Einde inhoudsopgave
Doorwerking van de beginselen van behoorlijke rechtspleging 2010/II.4.2.3
II.4.2.3 Filterfunctie
mr. D.W.M. Wenders, datum 27-09-2010
- Datum
27-09-2010
- Auteur
mr. D.W.M. Wenders
- Vakgebied(en)
Bestuursrecht algemeen (V)
Voetnoten
Voetnoten
Aldus de MvT bij de eerste tranche van de Awb, PG Awb I, p. 279; Koenraad & Sanders 2006, p. 16; Sanders 1998, p. 81; Verslag Evaluatie Awb I, p. 50.
Van Wijk/Konijnenbelt & Van Male 2008, p. 544; Herweijer en Van de Peppel 1999, p. 40; Neerhof 1999a, p. 68; Sanders 1998, p. 81; Notten 1998, p. 340-341; M.S. Beerten e.a., Aspecten van financiële beschikkingverlening (verslag in het kader van Evaluatie Awb I), Deventer: W.E.J. Tjeenk Willink 1996, p. 123-124; Verslag Evaluatie Awb I, p. 50-51.
Verslag Evaluatie Awb I, p. 50.
Sanders 1998, p. 81. Sanders geeft nog een aantal andere mogelijke redenen waarom van het instellen van beroep bij de rechter wordt afgezien; Sanders 1998, p. 81-82. Zie ook: Koenraad & Sanders 2006, p. 16.
Met name bij fabrieksmatig totstandgekomen besluiten geldt dat in de bezwaarfase vaak herstel van fouten plaatsvindt en de belanghebbenden vaak gelijk krijgen, Verslag Evaluatie Awb I, p. 44.
Zie ook Helder die aangeeft dat de term filterwerking in neutrale zin begrepen moet worden aangezien het feit dat geen beroep wordt ingesteld, niet betekent dat de bezwaren daadwerkelijk opgelost zijn of daaraan tegemoet is gekomen; E. Helder, 'Rechtsbescherming door gemeente: zijn er klachten of bezwaren?, in: H.A. Brasz en J.G. Steenbeek, Klachten en bezwaren tegen de gemeente, Den Haag: VUGA 1988, p. 22.
Verslag Evaluatie Awb I, p. 50.
PG Awb I, p. 279. Vgl: Neerhof 1999a, p. 68.
In het eerste evaluatieverslag merkt de commissie Polak nog op dat er sterke indicaties zijn dat de zeefwerking in sommige sectoren aanzienlijk is en de voorzichtige conclusie getrokken kan worden dat de bezwaar-schriftprocedure in positieve zin heeft bijgedragen aan de zeefwerking op sommige terreinen, maar dat bij de volgende evaluatie meer gegevens wat dat betreft bekend zullen zijn, Verslag Evaluatie Awb I, p. 50-51. Uit de tweede evaluatie blijkt dat de zeefwerking niet altijd plaatsvindt omdat bestuursorganen te veel nadruk leggen op de rechtmatigheidsaspecten, Verslag Evaluatie Awb II, p. 15. Zie verder Sanders die bevestigt dat de filterwerking aanzienlijk is, Sanders 1998, p. 156-157.
Sanders 1998, p. 156-157.
Zie vorige noot.
Sanders 1998, p. 148-149 en 157. Uit de eerste evaluatie van de Awb blijkt overigens dat de filterwerking in het ruimtelijk bestuursrecht (waar over het algemeen sprake is van beschikkingenateliers) minder sterk is, Verslag Evaluatie Awb I, p. 51.
Zie ook: Verslag Evaluatie Awb I, p. 50-51.
Sanders 1998, p. 157 en 195.
Sanders 1998, p. 206-210.
Sanders 1998, p. 156-157 en 195.
Verslag Evaluatie Awb I, p. 50.
De bezwaarschriftprocedure heeft, naast het bieden van rechtsbescherming, van oudsher als doel om het beroep op de bestuursrechter te voorkomen en de werklast voor de bestuursrechter te verminderen.1 Deze filterwerking, ook wel zeefwerking genoemd, vormt een belangrijke functie van deze voorprocedure.2 Doordat in veel gevallen het geschil tussen de burger en het bestuursorgaan in de bezwaarschriftprocedure kan worden opgelost of beëindigd, kan beroep op de bestuursrechter worden voorkomen.3 Verschillende redenen kunnen daaraan ten grondslag liggen. Het geschil kan niet worden voortgezet, omdat bijvoorbeeld aan de bezwaren van de indiener tegemoet wordt gekomen. Een belanghebbende kan echter ook, hoewel met het besluit op bezwaar niet aan zijn bezwaren tegemoet wordt gekomen, berusten in dat besluit omdat gedurende de procedure de indruk is ontstaan dat het besluit (rechtens) juist is.4 De bezwaarschrift-procedure biedt bestuursorganen voorts, zoals reeds eerder aangegeven, de mogelijkheid om fouten die gemaakt zijn in de primaire besluitvormingsfase te herstellen. In die gevallen zal een belanghebbende ook (indien en voorzover aan zijn bezwaren tegemoet is gekomen) veelal afzien van de gang naar de rechter.5 In dit laatste opzicht hangt de filterfunctie van de bezwaarschriftprocedure (vanuit het perspectief van het bestuur) samen met het verlengde besluitvormingskarakter van deze procedure. Of het in de gevallen waarin het bestuur fouten heeft gecorrigeerd daadwerkelijk niet komt tot een procedure bij de rechter, hangt daarnaast nog af van de vraag of er nog andere belanghebbenden betrokken zijn in de procedure en in hoeverre deze hun gelijk hebben gekregen. Ook buiten de gevallen waarin (uitsluitend) foutenherstel plaatsvindt, is echter (zoals aangegeven) gebleken dat de bezwaarschriftprocedure filterwerking tot gevolg kan hebben.6
De filterfunctie van de bezwaarschriftprocedure ligt derhalve ook in het verlengde van of houdt nauw verband met de rechtsbeschermingsfunctie van die procedure. Omdat de bezwaarschriftprocedure een met bepaalde judiciële waarborgen omklede procedure is waarin de burger een besluit kan aanvechten, kan immers in veel gevallen het rechtsgeschil tussen burger en bestuur definitief beslecht worden.7 In die gevallen bestaat geen noodzaak meer voor een oordeel van de bestuursrechter of rechtsbescherming door de bestuursrechter, omdat de rechten en belangen van de burger in de bezwaarschriftprocedure reeds voldoende tot hun recht zijn gekomen. Foutenherstel betekent vanuit het perspectief van de rechtsbescherming van de belanghebbende dat er geen noodzaak meer bestaat tot een gang naar de bestuursrechter. De daaruit voortvloeiende vermindering van de werklast voor de bestuursrechter, heeft een belangrijke rol gespeeld bij de algemeen verplichtstelling van deze procedure in de opzet van de Awb.8 De afname van de werklast voor de bestuursrechter in eerste aanleg (en in het verlengde daarvan ook uiteindelijk in hoger beroep) door de invoering van de bezwaarschriftprocedure blijft een belangrijk gevolg van deze voorprocedure. Uit verschillende onderzoeken is gebleken dat de filterwerkin die de bezwaarschriftprocedure in de praktijk genereert in beginsel ook aanzienlijk is.9 Uit het onderzoek van Sanders komt wel naar voren dat de filterwerking van de bezwaarschriftprocedure vooral aanzienlijk is op terreinen waar geen belangen van derden in het geding zijn.10 Ook is zijn bevinding dat op terreinen van de financiële beschikkingverlening de filterwerking iets hoger is dan op terreinen van de niet-financiële beschikkingverlening.11 Voor de filterwerking blijkt het onderscheid tussen beschikkingenfabrieken en beschikkingenateliers verder minder van belang, aangezien bij zowel beschikkingenfabrieken als beschikkingenateliers sprake is van aanzienlijke filterwerking.12 De aard van de bevoegdheid die in het geding is, lijkt geen grote gevolgen te hebben voor deze functie van de bezwaarschriftprocedure.13 Sanders zoekt de verklaring daarvoor in het feit dat hoewel de belanghebbende in bezwaar bij beschikkingenateliers minder snel gelijk krijgt, deze veelal wel gehoord wordt. Van dat laatste gaat dan een (gematigd) positief effect uit.14
Verband met de inrichting van de procedure
Sanders constateert in zijn onderzoek derhalve een — zoals hijzelf stelt zwak — verband tussen de inrichting van de bezwaarschriftprocedure en de mate van filterwerking van die procedure.15 Het horen van belanghebbenden zoals vaak (en meer dan in beschikkingen-fabrieken) in beschikkingenateliers plaatsvindt, kan bijdragen aan de filterwerking (ook al worden belanghebbenden uiteindelijk in bezwaar bij beschikkingenfabrieken veel vaker in het gelijk gesteld waardoor beroep op de rechter overbodig is).16
In het verslag van de eerste evaluatie van de Awb wordt eveneens voorzichtig een verband gelegd met de kwaliteit van de bezwaarschriftprocedure gelegd. De commissie heeft daarbij echter vooral het oog op de instelling van een adviescommissie. Dat lijkt de zeefwerking van de bezwaarschriftprocedure te bevorderen.17 Het voorgaande lijkt erop te duiden dat hoe meer processuele waarborgen in de procedure worden ingebouwd, hoe groter de filterwerking is. Er lijkt derhalve een verband tussen de gelijkenis met de procedure bij de rechter en de filterwerking te bestaan. De filterwerking is afhankelijk van de geneigdheid van belanghebbenden tot het instellen van beroep en daarmee ook van hun perspectief — het rechtsbeschermingsperspectief — op de procedure.
De filterwerking in de voorprocedures
De filterwerking van de bezwaarschriftprocedure ligt in het verlengde van zowel het verlengde besluitvormingskarakter als de rechtsbeschermingsfunctie van die procedure. De hoge mate van filterwerking bij vooral beschikkingenfabrieken vanwege het foutenherstel dat plaatsvindt, lijkt de rol van de bezwaarschriftprocedure als verlengde besluitvorming te bevestigen. Ook in andere gevallen is echter sprake van een aanzienlijke filterwerking, hetgeen ook de rol van de bezwaarschriftprocedure in het kader van de rechtsbescherming bevestigt. Bovendien betekent foutenherstel vanuit het perspectief van de belanghebbende burger dat sprake is van bescherming van zijn rechten en belangen. Naarmate de inrichting van de procedure meer gelijkenis vertoont met de rechterlijke procedure, lijkt de filterwerking toe te nemen. De mate waarin de procedure een rechtsbeschermingsfunctie heeft in de ogen van belanghebbenden lijkt derhalve van belang te zijn voor de mate van filterwerking. Hoe het ook zij, de filterwerking van de bezwaarschriftprocedure is in algemene zin sterk aanwezig.