Einde inhoudsopgave
RvdW 2019/954
Verordening Brussel I-bis. Rechterlijke bevoegdheid. Exclusieve bevoegdheid (art. 24, punten 1 en 5); beroep van schuldeiser tot betwisting van verdeling van opbrengst van gerechtelijke veiling onroerend goed; geen exclusieve bevoegdheid van gerechten van lidstaat waar het onroerend goed is gelegen en waar gerechtelijke veiling is gehouden.
HvJ EU 10-07-2019, ECLI:EU:C:2019:577 (Reitbauer e.a.)
- Instantie
Hof van Justitie van de Europese Unie
- Datum
10 juli 2019
- Magistraten
J.-C.Ā Bonichot, C.Ā Toader, A.Ā Rosas, L.Ā BayĀ Larsen, M.Ā Safjan
- Zaaknummer
C-722/17
- Conclusie
A-GĀ E.Ā Tanchev
- Roepnaam
Reitbauer e.a.
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- Vakgebied(en)
Internationaal privaatrecht / Internationaal bevoegdheidsrecht
- Brondocumenten
ECLI:EU:C:2019:577, Uitspraak, Hof van Justitie van de Europese Unie, 10ā07ā2019
ECLI:EU:C:2019:285, Conclusie, Hof van Justitie van de Europese Unie (Advocaat-Generaal), 03ā04ā2019
- Wetingang
Art. 24 Brussel I-bis
Essentie
Nobert Reitbauer e.a. tegen Enrico Casamassima.
Verzoek om een prejudiciƫle beslissing krachtens art. 267 VWEU, ingediend door het Bezirksgericht Villach (Oostenrijk) bij beslissing van 19 december 2017.
Verordening Brussel I-bis. Rechterlijke bevoegdheid. Exclusieve bevoegdheid (art. 24, punten 1 en 5); beroep van schuldeiser tot betwisting van verdeling van opbrengst van gerechtelijke veiling onroerend goed; geen exclusieve bevoegdheid van gerechten van lidstaat waar het onroerend goed is gelegen en waar gerechtelijke veiling is gehouden.
Art. 24, punten 1 en 5, Verordening Brussel I-bis moet aldus worden uitgelegd dat het beroep ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.