De rechtsverhouding tussen erfpachter en erfverpachter (R&P nr. VG10) 2019/2.4.3
2.4.3 Rechtspraak 1992-2018
Jacqueline Broese van Groenou, datum 01-12-2018
- Datum
01-12-2018
- Auteur
Jacqueline Broese van Groenou
- JCDI
JCDI:ADS390837:1
- Vakgebied(en)
Goederenrecht / Genotsrechten
Voetnoten
Voetnoten
De uitspraken van de Hoge Raad over erfpachtverhoudingen zijn verzameld door raadpleging van het papieren register van de Nederlandse Jurisprudentie voor de jaren 1992-2009 en door raadpleging van rechtspraak.nl en Legal Intelligence voor de jaren 1995-2018. Geselecteerd zijn civiele uitspraken van de Hoge Raad waarin het zoekwoord erfpacht voorkwam, waarbij vaststond dat een erfpachtrecht gevestigd was en dat erfpachtrecht onderwerp van geschil vormde tussen erfpachter en erfverpachter. Ook uitspraken waarin primair een opstalrecht in het geding was, maar overigens dezelfde problematiek aan de orde was, zijn geselecteerd. In totaal zijn voor de periode 1992-2018 ruim 60 uitspraken van de Hoge Raad bestudeerd. Uitspraken die vooral betrekking hebben op algemene erfpachtvoorwaarden worden in hoofdstuk 3 behandeld. De lagere rechtspraak uit deze periode komt aan de orde bij de behandeling van de afzonderlijke onderwerpen in hoofdstukken 4-6, in deze paragraaf gaat het om de grote lijnen zoals uitgezet door de Hoge Raad. Uit de zoekacties op rechtspraak.nl voor de jaren 2009 en later blijkt dat het aantal Hoge Raad-uitspraken over erfpacht zeer gering is in verhouding tot het aantal oordelen van lagere rechters over erfpachtverhoudingen. Niet iedereen procedeert immers tot aan de Hoge Raad. Zoals uit onderstaande uitspraken blijkt zijn in cassatieprocedures vooral overheidsinstanties zoals gemeenten en waterschappen betrokken.
Ook voor de meest recente periode is bekeken of en op welke wijze de Hoge Raad in oordelen over erfpachtverhoudingen aandacht besteedt aan de rechtsverhouding tussen erfpachter en erfverpachter, inclusief daaruit voortvloeiende verbintenissen, welke terminologie daarbij wordt gebruikt en welk recht wordt toegepast.1 In deze periode worden van oorsprong verbintenisrechtelijke vraagstukken zoals de eisen van redelijkheid en billijkheid en uitleg meer systematisch toegepast op goederenrechtelijke verhoudingen. Hieronder worden deze twee lijnen in de jurisprudentie gevolgd, de toepassing van de eisen van redelijkheid en billijkheid in par. 2.4.3.1 en de leer van de uitleg toegepast op erfpachtvoorwaarden in par. 2.4.3.2. Binnen de categorieën worden de uitspraken in chronologische volgorde besproken en afgesloten wordt met een samenvatting van de bevindingen.
2.4.3.1 Redelijkheid en billijkheid2.4.3.2 Uitleg2.4.3.3 Samenvatting rechtspraak 1992-2018