Aansprakelijkheid van de bedrijfsmatige gebruiker
Einde inhoudsopgave
Aansprakelijkheid van de bedrijfsmatige gebruiker (R&P nr. CA18) 2018/4.4.5:4.4.5 Productenaansprakelijkheid (afd. 6.3.3 BW)
Aansprakelijkheid van de bedrijfsmatige gebruiker (R&P nr. CA18) 2018/4.4.5
4.4.5 Productenaansprakelijkheid (afd. 6.3.3 BW)
Documentgegevens:
mr. A. Kolder, datum 16-03-2018
- Datum
16-03-2018
- Auteur
mr. A. Kolder
- JCDI
JCDI:ADS296738:1
- Vakgebied(en)
Verbintenissenrecht / Aansprakelijkheid
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Zie voor afd. 6.3.2 BW Kamerstukken II 1990/91, 21202, 6, p. 2-3 en Kamerstukken II 1988/89, 21202, 3, p. 6, voor afd. 6.3.3 BW Parl. gesch. Boek 6, p. 782-787.
Zie nader reeds par. 3.5.3.
Kamerstukken II 1987/88, 19636, 6, p. 17; Kamerstukken II 1988/89, 19636, 9, p. 6. Zie nader par. 6.6.2.
Zie par. 3.3.3.2.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Dat op het gebied van de aansprakelijkheid voor zaken binnen afd. 6.3.2 BW niet de bezitter maar de bedrijfsmatige gebruiker als aansprakelijke persoon ‘voorop’ staat, vindt nadere adstructie in de in afd. 6.3.3 BW geregelde kwalitatieve aansprakelijkheid van de producent. Hoewel deze afdeling een Europeesrechtelijke achtergrond heeft, staat zij in nauw verband met afd. 6.3.2 BW, in het bijzonder de daarin geregelde aansprakelijkheid voor zaken van art. 6:173 en 181. Bij de implementatie van de richtlijn werd onderkend dat een gebrekkig product in de zin van afd. 6.3.3 BW vaak ook zal kwalificeren als een gebrekkige roerende zaak, zodat zich gemakkelijk samenloop van afd. 6.3.2 met 6.3.3 BW kan voordoen.1 Daarom zijn deze twee afdelingen, die beide hun oorsprong vinden in de gedachte van bescherming tegen ‘bronnen van verhoogd gevaar’,2 op elkaar afgestemd: afd. 6.3.3 BW ziet op schade door gebreken die al bestonden op het moment waarop het product/de zaak in het verkeer werd gebracht, art. 6:173 en 181 zien op gebreken van de zaak die op later moment zijn ontstaan.3 Van belang is dat de regeling van de productenaansprakelijkheid van afd. 6.3.3. BW is beperkt tot degene die ‘beroeps- of bedrijfsmatig’ handelt (art. 6:185 lid 1 sub c). Hiermee is beoogd een kwalitatieve aansprakelijkheid voor schade door in de particuliere sfeer vervaardigde zaken te voorkomen.4 Nu afd. 6.3.3 BW voor gebrekkige producten aldus enkel een aansprakelijkheid van ‘de professional’ kent, komt het niet logisch voor dat in de hiermee nauw samenhangende aansprakelijkheidsregeling voor gebrekkige roerende zaken ex art. 6:173 jo. 181 de verhoudingen wezenlijk anders liggen. Het ligt met het oog op afd. 6.3.3 BW met andere woorden in de rede dat (ook) bij de aansprakelijkheid voor gebrekkige roerende zaken op grond van afd. 6.3.2 BW degene die bedrijfsmatig handelt (‘de professional’) voorop staat en niet de (particuliere) bezitter. Deze redenering zou overigens nog doorgetrokken kunnen worden naar de aansprakelijke personen voor schade door opstallen en dieren, aangezien hetgeen in dit verband voor art. 6:173 jo. 181 geldt ook van betekenis is voor de eveneens in art. 6:181 genoemde artikelen 6:174 en 179.5