Biases in de boardroom en de raadkamer
Einde inhoudsopgave
Biases in de boardroom en de raadkamer (VDHI nr. 160) 2020/1.6:1.6 Afbakening
Biases in de boardroom en de raadkamer (VDHI nr. 160) 2020/1.6
1.6 Afbakening
Documentgegevens:
mr. drs. C.F. Perquin-Deelen, datum 20-11-2019
- Datum
20-11-2019
- Auteur
mr. drs. C.F. Perquin-Deelen
- JCDI
JCDI:ADS111405:1
- Vakgebied(en)
Burgerlijk procesrecht / Algemeen
Ondernemingsrecht / Rechtspersonenrecht
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Dit onderzoek heeft betrekking op de taakuitoefening door bestuurders en commissarissen binnen een two-tier board van Nederlandse BV’s en (beurs)NV’s. Dit is het duale bestuursmodel waarbij sprake is van een rvb en een rvc. Nederland kent daarnaast de one-tier board, dit is het monistische bestuursmodel waarbij sprake is van één bestuur bestaande uit uitvoerende en niet-uitvoerende bestuurders(art. 2:239a/129a BW). De conclusies die ik trek, zijn voor een groot deel toepasbaar op de one-tier board, maar het bijzondere karakter van de one-tier board, met name op het vlak van onderlinge verhoudingen tussen de uitvoerende en niet-uitvoerende bestuurders, biedt aanleiding voor nader onderzoek (zie ook: par. 7.9).
Deze dissertatie richt zich voornamelijk op de meerhoofdige rvb en de meerhoofdige rvc bestaande uit natuurlijke personen. Het onderzoek bevat slechts in hoofdstuk 6 een rechtsvergelijking. De reden hiervoor is dat het empirisch onderzoek enkel betrekking heeft op de Nederlandse boardroom en raadkamer. Een nog groter empirisch onderzoek was binnen mijn promotietraject niet haalbaar.
Het onderzoek voor deze studie is afgesloten op 1 juni 2019. In een enkel geval is met nadien verschenen literatuur of rechtspraak rekening gehouden. Het empirisch onderzoek is afgerond op 27 november 2018.