Grensoverschrijdende fusies van kapitaalvennootschappen naar Nederlands recht
Einde inhoudsopgave
Grensoverschrijdende fusies van kapitaalvennootschappen naar Nederlands recht (VDHI nr. 109) 2011/2.6:2.6 De Richtlijn GOF
Grensoverschrijdende fusies van kapitaalvennootschappen naar Nederlands recht (VDHI nr. 109) 2011/2.6
2.6 De Richtlijn GOF
Documentgegevens:
mr. H.J.M.M. van Boxel, datum 11-05-2011
- Datum
11-05-2011
- Auteur
mr. H.J.M.M. van Boxel
- JCDI
JCDI:ADS430724:1
- Vakgebied(en)
Ondernemingsrecht / Europees ondernemingsrecht
Ondernemingsrecht / Rechtspersonenrecht
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Met de invoering van de Derde Richtlijn bestond binnen de lidstaten in ieder geval een gelijke basis voor interne fusies. Deze basis kon dienen als uitgangspunt voor een regeling met betrekking tot grensoverschrijdende fusies. Die regeling lijkt er ook daadwerkelijk te komen als de Europese Commissie in 1985 een voorstel voor een tiende richtlijn voor grensoverschrijdende fusies van naamloze vennootschappen doet.1
De oorspronkelijke gedachte (zoals verwoord in het OVIF) om de grensoverschrijdende fusie bij verdrag te regelen was verlaten.
Van Solinge geeft een overzicht van de (drie) redenen die ten grondslag lagen aan deze koerswijziging.2
In de eerste plaats kon door te kiezen voor een richtlijn in ruime mate worden verwezen naar de inmiddels in werking getreden Derde Richtlijn.
Als tweede argument geeft Van Solinge dat een richtlijn via de prejudiciële procedure het voordeel van eenvormige interpretatie door het HvJEU heeft. Een argument dat hem kennelijk niet overtuigt omdat ook het OVIF daar in voorzag.3
Het derde argument roept bij Van Solinge meer vragen op dan antwoorden. Het is het argument van de Commissie dat door de grensoverschrijdende fusie te behandelen als een bijzondere soort (interne) fusie zij in ruime mate wordt gedemystificeerd.
Wat er ook zij van de argumenten van de Commissie; met de indiening van het voorstel wordt een serieuze stap gezet in de richting van een regeling voor grensoverschrijdende fusies binnen de Europese lidstaten. Toch blijkt vervolgens dat het ontwerp te vroeg komt. Teveel vraagstukken met betrekking tot fiscaliteit, medezeggenschap en het toepassingsgebied blijven nadere uitwerking en vaststelling parten spelen.4
In 2005 echter, bleken veel van de problemen uit het verleden opgelost. Met name de uitgewerkte fusieregeling rond de SE heeft daar aan bijgedragen. De regeling rond de medezeggenschap bij de ontstaanswijzen van een SE wordt in nagenoeg dezelfde vorm van toepassing verklaard bij de grensoverschrijdende fusie zoals nader uitgewerkt in de Richtlijn GOF. De Richtlijn GOF wordt vastgesteld op 26 oktober 2005. Vervolgens wordt op 24 juni 2008 de Implementatiewet Richtlijn GOF vastgesteld in de Eerste Kamer. De wet treedt in werking op 15 juli 2008.5