De civiele zitting centraal: informeren, afstemmen en schikken
Einde inhoudsopgave
De civiele zitting centraal: informeren, afstemmen en schikken (BPP nr. VIII) 2010/3.7.4:3.7.4 Eigen motief van de rechter
De civiele zitting centraal: informeren, afstemmen en schikken (BPP nr. VIII) 2010/3.7.4
3.7.4 Eigen motief van de rechter
Documentgegevens:
Janneke van der Linden, datum 14-04-2010
- Datum
14-04-2010
- Auteur
Janneke van der Linden
- JCDI
JCDI:ADS366648:1
- Vakgebied(en)
Burgerlijk procesrecht (V)
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Na afloop van de zitting is aan partijen en advocaten gevraagd of de rechter bij het beproeven van een schikking uitsluitend keek naar de belangen van partijen of dat de rechter ook een eigen motief had bij een regeling tussen partijen. Zesenzeventig partijen (31.4%) en 94 advocaten (35.2%) denken dat de rechter ook een eigen motief heeft bij een regeling.
Vervolgens is aan deze partijen en advocaten gevraagd welk motief dat is. De door hen genoemde motieven zijn in categorieën ingedeeld (tabel 37). De motieven 1 tot en met 3 wijzen op persoonlijke belangen voor de rechter of de rechterlijke macht: geen (moeilijk) vonnis te hoeven schrijven of overbelasting van de rechterlijke macht tegengaan. Opvallend is, dat van de advocaten die denken dat de rechter ook een eigen motief heeft, 43% denkt dat dit motief gelegen is in het niet hoeven schrijven van een vonnis. Bij partijen ligt dit percentage veel lager.
Vervolgens wordt er ook een aantal motieven (4 tot en met 6) van rechters genoemd dat de respondenten klaarblijkelijk niet zien als belangen van partijen, maar die de rechter mogelijk wel zo ziet: voorkomen van een langdurige procedure, partijen helpen bij de onderhandelingen en ervoor zorgen dat partijen in de toekomst nog verder kunnen met elkaar. Met name dit eerste motief wordt redelijk vaak genoemd: door 20.5% van de partijen en door 9.7% van de advocaten die denken dat de rechter ook een eigen motief had bij een regeling.
De categorieën 7 tot en met 10 in tabel 37 wijzen niet eenduidig op een persoonlijk belang van de rechter dan wel een belang (dat de rechter gezien heeft als) van de partijen. Het zijn iets ‘neutralere’ antwoorden zoals ‘een definitieve oplossing’ of ‘einde procedure’. Een aantal van de antwoorden dat is ingedeeld onder de categorie 11 (overig) is weergegeven in box 8.
Motief van de rechter
Partijen
Advocaten
Abs
%
Abs
%
Persoonlijk belang
1.Van de zaak af zijn/geen vonnis hoeven schrijven
3
4.1
40
43.0
2.Overbelasting van de rechterlijke macht tegengaan/achterstanden wegwerken
3
4.1
3
3.2
3.Moeilijk vonnis vermijden
3
4.1
2
2.2
Belang van partijen
4.Langdurige procedure voorkomen/snel einde
15
20.5
9
9.7
5.Helpen met onderhandelingen en het verkennen van de schikkingsmogelijkheden
4
5.5
1
1.1
6.Zorgen dat partijen in de toekomst nog verder kunnen met elkaar
3
4.1
2
2.2
Overig
7.Oplossing/schikking bewerkstelligen
17
23.3
9
9.7
8.Einde zaak
2
2.7
7
7.5
9.Deskundige benoemen
2
2.7
0
0.0
10. Informatie krijgen over standpunten van partijen
3
4.1
1
1.1
11. Overig
7
9.6
11
11.8
12. Onduidelijk antwoord
11
15.1
8
8.6
Box 8: Een aantal antwoorden van partijen en advocaten die in tabel 37 vallen onder categorie 11 (overig)
Antwoorden van partijen:
1. ‘Fouten van de advocaat van de wederpartij wegpoetsen.’
2. ‘Verheldering van het standpunt/de visie van de rechter.’
3. ‘Vereenvoudiging van de zaak.’
Antwoorden van advocaten:
1. ‘Ik had het idee dat de rechter zich onvoldoende realiseerde welke pijnpunten in deze zaak spelen. De rechter was te veel gefixeerd op het afwerken van een ritueel.’
2. ‘De rechter had de aanvullende producties niet gelezen en maskeerde zijn informatieachterstand.’
3. ‘Voorkomen van een onmogelijk vonnis voor beide partijen.’
4. ‘Dat partijen niet nog langer aan elkaar gebonden zijn.’