Douanewaarde in een globaliserende wereld
Einde inhoudsopgave
Douanewaarde in een globaliserende wereld (FM nr. 164) 2021/11.5.3.2:11.5.3.2 Royalty's en licentierechten in de CVA
Douanewaarde in een globaliserende wereld (FM nr. 164) 2021/11.5.3.2
11.5.3.2 Royalty's en licentierechten in de CVA
Documentgegevens:
M.L. Schippers, datum 01-01-2021
- Datum
01-01-2021
- Auteur
M.L. Schippers
- JCDI
JCDI:ADS258628:1
- Vakgebied(en)
Omzetbelasting / Algemeen
Accijns en verbruiksbelastingen / Algemeen
Douane (V)
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
In de Aantekening op artikel 8, lid 1, onderdeel c, CVA, staat weergegeven dat royalty's en licentierechten onder meer omvatten: betalingen voor octrooien, fabrieks- of handelsmerken en auteursrechten. Hieronder wordt niet begrepen het recht tot reproductie van de ingevoerde goederen in het land van invoer (onderdeel 11.8.6). Ook worden betalingen verricht door de koper voor het recht tot distributie of wederverkoop van de ingevoerde goederen niet onder de reikwijdte van deze bepaling geschaard, tenzij de betalingen een ‘voorwaarde voor verkoop’ vormen (onderdeel 11.8.9). Zij moeten in een dergelijk geval worden bijgeteld als betaling die een voorwaarde voor verkoop vormt van de ingevoerde goederen.1 De Technische commissie douanewaarde van de WDO heeft in Commentary 19.1 uitleg gegeven aan de definitie van het begrip ‘recht tot reproductie van de ingevoerde goederen’.2 Hieruit volgt dat het begrip recht tot reproductie niet beperkt is tot de:
“2. […] physical reproduction of the imported goods […] but also to the right to reproduce an invention, creation, thought or idea incorporated in the imported goods.”
Het heeft namelijk ook betrekking op de:
“3. […] originals and copies of scientific works […], originals of literary works […], models […], prototypes […] and animal or plant species […].”
Voor de analyse om vast te stellen of sprake is van een recht tot reproductie voorziet Commentary 19.1 in vier elementen die bij een dergelijke analyse van pas kunnen komen. Van belang kan zijn of een idee of oorspronkelijk werk geïncorporeerd is in de geïmporteerde goederen, de reproductie van het idee of werk het voorwerp van het recht tot reproductie is, het recht tot reproductie aan de koper is toegewezen in de verkoopovereenkomst of een aparte overeenkomst en of de houder van het recht tot reproductie een vergoeding voor de toewijzing van het recht heeft verkregen. Belangrijk in dit kader is dat indien een goed wordt ingevoerd en het voorwerp is van een voorbehouden recht, dit recht de koper van de goederen niet altijd ook het recht tot reproductie geeft. Met andere woorden, telkens moet worden nagegaan of sprake is van een recht tot reproductie of dat een voorbehouden recht kwalificeert als bijvoorbeeld een royalty of licentierecht.
De CVA en de Technische commissie douanewaarde van de WDO geven derhalve, zonder het begrip limitatief af te bakenen, richting aan de reikwijdte van het begrip royalty's en licentierechten. Ondanks dat het begrip niet limitatief is afgebakend ben ik van mening dat het CVA een beperkte reikwijdte van het begrip voorstaat. Immers, artikel 8 CVA voorziet in een limitatieve lijst aan elementen die in aanmerking moeten worden genomen voor de vaststelling van de douanewaarde als is voldaan aan specifiek daarvoor geformuleerde criteria.3 Het vormt daarmee een uitzondering op artikel 1 CVA (de transactiewaarde is de werkelijk betaalde of te betalen prijs).