Einde inhoudsopgave
Vastgoedtransacties in de Europese btw (FM nr. 169) 2021/4.2.4.5.5
4.2.4.5.5 Verkoop vastgoed aan een nader te noemen meester
mr. dr. M.D.J. van der Wulp, datum 01-07-2021
- Datum
01-07-2021
- Auteur
mr. dr. M.D.J. van der Wulp
- JCDI
JCDI:ADS291428:1
- Vakgebied(en)
Toeslagen (V)
Omzetbelasting / Aftrek en teruggaaf
Omzetbelasting / Belastingplichtige en -schuldige
Europees belastingrecht / Belastingen EU
Omzetbelasting / Levering van goederen en diensten
Omzetbelasting / Vrijstelling
Europees belastingrecht / Algemeen
Voetnoten
Voetnoten
S.C.J.J. Kortmann, m.m.v. J.S. Kortmann, Asser/Kortmann 3-III 2017/78 (online, bijgewerkt op 1 oktober 2017).
S.C.J.J. Kortmann, m.m.v. J.S. Kortmann, Asser/Kortmann 3-III 2017/78 (online, bijgewerkt op 1 oktober 2017).
H.W.M. van Kesteren, ‘Indeplaatsstelling en BTW’, WFR 2014/284. Anders: D.B. Bijl, De heffing van omzetbelasting ten aanzien van onroerend goed (diss.), Deventer: Kluwer 1990, p. 144 en D.B. Bijl, Onroerend goed omzetbelasting en overdrachtsbelasting, Deventer: Kluwer 1998, p. 28.
HR 29 juni 1983, nr. 21.850, BNB 1983/272, m.nt. Ploeger en Hof Amsterdam 17 juli 2008, nr. P07/00118, V-N 2008/54.24.
In Nederland is het mogelijk dat een persoon vastgoed koopt voor ‘(zich of) een nader te noemen meester’. Zo wordt in art. 5 van de Algemene Voorwaarden Voor Executieverkopen 2017 van de KNB de bieder (onder voorwaarden) de mogelijkheid geboden om te verklaren dat het bod op het geveilde vastgoed is uitgebracht ten behoeve van een nader te noemen meester. Het ‘handelen voor een nader te noemen meester’ moet worden onderscheiden worden van het handelen door de commissionair. Iemand die vastgoed koopt voor zich of een nader te noemen meester, behoudt zich de bevoegdheid voor nader te bepalen wie de contractspartij (lees: koper) zal zijn (art. 3:67 lid 1 BW).1 Noemt de handelende persoon de naam van de ‘meester’ tijdig, dan komt een koopovereenkomst tot stand tussen de verkoper en de meester, de volmachtgever. De handelende persoon heeft de bevoegdheid zichzelf als meester aan te wijzen, tenzij anders is overeengekomen.2 Omdat de meester in de plaats treedt van de koper kan de handelende persoon niet als een commissionair worden beschouwd.3 Bij de levering van vastgoed aan de nader genoemde meester vindt er op grond van art. 14 lid 1 Btw-richtlijn een (rechtstreekse) levering van het vastgoed plaats door de verkoper aan de nader genoemde meester.4 Wordt de naam van de meester door de handelende persoon niet tijdig genoemd, dan is de handelende persoon, tenzij anders is overeengekomen, zelf contractspartij (art. 3:67 lid 2 BW) en vindt de levering als bedoeld in art. 14 lid 1 Btw-richtlijn aan hem plaats.