Het nationale budgetrecht en Europese integratie
Einde inhoudsopgave
Het nationale budgetrecht en Europese integratie (SteR nr. 36) 2018/5.3:5.3 Het onderscheid tot nu toe
Het nationale budgetrecht en Europese integratie (SteR nr. 36) 2018/5.3
5.3 Het onderscheid tot nu toe
Documentgegevens:
mr. S.P. Poppelaars, datum 01-01-2018
- Datum
01-01-2018
- Auteur
mr. S.P. Poppelaars
- JCDI
JCDI:ADS454074:1
- Vakgebied(en)
EU-recht / Algemeen
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Zoals gezegd wordt sinds de eurocrisis aan het budgetrecht steeds vaker een formele en een materiële interpretatie toegekend. Hieronder ga ik in op de betekenis die verschillende ambten aan deze begrippen hebben gegeven, om vervolgens tot bruikbare definities voor dit onderzoek te komen. Zoals hierna zal blijken, is het gebruik van deze begrippen nog niet erg eenduidig.
Omdat vooral sinds de eurocrisis deze begrippen expliciet en regelmatig gebruikt worden, begint de bespreking hieronder bij die periode. Op basis van de geformuleerde definities komt daarna de vraag aan de orde of uit artikel 105 Gw een formele of een materiële invulling van het budgetrecht moet worden afgeleid. In dat kader wordt teruggegaan naar de ontwikkeling van het budgetrecht in met name de eerste helft van de negentiende eeuw.
5.3.1 De Commissie-De Wit (2012) en de wijziging van de Cw 2001 (2014)5.3.2 De voorlichting van de Raad van State (2013)5.3.3 Het rapport van een werkgroep van een Tweede Kamercommissie (2014)5.3.4 Het rapport van het Bureau Onderzoek en Rijksuitgaven van de Tweede Kamer (2015)