25 jaar Awb in eenheid en verscheidenheid
Einde inhoudsopgave
25 jaar Awb in eenheid en verscheidenheid 2019/12.4:12.4 Partijstellingsfouten herstellen
25 jaar Awb in eenheid en verscheidenheid 2019/12.4
12.4 Partijstellingsfouten herstellen
Documentgegevens:
mr. dr. H. Tolsma, datum 01-12-2018
- Datum
01-12-2018
- Auteur
mr. dr. H. Tolsma
- Vakgebied(en)
Bestuursrecht algemeen / Algemeen
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
CBb 20 juli 2017, ECLI:NL:CBB:2017:293, AB 2017/417 m.nt. Tolsma en Ypinga.
ABRvS 21 maart 2018, ECLI:NL:RVS:2018:951, AB 2018/193, m.nt. Tolsma en Ypinga.
Jaarverslag Raad van State 2017, p. 36.
B.W.N. de Waard, ‘Afgeleid belang’, JBplus 2010/1, p. 79.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Om procedurele fouten van de indiener van het rechtsmiddel glad te strijken erkent de bestuursrechter al geruime tijd dat een bezwaar of beroep van een directeur/enig aandeelhouder onder omstandigheden kan worden toegerekend aan de onderneming.1 Deze vereenzelviging van de natuurlijke persoon met de rechtspersoon betreft een uitzondering op het leerstuk van het afgeleid belang. Maar er worden ook wel eens procedurele fouten gemaakt die niet middels deze vereenzelvigingsjurisprudentie kunnen worden opgelost.2 Moet deze fout van de vaak niet kwaadwillende burger direct afgestraft worden met het dictum niet-ontvankelijk? Of rechtvaardigt een realistisch beeld van zelfredzaamheid van de burger een coulantere opstelling bij fouten?3 Met De Waard ben ik het eens dat in geval van een partijstellingsfout de bestuursrechter gelegenheid moet bieden tot herstel van een onjuiste partijstelling.4 Deformalisering en ongelijkheidscompensatie rechtvaardigen een uitzondering op het uitgangspunt in de jurisprudentie dat voor het einde van de beroepstermijn de identiteit van de indiener moet vaststaan. Een wijziging van de wet lijkt mij niet noodzakelijk.