Aandeelhoudersverantwoordelijkheid
Einde inhoudsopgave
Aandeelhoudersverantwoordelijkheid (VDHI nr. 129) 2015/4.4.3.1.1:4.4.3.1.1 Vrucht van het onderling overleg
Aandeelhoudersverantwoordelijkheid (VDHI nr. 129) 2015/4.4.3.1.1
4.4.3.1.1 Vrucht van het onderling overleg
Documentgegevens:
Mr. B. Kemp, datum 21-07-2015
- Datum
21-07-2015
- Auteur
Mr. B. Kemp
- JCDI
JCDI:ADS301420:1
- Vakgebied(en)
Ondernemingsrecht / Corporate governance
Ondernemingsrecht / Rechtspersonenrecht
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
HR 15 juli 1968, NJ 1969, 101 m.nt. Scholten.
Van der Krans 2009, p. 43-44.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
De democratiegedachte en het idee van de algemene vergadering van aandeelhouders als forum voor aandeelhouders komen tevens terug in het uitgangspunt dat het overleg voorafgaande aan besluiten als belangrijk wordt ervaren. In dit verband kan worden gewezen op het Wijsmuller-arrest,1 waar de Hoge Raad oordeelde:
‘(…) dat de betekenis van de bepalingen in de statuten van een rechtspersoon, in het geval dat een besluit moet uitgaan van een orgaan van die rechtspersoon, in het geval waarin dat orgaan uit meerdere personen is samengesteld, in het bijzonder hierin is gelegen, dat het besluit tot stand komt als vrucht van het onderling overleg van alle leden van dat orgaan die, na daartoe in de gelegenheid te zijn gesteld, aan dat overleg wensen deel te nemen.’
Hoewel de overwegingen uit het Wijsmuller-arrest niet specifiek zagen op de algemene vergadering van aandeelhouders, is algemeen aanvaard dat de in dit arrest geformuleerde regel ook van toepassing is op dit orgaan.2 Alle leden van alle organen en dus ook aandeelhouders dienen derhalve de mogelijkheid te hebben deel te nemen aan het (overleg bij het) tot stand komen van het besluit.