Het budgetrecht van het Nederlandse parlement
Einde inhoudsopgave
Het budgetrecht van het Nederlandse parlement 2017/2.14:2.14 Europees toezicht op de nationale begroting
Het budgetrecht van het Nederlandse parlement 2017/2.14
2.14 Europees toezicht op de nationale begroting
Documentgegevens:
mr. M. Diamant, datum 01-09-2017
- Datum
01-09-2017
- Auteur
mr. M. Diamant
- Vakgebied(en)
Staatsrecht (V)
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Council Recommendation to the Netherlands with a view to bringing an end to the situation of an excessive government deficit, 15758/09, 30 november 2009.
Council Recommendation with a view to bringing an end to the situation of an excessive government deficit in the Netherlands, 10571/13, 18 juni 2013.
Zie uitgebreid hoofdstuk 4.
Brenninkmeijer 1997. Zie ook paragraaf 2.11.2.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Ook Nederland bleef niet gespaard voor de gevolgen van de kredietcrisis. Het overheidstekort steeg in 2009 tot 4,8%, waarmee Nederland een groter begrotingstekort had dan volgens de begrotingsregels van de EMU was toegestaan. Hierdoor kwam Nederland terecht in de buitensporige tekortprocedure. Dit had tot gevolg dat de overheidsfinanciën in Nederland aanzienlijk strenger in de gaten werden gehouden door de Europese instellingen en Nederland regelmatig moest rapporteren over de overheidsfinanciën. Aanvankelijk had Nederland tot 2013 om het tekort te corrigeren tot onder de 3%,1 maar door de hevigheid van de crisis kreeg Nederland tot 2014 de tijd om het tekort te corrigeren.2
De intensiteit van het toezicht en de Europese begrotingsregels zijn vanaf 2010 aangescherpt. In 2010 kondigde de Europese instellingen namelijk aan dat de EMU, naast het verstrekken van noodleningen, ook structureel zou worden versterkt. De bestaande regels uit het Stabiliteits- en Groeipact bleken niet te werken, zoveel was wel duidelijk na het uitbreken van de schuldencrisis en de daaruit voortvloeiende eurocrisis. Onder andere door het aanhalen van de begrotingsdiscipline, het verscherpen van de cijfermatige begrotingscijfers en de handhaving ervan, het versterken van toezicht op de nationale begrotingen door de Europese instellingen en een verbreding van het toezicht naar macro-economisch beleid.3 Hierdoor worden niet alleen strengere eisen gesteld aan de begroting, Nederland moet bovendien op vaste momenten in het jaar rapporteren aan de Commissie over de begroting(splannen) en het toezicht van de Europese instellingen op het budgettair en economisch beleid heeft steeds meer gevolgen voor het sociale beleid in de lidstaten.
Brenninkmeijer constateerde al in 1997, bij de totstandkoming van de EMU en het Stabiliteits- en Groeipact, dat de begrotingsregels die hieruit voortvloeien aanzienlijke invloed hebben op het budgetrecht: de ruimte voor het vaststellen van de begroting wordt sterk ingekaderd en de machtsuitoefening van het parlement om te beslissen over de begroting wordt ingeperkt.4 De naar aanleiding van de eurocrisis verscherpte Europese begrotingsregels lijken in nog verdergaande mate invloed te hebben op de inhoud en de vaststelling van de nationale begroting en daarmee ook op het budgetrecht. De vraag wat dit versterkte kader van Europese begrotingsregels concreet betekent voor (de uitoefening van) het budgetrecht, zal centraal staan in het vervolg van deze studie. In hoofdstuk 3 volgt eerst een behandeling van het constitutionele kader van het budgetrecht.