Einde inhoudsopgave
Rechten van polishouders bij portefeuilleoverdracht, juridische fusie en juridische splitsing door verzekeraars (O&R nr. 148) 2024/8.7.2
8.7.2 Een verzekeringsportefeuille kan alleen worden overgedragen aan een andere verzekeraar
mr. A.M.M. Menken, datum 01-01-2024
- Datum
01-01-2024
- Auteur
mr. A.M.M. Menken
- JCDI
JCDI:ADS949831:1
- Vakgebied(en)
Verzekeringsrecht (V)
Voetnoten
Voetnoten
Art. 3:111c Wft: “Een levensverzekeraar, natura-uitvaartverzekeraar of schadeverzekeraar, niet zijnde een verzekeraar met beperkte risico-omvang, kan zijn rechten en verplichtingen uit verzekering uitsluitend overdragen aan een andere verzekeraar, niet zijnde een verzekeraar met beperkte risico-omvang. De Nederlandsche Bank kan echter toestaan dat de rechten en verplichtingen uit verzekering worden overgedragen aan een verzekeraar met beperkte risico-omvang, die onder prudentieel toezicht staat.”
Aanhangsel Handelingen II 2019/20, nr. 803, p. 2: “In de eerste plaats geldt dat een verzekeraar zijn verzekeringsportefeuille niet kan overdragen aan een private equitypartij, maar uitsluitend aan een andere verzekeraar. Dit volgt uit art. 3:111c van de Wft. Een private equitypartij kan wel de eigenaar zijn van een verzekeraar. In dat geval geldt de vvgb-plicht als omschreven in de beantwoording van vraag 2 en 7.”
Dit betreft blijkens art. 2:26h Wft levensverzekeraars en schadeverzekeraars die onder het toepassingsbereik vallen van de Solvency II richtlijn. Art. 2:48 Wft bepaalt dat het ook verboden is zonder een daartoe door DNB verleende vergunning het bedrijf uit te oefenen van levensverzekeraar, natura-uitvaartverzekeraar of schadeverzekeraar met beperkte risico-omvang.
Een verzekeraar kan de rechten en verplichtingen uit verzekering alleen overdragen aan een andere verzekeraar. Dat blijkt uit art. 3:111c Wft.1 In de antwoorden op Kamervragen aan Minister van Financiën Hoekstra over de rechten van consumenten bij fusies en overnames in de financiële sector werd wat dit betreft ook specifiek aan art. 3:111c Wft gerefereerd.2 Het blijkt echter ook uit andere bepalingen van afdeling 3.5.1A Wft: art. 3:112 Wft regelt immers de overdracht van rechten en verplichtingen uit levensverzekering door een levensverzekeraar aan een andere levensverzekeraar, art. 3:113 Wft regelt de overdracht van rechten en verplichtingen uit natura-uitvaartverzekering door een natura-uitvaartverzekeraar aan een andere natura-uitvaartverzekeraar of levensverzekeraar, art. 3:114 Wft regelt de overdracht van rechten en verplichtingen krachtens schadeverzekering door een schadeverzekeraar aan een andere schadeverzekeraar en art. 3:114a Wft regelt de overdracht van rechten en verplichtingen uit herverzekering door een herverzekeraar aan een andere herverzekeraar.
Hetzelfde volgt ook uit de tekst van art. 2:27 Wft en art. 2:26a Wft. Dat is relevant omdat er (zoals in hoofdstuk 3 besproken) ook overdrachten van portefeuilles met schadeverzekeringen en herverzekeringen kunnen plaatsvinden met toepassing van art. 6:159 BW maar zonder toepassing van afdeling 3.5.1A Wft. Op grond van art. 2:27 lid 1 Wft is het een ieder met zetel in Nederland verboden zonder een daartoe door DNB verleende vergunning het bedrijf uit te oefenen van levensverzekeraar of schadeverzekeraar.3 Op grond van art. 2:26a Wft is het een ieder met zetel in Nederland verboden zonder een daartoe door DNB verleende vergunning het bedrijf uit te oefenen van herverzekeraar. Een levensverzekeraar is “degene die zijn bedrijf maakt van het sluiten van levensverzekeringen voor eigen rekening en het afwikkelen van die levensverzekeringen”, een schadeverzekeraar is “degene die zijn bedrijf maakt van het sluiten van schadeverzekeringen voor eigen rekening en het afwikkelen van die schadeverzekeringen”, een herverzekeraar is “degene die zijn bedrijf maakt van het sluiten van herverzekeringen voor eigen rekening en het afwikkelen van die herverzekeringen”.4
Anders gezegd, indien een verzekeraar zijn verzekeringsportefeuille overdraagt aan een andere rechtspersoon dan is deze daardoor een verzekeraar en heeft deze een vergunning nodig van DNB. Het doet er niet toe of de verkrijger ook nieuwe verzekeringsovereenkomsten sluit of alleen verzekeringsovereenkomsten “afwikkelt”. Ook degene die een portefeuille met verzekeringen verwerft om deze af te wikkelen oefent blijkens deze definities het bedrijf uit van verzekeraar en heeft daarvoor een vergunning nodig van DNB.
Bij een portefeuilleoverdracht, juridische fusie of juridische splitsing kan het dus niet alleen noodzakelijk zijn om interactie te hebben met DNB in verband met de daarvoor op grond van de Wft vereiste instemming van DNB. Indien de verkrijgende rechtspersoon een nieuw opgerichte rechtspersoon is, zal deze een vergunning als verzekeraar moeten aanvragen.