Het nationale budgetrecht en Europese integratie
Einde inhoudsopgave
Het nationale budgetrecht en Europese integratie (SteR nr. 36) 2018/3.2:3.2 Tweede Kamer
Het nationale budgetrecht en Europese integratie (SteR nr. 36) 2018/3.2
3.2 Tweede Kamer
Documentgegevens:
mr. S.P. Poppelaars, datum 01-01-2018
- Datum
01-01-2018
- Auteur
mr. S.P. Poppelaars
- JCDI
JCDI:ADS457679:1
- Vakgebied(en)
EU-recht / Algemeen
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Bijlage bij Kamerstukken II 2014/15, 33670, 11, p. 49. Interessant is dat hierin wordt vermeld dat de Algemene Rekenkamer de afgelopen jaren diverse malen heeft gewezen op het feit dat de omvang van alle mutaties in de slotwetten erg groot is. Dit beperkt het budgetrecht omdat beide Kamers bij slotwetten, die pas tot stand komen na afloop van een begrotingsjaar, voor voldongen feiten staan.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Hieronder ga ik allereerst in op het recht van amendement van de Tweede Kamer. Ten aanzien van slotwetten heeft de Tweede Kamer geen amendementsrecht.1 Deze wetten zijn immers bedoeld om de begrote uitgaven in overeenstemming te brengen met de gerealiseerde bestedingen.
Ik behandel hieronder de rechtsgevolgen van het amenderen van begrotingen, de moeilijkheden die hierbij een rol spelen en de manier waarop de Tweede Kamer in de praktijk gebruikmaakt van haar recht van amendement. Vervolgens bespreek ik de gevolgen van verwerping van een begroting. Tot slot ga ik in op de praktijk van tegenbegrotingen en het recht van initiatief van de Tweede Kamer bij suppletoire begrotingen.
3.2.1 Recht van amendement3.2.2 Verwerpen3.2.3 Recht van initiatief