Aftrek van BTW als (belaste) omzet ontbreekt
Einde inhoudsopgave
Aftrek van BTW als (belaste) omzet ontbreekt (FM nr. 134) 2010/4.2.4:4.2.4 Gabalfrisa-arrest
Aftrek van BTW als (belaste) omzet ontbreekt (FM nr. 134) 2010/4.2.4
4.2.4 Gabalfrisa-arrest
Documentgegevens:
dr. S.T.M. Beelen, datum 01-03-2010
- Datum
01-03-2010
- Auteur
dr. S.T.M. Beelen
- JCDI
JCDI:ADS300762:1
- Vakgebied(en)
Omzetbelasting / Algemeen
Omzetbelasting / Aftrek en teruggaaf
Europees belastingrecht / Richtlijnen EU
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
HvJ EG 21 maart 2000, zaak C-110/98 – C-147/98 (Gabalfrisa), V-N 2000/22.12.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Na de hiervoor besproken arresten was het Gabalfrisa-arrest1 geen verrassing. In dit arrest werd de in het Rompelman- en INZO-arrest uitgezette lijn bevestigd. Als een belastingplichtige kosten maakte en investeringen deed voordat hij aanving belaste handelingen te verrichten stelde de Spaanse btw-wetgeving als eis voor de teruggaaf van voorbelasting dat een uitdrukkelijk verzoek werd ingediend en dat de belaste handelingen binnen een jaar na de indiening van het verzoek aanvingen. Als niet aan deze voorwaarden werd voldaan werd het recht op aftrek geschorst en het kon zelfs vervallen als de belaste handelingen uiteindelijk niet werden verricht. Het hof oordeelt dat degene die te goeder trouw en door objectieve gegevens ondersteunde voornemen heeft, zelfstandig een economische activiteit in de zin van art. 4 Zesde richtlijn (thans: art. 9 btw-richtlijn) aan te vangen en hiertoe eerste investeringsuitgaven doet, economische activiteiten verricht en als belastingplichtige moet worden beschouwd. Als zodanig is hij overeenkomstig de art. 17 e.v. Zesde richtlijn (thans: art. 167 e.v. btw-richtlijn) dus gerechtigd de verschuldigde of voldane btw ter zake van investeringsuitgaven ten behoeve van de handelingen die hij voornemens is te gaan verrichten en die recht geven op aftrek, onmiddellijk af te trekken, zonder de aanvang van de daadwerkelijke exploitatie van zijn onderneming te hoeven afwachten. Kortom, aan de onmiddellijke aftrek van voorbelasting mag onder geen beding worden getornd. Voorbereidende handelingen en eerste investeringsuitgaven zijn al aan te merken als economische activiteiten.