Einde inhoudsopgave
Milieuaansprakelijkheid van leidinggevenden 2021/IV.3.5.1
IV.3.5.1 Inleiding
mr. T.R. Bleeker LLM, datum 01-11-2021
- Datum
01-11-2021
- Auteur
mr. T.R. Bleeker LLM
- JCDI
JCDI:ADS460257:1
- Vakgebied(en)
Bestuursrecht algemeen (V)
Voetnoten
Voetnoten
Hierover o.a. Assink 2007, par. I.3.a; Van Bekkum 2013a; Olden 2015. Zie over de bestuurstaak Asser/Maeijer, Van Solinge & Nieuwe Weme 2-II* 2009/390; Timmerman 2020, par. 2.
In Timmerman 2009, par. 31-32 noemt Timmerman het verbod voor de rechter om op de stoel van het bestuur plaats te nemen ‘een beginsel [van het ondernemingsrecht] in opkomst’.
Timmerman 2016b, nr. 3; Hammerstein 2017, p. 385; Assink 2007, par. I.3.c. in Assink 2013a, nr. 3; Assink 2005, randnummer 7.
Deze definitie geeft Perquin-Deelen 2020, par. 5.3.1.
Zie bijvoorbeeld Brack 2020, p. 3165 die zelfs beweert dat de bange bestuurders-doctrine (waarmee hij vermoedelijk de ernstig verwijt-doctrine bedoelt) een ‘toepassing is van de Business Judgment Rule’.
Het besturen van een rechtspersoon is een vak apart. De bestuurstaak is complex en de bestuurder ziet zich vaak geconfronteerd met uiteenlopende belangen en allerhande onvoorziene omstandigheden.1 Omdat de rechter in de regel niet zelf beschikt over de ervaring en specialistische kennis die nodig is voor het besturen van een rechtspersoon, wordt de rechter geacht zich terughoudend op te stellen bij het beoordelen van bestuurlijk handelen en niet ‘op de stoel van de ondernemer’ plaats te nemen.2 Voorstanders van de ernstig verwijt-doctrine menen dat de hogere aansprakelijkheidsdrempel recht doet aan de beleidsvrijheid die bestuurders toekomt bij het verrichten van hun taak. Daarnaast wordt ervoor gevreesd dat het oordeel van de rechter over bestuurlijk gedrag onrechtvaardig zou kunnen uitpakken, in verband met de zogenoemde ‘hindsight bias’.3Hindsight bias is het fenomeen dat het resultaat van een bepaalde beslissing of handeling achteraf gezien overduidelijk en voorzienbaar lijkt te zijn.4 Sommige auteurs zien de ernstig verwijt-maatstaf als een goede oplossing voor dit probleem.
In deze paragraaf onderzoek ik of de argumenten met betrekking tot ondernemingsvrijheid en de hindsight bias de toepassing van de ernstig verwijt-maatstaf in het kader van externe bestuurdersaansprakelijkheid op grond van onrechtmatige daad kunnen rechtvaardigen. In dat kader ga ik na welke vrijheid de bestuurder precies toekomt bij het verrichten van zijn taak (par. IV.3.5.3). Daarna richt ik me op de vraag in hoeverre de ernstig verwijt-maatstaf een passende oplossing is voor de hindsight bias (par. IV.3.5.4). Waar de discussie wordt gevoerd over ondernemingsvrijheid, de hindsight bias en het ernstig verwijt-criterium, duikt ook de zogeheten ‘business judgment rule’ op (hierna kortheidshalve: ‘BJR’).5 In het kader van dit onderzoek is de BJR echter niet relevant, en om misverstanden te voorkomen licht ik hierna eerst toe waarom dat zo is (par. IV.3.5.2).