie ten aanzien van de werking van een uiterste wilsbeschikking worden verwezenlijkt (vgl. paragraaf 2.2.3). Een mooi voorbeeld hiervan kwam reeds voorbij in paragraaf 2.2.3: de voorwaardelijke ouderlijke boedelverdeling (HR 17 januari 1996, BNB 1996/112 en HR 5 november 1997, BNB 1998/8).1 Op dit voorbeeld ga ik hierna in paragraaf 6.3.3 nader in. In de onderstaande paragraaf richt ik de aandacht allereerst op uiterste wilsbeschikkingen onder voorwaarde.