Einde inhoudsopgave
Administratieplicht en aansprakelijkheid voor het boedeltekort (O&R nr. 115) 2019/8.5.2
8.5.2 Waardekringloop in de meest eenvoudige vorm
mr. drs. C.M. Harmsen, datum 01-07-2019
- Datum
01-07-2019
- Auteur
mr. drs. C.M. Harmsen
- JCDI
JCDI:ADS180247:1
- Vakgebied(en)
Insolventierecht / Faillissement
Ondernemingsrecht / Rechtspersonenrecht
Voetnoten
Voetnoten
De term goederenbeweging is een in de accountancy gehanteerd begrip waarmee wordt gedoeld op de in de onderneming herkenbare doorstroom van zaken als bedoeld in artikel 3:2 BW. Ik zal hier de term goederenbeweging blijven gebruiken, hoewel zakenbeweging vanuit juridisch perspectief de correcte term zou zijn.
R.W. Starreveld, O.C. van Leeuwen, H. van Nimwegen, met medewerking van H.B. de Mare en E.J. Joëls, Bestuurlijke informatieverzorging, Deel 2A, Toepassingen, Fasen van de waardekringloop, Groningen/Houten: Stenfert Kroese 2004, vijfde druk, p. 22.
De hiervoor weergegeven indeling in typologieën van ondernemingen vindt plaats aan de hand van het criterium of er een vorm van goederenbeweging1 in de onderneming te herkennen valt. Met de term goederenbeweging wordt gedoeld op de inkoop, opslag, eventueel bewerking en verkoop van zaken binnen een onderneming. Naast de goederenbeweging is in een onderneming ook een geldbeweging te herkennen. De inkoop van zaken en overige productiemiddelen leidt tot het doen van een betaling en daarmee een afname van liquide middelen en de verkoop leidt tot een opbrengst en dus een toename van de liquide middelen.
In het bovenstaande schema is sprake van een afnemende herkenbare doorstroming van zaken in de grondvormen van de ondernemingen. Hoe meer er sprake is van een herkenbare goederenbeweging, hoe makkelijker het is voor de interne controle op de volledigheid van de verantwoorde opbrengsten en de juistheid van de verantwoorde kosten aan te knopen bij deze goederenbeweging. Hetzelfde geldt voor de bijbehorende vormen van administratie. Bij een duidelijk herkenbare goederenbeweging is het eenvoudiger om de aanwezigheid van administratie te koppelen en de betrouwbaarheid van de administratie te toetsen aan deze goederenbeweging.
Alle in de waardekringloop – de combinatie van de geld- en goederenbeweging – van een onderneming te onderkennen processen leiden tot een administratie. In de meest eenvoudige vorm, waarbij een product op rekening wordt ingekocht en na opslag ook weer op rekening wordt verkocht, behoort een inkoop-, crediteuren-, voorraad-, verkoop-, debiteuren- en geldmiddelenadministratie aanwezig te zijn.
In deze meest eenvoudige vorm ziet de waardekringloop er als volgt uit, waarbij de niet-onderbroken lijnen de waardekringloop weergeven en de stippellijnen de bijbehorende te voeren administratie2:
In de onderkant van dit schema is de geldbeweging weergegeven. Het innen van de vorderingen en het betalen van de schulden hebben een directe invloed op de omvang van de in de onderneming aanwezige geldmiddelen. Aan de bovenzijde van het schema is de goederenbeweging weergegeven. De in- en verkoop van producten en productiemiddelen heeft een directe invloed op de voorraad. De vorderingen en de schulden vormen de verbinding tussen geld- en goederenbeweging. Door de verkoop van de voorraad ontstaat een vordering en door de inning wordt de voorraad feitelijk omgezet in geldmiddelen. Hetzelfde gebeurt aan de inkoopzijde. Met het betalen van de door de inkoop van zaken of productiemiddelen ontstane schulden wordt geld omgezet in zaken of productiemiddelen.
Dit grondpatroon van de waardekringloop binnen een door een rechtspersoon gedreven onderneming leidt tot de verplichte aanwezigheid van een in- en verkoopadministratie, een voorraadadministratie, een debiteuren- en crediteurenadministratie, een administratie van verrichte en ontvangen betalingen alsmede een administratie van beschikbare liquide middelen.
Bovenstaande schematische weergave van de waardekringloop met de bijbehorende te voeren administraties is het grondpatroon voor iedere onderneming. Deze schematische weergave van een eenvoudige geld- en goederenbeweging binnen een onderneming zal in de praktijk echter niet snel op deze wijze worden aangetroffen. Elke onderneming zal ook personeel en duurzame productiemiddelen ter beschikking hebben. Dat leidt tot een daarbij behorende geld- en goederenbeweging, die in bovenstaande eenvoudige grondvorm moet worden geïntegreerd. Bovendien leidt de aanwezigheid van personeel en duurzame productiemiddelen tot afzonderlijke administraties.
Hierna onderzoek ik de verschillende grondvormen van ondernemingen, waarbij de focus ligt op de in de desbetreffende ondernemingen te voeren soorten van administratie op basis van de waardekringloop die past bij de desbetreffende grondvorm.