Hoofdelijke aansprakelijkheid
Einde inhoudsopgave
Hoofdelijke aansprakelijkheid (O&R nr. 144) 2024/6.2.1:6.2.1 Inleiding
Hoofdelijke aansprakelijkheid (O&R nr. 144) 2024/6.2.1
6.2.1 Inleiding
Documentgegevens:
mr. drs. D.F.H. Stein, datum 01-09-2023
- Datum
01-09-2023
- Auteur
mr. drs. D.F.H. Stein
- JCDI
JCDI:ADS931177:1
- Vakgebied(en)
Insolventierecht (V)
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Zie art. 6:7 lid 1 BW, waarover Hoofdstuk 4, par. 4.3.1.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
253. Hoofdelijke verbondenheid en insolventie. Eén van de wezenskenmerken van hoofdelijke verbondenheid is de vrijheid van de schuldeiser om te kiezen welke schuldenaar of schuldenaren hij aanspreekt tot betaling; de schuldeiser heeft jegens ieder van hen recht op de gehele hoofdelijk verschuldigde prestatie.1 Het faillissement van een of meer hoofdelijk schuldenaren brengt hierin in principe geen verandering, zij het dat de schuldeiser in beginsel niet langer verhaal kan nemen, maar zijn vordering ter verificatie zal moeten indienen (art. 26 jo. 108 e.v. Fw). In dit kader geldt voor het faillissement van een hoofdelijk schuldenaar een bijzondere regel over het kunnen opkomen voor vorderingen door een schuldeiser of een verhaalzoekende hoofdelijk medeschuldenaar (art. 136 Fw). Ik richt mij hierna vooral op de gevolgen van deze bepaling in geval van faillissement, maar mutatis mutandis geldt hetzelfde voor surseance van betaling (art. 230 jis. 233 en 260 lid 2 Fw).